zwanger-werk-rechten

Je bent zwanger of wilt zwanger worden: wat betekent dit voor jouw baan? Wat mag je verwachten van jouw werkgever en wat zijn je rechten? De belangrijkste regels zetten we op een rij.

Solliciteren/verlengen arbeidsovereenkomst

Heb je nog geen baan? Dan is het goed om te weten dat je tijdens je sollicitatie niet hoeft te vertellen dat je zwanger bent of wilt worden: een potentiële werkgever mag hier niet naar vragen. Doet-ie dat wel, dan hoef je hier niet eerlijk op te antwoorden. Daarbij mag een zwangerschap sowieso geen reden zijn om je niet aan te nemen (of om je contract niet te verlengen), want dan is er sprake van zwangerschapsdiscriminatie. 

 

Ziekenhuisafspraken

Als je niet op een natuurlijke manier zwanger kunt worden, zijn verschillende bezoeken aan specialisten nodig. Deze kunnen vaak niet vooraf en allemaal buiten werktijd gepland worden, dus het is in de eerste plaats belangrijk om je werkgever hierover te informeren. 

Verder goed om te weten: voor de medische afspraken die niet buiten werktijd gepland kunnen worden, hoeven jij en je partner geen vrije dagen op te nemen. Jullie hebben namelijk recht op calamiteiten- en ander kort verzuimverlof met behoud van loon (Wet (WAZO)). Dit is een minimumregel. In sommige cao’s zijn aanvullende afspraken gemaakt.

Kun je als gevolg van de behandeling niet werken, dan mag jij je ziekmelden. Sowieso is ziekmelden tijdens een ivf-behandeling geoorloofd op de dag van de punctie en/of op de dag van de embryoterugplaatsing.

 

Lees ook
Man schrijft indrukwekkende column over postnatale depressie van zijn vrouw >

 

Zwanger aan het werk

Je bent zwanger, en dan? Volgens de wet ben je verplicht om dit uiterlijk drie weken voor de ingang van het zwangerschapsverlof bij de werkgever te melden (ongeveer zeven weken voor de uitgerekende datum). Toch is het verstandig om het al eerder door te geven, want je krijgt pas recht op wettelijke bescherming tijdens je zwangerschap nadat de werkgever erover is geïnformeerd. Je werkgever zal vragen om een zwangerschaps- verklaring met daarop de vermoedelijke bevaldatum. Deze kan je opvragen bij jouw verloskundige of gynaecoloog.

Vervolgens is je werkgever verplicht je binnen twee weken nadat je hebt gemeld dat je zwanger bent, te informeren over:

  • de mogelijke gevaren van het werk voor jou en jouw (ongeboren) kind tijdens de zwangerschap en de borstvoeding;
  • de maatregelen om deze gevaren te voorkomen / beperken;
  • de aanpassing van de werk- en rusttijden;
  • de arbeidsvoorwaardelijke consequenties;
  • de afsluitbare rustruimte.

 

Aanpassing van werk- en rusttijden

Zolang je zwanger bent en tot zes maanden na de bevalling heb je recht op aanpassing van de arbeids- en rusttijden. Dit houdt in: extra pauzes (tot 1/8 van de arbeidstijd) bovenop de reguliere pauzes, regelmatige arbeids- en rusttijden, maximaal tien uur arbeid per dienst en gemiddeld 45 uren arbeid per week berekend per periode van zestien weken én vrijstelling van de verplichting tot het verrichten van overwerk of nachtdiensten.

 

Rustruimte

Zowel in de tijd dat je zwanger bent als tijdens de borstvoedingsperiode moet er op je werk een rustruimte beschikbaar zijn. De ruimte moet van binnenuit afgesloten kunnen worden, hygiënisch zijn, voldoende privacy bieden, geschikt zijn om uit te rusten en in de ruimte moet een (opvouwbaar) bed of een rustbank staan. In de praktijk blijkt vaak dat zo'n bank of bed niet past, ga dan met elkaar het gesprek aan en bekijk hoe een passende oplossing kan worden gevonden.

Ook voor tillen, hurken, knielen, bukken, etc. gelden tijdens je zwangerschap en borstvoeding extra regels. Volgens de wet is het verboden om: 

  • Dagelijks meer dan een keer per uur te hurken, knielen, bukken of staande voetpedalen bedienen tijdens de laatste drie maanden van de zwangerschap;
  • Meer dan tien kilo in één handeling te tillen tijdens de hele periode dat je zwanger bent en tot drie maanden na de bevalling;
  • Meer dan tien keer per dag gewichten van meer dan vijf kilo te tillen vanaf de twintigste week van de zwangerschap;
  • Meer dan vijf keer per dag gewichten van meer dan vijf kilo te tillen vanaf de dertigste week van de zwangerschap.

