Beeld: Canva
Kinderen hebben niet veel nodig om zich urenlang te vermaken. Geef ze een lege doos en ze bouwen een huis. Een oude deken wordt een tent, een pollepel een microfoon en een wc-rolletje is binnen drie seconden een verrekijker. En soms hebben ze aan een zolder genoeg.
Lees verder onder de advertentie
Nathalie (35) is al 4 getrouwd met Tom (37) en moeder van dochter Julia (7). Nathalie: “Mijn dochter Julia en haar neef Mats (11) hebben aan één ding genoeg: elkaar. Ze zijn onafscheidelijk. Beste vrienden, zeggen ze zelf. Dat klopt ook. Waar Julia is, is Mats. Waar Mats zit, staat Julia binnen een minuut naast hem. Ze kunnen samen giechelen om helemaal niets, ruzie maken om een stift en vijf minuten later weer verdergaan alsof er nooit iets is gebeurd. Ze vormen samen een team. Een team waar wij volwassenen geen toegang toe hebben.
Lees verder onder de advertentie
De zolder
Mijn ouders wonen nog altijd in het huis waar ik ben opgegroeid. Een huis vol herinneringen, oude meubels en spullen die al jaren weg kunnen, maar om de een of andere reden toch steeds blijven staan. Vooral de zolder is een wereld op zich. Het is zo’n enorme zolder waar je helemaal rond kunt lopen. Je gaat achter een rij kasten langs, wurmt je tussen dozen door, loopt om de schoorsteen heen en komt via de andere kant weer terug. Er staan oude koffers, duivenkooitjes, kerstversiering, boeken, kleding, speelgoed, fotoboeken, lampen die waarschijnlijk al sinds 1998 niet meer werken en een oude typemachine waarvan niemand weet waarom die nog niet naar de kringloop is gebracht.
Lees verder onder de advertentie
Mijn moeder zegt al twintig jaar dat ze de zolder echt eens gaat uitzoeken. Dat gebeurt natuurlijk nooit. Als kind vond ik die zolder geweldig. Er was altijd wel iets te ontdekken. Een verkleedjurk, een doos met oude tijdschriften of een vergeten spel waarvan de helft van de pionnen ontbrak. Voor Julia en Mats is het blijkbaar nog steeds een soort schatkist.
Iedere keer naar zolder
Want iedere keer als we bij mijn ouders zijn, gebeurt hetzelfde. Mats ziet Julia, Julia ziet Mats en nog voordat iemand koffie heeft ingeschonken, verdwijnen ze samen naar boven. In het begin vonden we dat vooral heel prettig. Twee kinderen die zichzelf vermaken: iedere ouder weet dat je daar niet te veel vragen over moet stellen. Het was bijzonder om te zien hoe vanzelfsprekend hun band was. Samen hadden ze hun eigen regels, grappen en plannen. Alleen wisten wij niet wat die plannen waren.
Lees verder onder de advertentie
Gewoon spelen
Na een paar bezoekjes begon ik me af te vragen wat ze daar toch uitvoerden. Ze zaten soms uren boven. Zo lang dat ik op een gegeven moment vergat dat ze überhaupt nog op zolder waren. Als ik Julia vroeg wat ze hadden gedaan, kreeg ik steevast hetzelfde antwoord: niets. Toen begonnen er dingen te verdwijnen. Julia vroeg oma om plakband, Mats wilde kaartjes om op te schrijven en een week later waren vier wasknijpers en een rol rood lint spoorloos.
Lees verder onder de advertentie
Tom vond het allemaal prachtig. Volgens hem moesten we ze gewoon hun gang laten gaan. Dat is makkelijk praten als je zelf niet nieuwsgierig bent aangelegd. Ik ben dat wel. Zeker toen mijn vader op een zondag vroeg waar zijn oude wandelstok was gebleven. Die stond altijd op zolder. Volgens Mats was hij ‘onderdeel van het project’.
Onderzoek
Dus toen Mats zoals altijd vroeg of Julia meeging naar zolder, wachtte ik een paar minuten en sloop achter ze aan. Een volwassen vrouw van 35 die op haar sokken twee kinderen afluistert. Niet mijn meest trotse moment. Boven hoorde ik geschuif met dozen. Toen ik naar binnen keek, wist ik niet wat ik zag.
Lees verder onder de advertentie
De hele zolder was veranderd. Overal stonden spullen uit dozen, er hingen handgeschreven bordjes en met plakband waren pijlen op de vloer gemaakt. Mats en Julia hadden een museum gebouwd: het Museum van Opa en Oma. Bij de ingang stond: Volwassenen: 2 euro, Kinderen: gratis, Opa en oma: ook gratis, want het gaat over hun. Ik wist niet of ik moest lachen of eerst moest vragen waar mijn vaders wandelstok was.
Tentoonstelling
Bij ieder voorwerp hadden ze hun eigen geschiedenis bedacht. Bij de oude typemachine stond: Hier schreef oma vroeger berichten naar de koning. Bij een vergeelde foto van mijn vader: Opa toen hij profvoetballer was. Hij moest stoppen door zijn knie. In werkelijkheid had mijn vader één seizoen bij een plaatselijke club gevoetbald.
Lees verder onder de advertentie
Een oude koffer was gebruikt toen opa en oma ‘naar een geheim land waren gevlucht om te trouwen’. En een porseleinen hond was volgens Julia ooit oma’s eerste huisdier geweest. Dat hij van aardewerk was, maakte niets uit. ‘Hij is later gewoon een beeldje geworden.’
De wandelstok
Aan het einde van de route lag de verdwenen wandelstok op twee schoenendozen, met het rode lint eromheen. Ernaast stond: DE WANDELSTOK VAN OPA. Heel bijzonder. Niet aanraken. Hiermee beklom opa vroeger bergen. Mijn vader keek ernaar en begon te lachen. ‘Ik heb nog nooit een berg beklommen.’ Mats keek hem bloedserieus aan. ‘Nee, maar anders is het een beetje saai.’ Daar kon opa het mee doen.
Lees verder onder de advertentie
Blijkbaar waren ze hier al weken mee bezig. Iedere keer als Mats vroeg of Julia meeging naar zolder, zochten ze nieuwe spullen, verzonnen ze verhalen en breidden ze hun museum verder uit. Mijn moeder vond zelfs een gastenboek waarin ze alvast recensies hadden geschreven: Heel mooi museum. Vijf sterren. Veel geleerd over opa. Oma was vroeger bijna beroemd.
Niet af
Het museum mocht blijven, maar er kwamen wel wat regels. Geen spullen meenemen zonder toestemming en geen antieke meubels versieren met rood lint. Sindsdien krijgen we regelmatig een rondleiding als we bij mijn ouders zijn. Iedere keer is er wel iets veranderd. Een voorwerp heeft een nieuw bordje gekregen, er is een ‘zaal’ bij gekomen of opa en oma blijken weer een avontuur te hebben meegemaakt waar ze zelf niets vanaf weten.
Lees verder onder de advertentie
Eerlijk gezegd vind ik het inmiddels vooral geweldig dat Mats en Julia dit samen hebben bedacht. En hoe vaak ik inmiddels ook een rondleiding heb gehad: het Museum van Opa en Oma is nog lang niet af. Met minstens veertig ongeopende dozen op zolder vrees ik dat mijn ouders nog een behoorlijk interessant verleden tegemoetgaan.”