Kinderartsen adviseren ouders om hun baby geen vitamine D-druppels met de toevoeging propylgallaat (E310) te geven: het is niet bekend of deze stof wel veilig is voor kinderen onder de 1 jaar.
Lees verder onder de advertentie
Ook is het wettelijk verboden om propylgallaat voor jonge kinderen te gebruiken, blijkt uit onderzoek van RTL Nieuws.
Extra vitamine D
Jonge kinderen maken zelf nog te weinig vitamine D aan en daarom krijgen ouders in Nederland het advies om hun kind tot vier jaar extra vitamine D te geven. “Maar het is niet 100 procent zeker aangetoond dat de betreffende druppels veilig zijn voor kinderen in het eerste levensjaar”, zegt Károly Illy, voorzitter van de Nederlandse vereniging voor kindergeneeskunde (NVK) tegen de nieuwssite. “Dat betekent dat wij alle Nederlandse kinderartsen hebben meegegeven aan ouders door te geven druppels te kiezen waar geen propylgallaat in zit.” Ook de verenigingen van gynaecologen, verloskundigen, jeugdartsen en huisartsen zijn volgens de voorzitter op de hoogte gesteld.
RTL Nieuws deed onderzoek in verschillende grote drogisterijen en ontdekte dat E310 in ‘Vitamine D Aquosum’ en ‘Vitamine D Aquosum suikervrij’ van het merk Davitamon zit. Maar of je nu gelijk in paniek moet schieten als jij deze druppels aan je kind geeft? Volgens Illy niet. “Als je bij de drogist staat, kies dan voor de zekerheid het flesje waar dit spul niet in zit.” Ook Davitamon ziet geen reden tot zorg: in een dagdosering van de genoemde producten zit volgens het bedrijf een hoeveelheid propylgallaat die kleiner is dan 0,005 procent van wat een kind van 5 kilo maximaal mag innemen per dag.
Natuurlijk hoop je dat je kind later een beetje aardig is voor de mensen om zich heen. Dat-ie iemand helpt die valt, niet voordringt bij de bakker en ooit uit zichzelf zijn broer of zus een koekje aanbiedt. Dat laatste is misschien wat ambitieus. Maar hoe leer je een kind eigenlijk om vriendelijk en empathisch […]
Toen we de naam van onze zoon bekendmaakten, waren mijn ouders niet bepaald enthousiast. Vooral de buitenlandse uitspraak vonden ze maar overdreven. Ik dacht dat ze er vanzelf aan zouden wennen. Inmiddels is mijn zoon vier en spreken opa en oma zijn naam nog steeds anders uit.
Toen Louis (3) zijn ouders ervan probeerde te overtuigen dat hij prima zonder zijwieltjes kon fietsen, namen ze hem niet meteen serieus. Toch besloten Joyce en haar man de proef op de som te nemen. Dat pakte totaal anders uit dan verwacht.
Kinderen hebben niet veel nodig om zich urenlang te vermaken. Geef ze een lege doos en ze bouwen een huis. Een oude deken wordt een tent, een pollepel een microfoon en een wc-rolletje is binnen drie seconden een verrekijker. En soms hebben ze aan een zolder genoeg.
‘Daar praten we niet over waar de kinderen bij zijn.’ Geld was vroeger in veel gezinnen ongeveer net zo’n gezellig gespreksonderwerp als de belastingaangifte.
Niet praten na een ruzie, je kind vergelijken met anderen of nooit toegeven dat je fout zat. Voor veel boomerouders waren bepaalde opvoedgewoontes heel normaal. Volgens deskundigen kunnen sommige daarvan nog jaren doorwerken in de relatie met hun volwassen kinderen.