 

Verlof

Gedurende het hele verlof heb je recht op een Ziektewetuitkering van honderd procent van jouw (maximum) dagloon. Meestal wordt deze uitkering door het UWV uitbetaald aan je werkgever die dit vervolgens doorbetaalt.

 

Zwangerschapsverlof

Het verlof begint vier tot zes weken voor de vermoedelijke datum van bevalling. De exacte ingangsdatum mag je zelf bepalen, maar werk je door tot na vier weken voor de uitgerekende datum, dan riskeert jouw werkgever een boete van de Inspectie SZW. Let erop dat de dag waarop je bevalt nog hoort bij het zwangerschapsverlof. Het bevallingsverlof begint de dag ná de bevalling.

 

Bevallingsverlof

Uiterlijk binnen twee dagen na de bevalling moet je bij jouw werkgever melden dat jouw kind is geboren. Het bevallingsverlof duurt tien tot twaalf weken, afhankelijk van de duur van het zwangerschapsverlof.

Toch kunnen er zich verschillende situaties voordoen die gevolgen hebben voor de totale duur van het verlof:

  • Je bevalt zes weken (of meer) te vroeg: vanaf de datum van bevalling heb je recht op zestien weken verlof.
  • Je bevalt te vroeg, binnen de periode van zes weken voor de uitgerekende datum: het zwangerschaps- verlof wijzigt niet en ook het bevallingsverlof eindigt op de geplande datum, bijvoorbeeld tien weken na de uitgerekende datum, wanneer je zes weken voor die tijd met verlof bent gegaan. Je hebt dus nog enige tijd zwangerschapsverlof terwijl je al bevallen bent.
  • Je bevalt na de uitgerekende datum: de periode van het zwangerschapsverlof wordt verlengd met de dagen dat je later bevalt. Aan de duur van je bevallingsverlof verandert niets. Deze dagen komen dus bovenop de totale verlofperiode van zestien weken.
  • Ziekenhuisopname kind (couveuseregeling): wordt jouw kind om medische redenen opgenomen in het ziekenhuis? Dan wordt het bevallingsverlof verlengd met de duur van de opname vanaf de achtste dag tot maximaal tien weken.

 

Deeltijd bevallingsverlof

De eerste zes weken na de bevalling mag je niet werken. Ga je in deze periode wel aan het werk, dan riskeert jouw werkgever een boete. Na zes weken voltijd bevallingsverlof kan je ervoor kiezen om het resterende verlof in deeltijd op te nemen. De totale verlofduur blijft dan hetzelfde, alleen neem je het gespreid op over een periode van maximaal dertig weken. Een verzoek voor deeltijd bevallingsverlof moet uiterlijk drie weken na de bevalling bij de werkgever worden ingediend. Een later ingediend verzoek hoeft de werkgever niet in behandeling te nemen.

Bron: Nspire Advocatuur

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

tips-gewichtscoach-afvallen-niet

Door die schappen vol met pepernoten en kerstkransen ben je waarschijnlijk nog lang niet bezig met de nieuwjaarsvoornemens. Hoeft ook niet, maar mócht je je op 1 januari toch bedenken, dan heb je ongetwijfeld wat aan deze tips van gewichtscoach Mieke Kosters.

1. Leef niet volgens de regels van een ander


Je eetpatroon van de ene op andere dag omgooien? Echt. Niet. Doen. Dit houdt niemand vol. De kans dat je na een paar dagen weer in je oude patroon valt, is groot. Afvallen gaat in kleine stappen: luisteren naar je lichaam, eigen keuzes maken. Dus niet opeens gaan leven volgens de regels van een ander. Of dat nu Sonja Bakker, Fajah Lourens of Rens Kroes is. Blindelings anderen volgen, doe je alleen maar tijdelijk. Daar gelooft Mieke niet in: "Je moet in jouw huidige leven, met de dingen die jij lekker vindt en die bij jouw gezinssituatie passen, een manier zoeken om in balans te blijven", legt ze uit. "Je hebt simpelweg drie knoppen om aan te draaien: ‘meer bewegen', ‘minder eten' en ’snelheid van afvallen'. Zorg dat je deze drie factoren in een evenwicht brengt waarmee je tevreden afvalt, eet en beweegt. Dát werkt. En dan hoef je nooit apart te eten van je gezin en eet je nog steeds de dingen die jij lekker vindt."
 

Lees ook
5 steengoede afvaltips voor de laatste 5 kilo

 

 

2. Laat lekkere dingen niet altijd staan


Bijna elk dieet draait om wat je allemaal níet meer mag eten. Je start daardoor met een negatieve kijk op afvallen: jij moet weer streng zijn en afzien. Niet doen: regievol afvallen is veel leuker dan machteloos overeten. Draai je mindset om: Jij mag alles eten, je wilt het niet langer. Je kiest ervoor om slanker te worden (en te blijven). Als je zo redeneert, ben je zelf de baas over je eetgedrag en heb jij de regie. Er zijn geen verboden middelen, want als je geen chocola mag, wil je het juist. Dan ben je alleen maar bezig met al die lekkere dingen die aan jouw neus voorbijgaan en da's zonde. Je mag alles, je kiest zelf. Niet meer al het lekkers, wel het allerlekkerste. Dan val je af en eet je super lekker, ja, ook wijn en chocola.
 

 

3. Roep niet de hele dag 'arme ik'

'Alle slanke mensen kunnen altijd alles eten': arme ik. 'Zij vallen veel sneller af': arme ik. 'Oh, ik moet wéér streng zijn': arme ik. Stop met deze negatieve gedachten, want blijf je 'arme ik' roepen, dan zal het jou niet lukken om lange tijd op je gewicht te blijven: niemand kan een heel leven afzien. Dus stuur ‘arme ik’ de deur uit. Stop met vergelijken en kies het eetgedrag waar jij blij van wordt. Pak de regie. Jij bepaalt wat je in je mond stopt. Je hebt een keuze. 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

 

Editor's note: dit artikel is al een keer eerder gepubliceerd.

gescheiden-ouders-herkenbaar

Sinds de scheiding loopt blogger en moeder Michelle Dempsey tegen een hoop dingen aan. Op Scary Mommy zet ze vijf punten op een rij, in de hoop dat andere (gescheiden) ouders zich hierin herkennen.

1. Je propt 'jouw dagen' helemaal vol

"Voor mijn scheiding haalde ik mijn dochter op van school, liet ik haar achter bij de oppas en ging ik weer aan het werk. Nu, op de dagen dat ze bij mij is, stopt de wereld om 15.00 uur. Ik zorg ervoor dat er geen mailtje belangrijker is dan het avondeten met mijn dochter, en dat ik haar rondjes kan zien draaien, met haar kan kleuren of dat we samen lieveheersbeestjes kunnen zoeken in de achtertuin."

 

2. Je worstelt met het ritme van je kind

"Ik heb zo mijn best gedaan om mijn dochter in haar eigen bed te laten slapen, maar toen ze na de vakantie bij haar vader weer terugkwam, was dat hele ritme (je raadt het al) weg. Het is niet dat mijn ex mijn harde werk opzettelijk wilde saboteren, het is gewoon moeilijk om op twee plekken consistent te blijven."

 

Lees ook
Co-ouderen na de scheiding: 'Het gemis van je kinderen went nooit' >

 

3. Je vraagt je steeds af of je het niet verknoeit

"Het eerste wat in me opkomt als m'n zoon weer een 'Ik wil mama-meltdown' heeft, is: 'Krijgt hij hier op latere leeftijd last van?' Vervolgens krijg ik een schuldgevoel en moet ik mezelf er weer even aan herinneren waarom mijn ex en ik op dit punt waren beland. 'Het is beter zo', zeg ik dan steeds. 'Dit is beter dan getuige moeten zijn van twee ruziënde ouders.'"

 

4. Je mist van alles

"Natuurlijk is er niets mooiers dan vrolijke FaceTime-telefoontjes van mijn dochter krijgen als ze bij haar vader is, maar als ze dan vertelt dat ze bij Disney on Ice was en haar held Elsa zag, baal ik dat ik daar niet bij was. Want dat is wat het ouderschap zo mooi maakt."

 

5. Je voelt je rot om een uitnodiging af te slaan omdat je kind dat weekend niet bij jou is

"Er is niets erger dan dat. Het blijft rot dat mijn kind een samenzijn met vrienden of een weekend met familie mist, omdat ons schema dat niet toelaat. En hoe hard je ook probeert om van te voren te plannen, er zijn altijd last-minute speelafspraken of bezoekjes van familie."

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >