Verloskundige Jef: ‘Mijn gouden tip voor mannen tijdens een wee? Hou je mond’

Jef de verloskundigen Beeld: Elvin Boer via KRO-NCRV

Duizenden bevallingen, nachtelijke telefoontjes en hormonale zwangeren: verloskundige Jef draait er met 27 jaar ervaring zijn hand niet meer voor om. Al bijna 25 jaar runt hij samen met compagnon Marian een eigen praktijk. Als man in een wereld vol zwangere vrouwen houdt hij het vooral nuchter: duidelijke taal, veel humor en precies weten wat je tijdens een wee vooral níét moet doen.

Lees verder onder de advertentie

Dat Jef ooit verloskundige zou worden, stond niet van jongs af aan vast. Hij wist vooral dat hij iets in de zorg wilde doen. Tijdens zijn opleiding maakte hij kennis met verpleegkunde én verloskunde. Die eerste richting bleek al snel niet voor hem weggelegd. Hij heeft veel respect voor mensen die het werk doen, benadrukt hij, maar zelf voelde hij dat het niet bij hem paste.

Lees verder onder de advertentie

Wél leuk

Verloskunde was een ander verhaal. “Je komt in aanraking met jonge, gezonde mensen en meestal met een heel blije gebeurtenis”, vertelt Jef. Die combinatie trok hem meteen. Dat hij daarmee in een vak terechtkwam waarin hij voornamelijk met vrouwen werkt, hoorde er simpelweg bij. Zijn omgeving reageerde vooral positief op zijn keuze. Ja, een man die verloskundige werd was – en is – misschien wat bijzonderder. Maar gek? Helemaal niet. “Waarom niet eigenlijk?”

Lees verder onder de advertentie

Inmiddels runt hij al bijna 25 jaar samen met Marian een eigen praktijk. De twee kennen elkaar inmiddels door en door. “We kunnen echt lezen en schrijven met elkaar. Flinke discussies zijn op één hand te tellen en gingen dan ook nog over kleine dingen.”

Hun samenwerking werkt volgens Jef juist omdat ze verschillend zijn. Hij houdt zich wat meer bezig met de zakelijke kant van de praktijk, Marian meer met de zorgkant. “Samen vullen we elkaar goed aan.” Hij vergelijkt het zelf met een goed huwelijk. Een klein, solide team waarin ze precies weten wat ze aan elkaar hebben.

Een man aan je bed

Natuurlijk komt het voor dat een zwangere liever geen mannelijke verloskundige wil. Daar heeft Jef alle begrip voor. Bij zijn praktijk is vanaf de aanmelding duidelijk dat er een man werkt. Wie daar echt niet comfortabel mee is, kan voor een andere praktijk kiezen.

Dat klinkt misschien streng, maar praktisch kan het volgens Jef niet anders. Als hij dienst heeft, kan er niet voor iedere cliënt een vrouwelijke collega achter de hand worden gehouden. Andersom zijn er ook vrouwen die juist per se Jef bij hun bevalling willen. Ook dat kan hij niet beloven. “Als jij per se bij mij wilt bevallen, kan ik dat niet garanderen. Ik ben soms ook vrij en ik ben soms ook op vakantie.”

Lees verder onder de advertentie

Voor hem draait goede zorg uiteindelijk niet om man of vrouw zijn, maar om vertrouwen. Bij lichamelijk onderzoek hoort voorzichtigheid en respect vanzelfsprekend te zijn. “Maar dat vind ik niet eigen aan het man- of vrouw-zijn.” Zijn eigen stijl? Nuchter, duidelijk en met humor. De praktijk noemt hij no-nonsense en gezellig; hij hoort regelmatig terug dat vrouwen dat juist prettig vinden.

‘Ik weet niet hoe een wee voelt’

Maar kun je je als man écht inleven in een zwangerschap en bevalling? “Ik weet niet wat een wee is en ik weet niet hoeveel pijn het doet, maar volgens mij hoeft dat goede begeleiding helemaal niet in de weg te staan.” Wat hij vooral nooit zal doen, is de pijn of emoties onderschatten en bagatelliseren. Geen ‘ach joh, het zijn je hormonen’ of ‘stel je niet aan’.

Lees verder onder de advertentie

Het gaat volgens Jef juist om erkenning: serieus nemen wat iemand ervaart, ook als je het zelf nooit hebt gevoeld. “Je moet rekening kunnen houden met hoe het voor iemand voelt.” Een goede tandarts hoeft tenslotte ook niet zelf enorme tandpijn te hebben gehad om een patiënt te kunnen helpen.

En ja, soms helpt humor. Zeker omdat hij zwangeren gedurende hun zwangerschap leert kennen, voelt hij meestal goed aan wanneer een grapje kan. “Soms kan een grapje prima helpen om even te doorbreken dat het allemaal heel zwaar is.”

Hormonen? Prachtig!

Op de vraag wat hij zo leuk vindt aan zijn werk, gaf Jef eerder een opvallend antwoord: de hormonale zwangere vrouw. Want zwangerschapshormonen kunnen volgens hem werkelijk alle kanten op gaan. “Van links naar rechts, van boven naar onder. Ik vind het interessant om te zien wat die hormonen met iemand doen, inclusief de momenten waarop een vrouw misschien zelf beseft dat ze er iets meer last van heeft dan ze zou willen toegeven.”

Lees verder onder de advertentie

Dat betekent overigens niet dat hij alles afdoet als ‘de hormonen’. Juist niet. Eerst erkennen wat er gebeurt, daarna kijken wat iemand nodig heeft. De combinatie van serieus nemen én soms kunnen relativeren, past precies bij zijn manier van werken.

Hetzelfde geldt voor angst. Wanneer een zwangere bang is voor haar bevalling, zal Jef niet snel roepen dat alles goed komt. “‘Het komt wel goed’ is de slechtste zin die je in de zorg kunt zeggen. Die garantie kun je immers niet geven.” Hij zoekt liever uit waar de angst vandaan komt. Is iemand bang voor pijn, voor het onbekende of dat er iets met haar of de baby gebeurt? “Dan ga je in gesprek. Waar zit je angst in? Pas daarna kun je uitleg geven en proberen die angst kleiner te maken.”

Gouden tip

Niet alleen zwangeren zijn in 27 jaar veranderd. Partners zijn volgens Jef tegenwoordig veel meer betrokken. Ze gaan mee naar controles, volgen zwangerschapscursussen en bereiden zich samen voor op de geboorte. Een positieve ontwikkeling, vindt hij.

Maar zodra de weeën beginnen, gaat het nog weleens mis. Hij ziet partners die tijdens een wee ineens fanatiek beginnen te praten, drinken aanbieden of met een washandje in de weer gaan. Allemaal goed bedoeld, terwijl de bevallende vrouw daar misschien totaal niet op zit te wachten.

Jefs gouden regel? “Als een vrouw een wee heeft: zeg niks. Hou je mond en kijk wat zij wil.” Niet onmiddellijk in de reddersmodus schieten dus. Eerst kijken en luisteren. En één bepaald grapje hoort hij gelukkig steeds minder vaak: de vraag of er na het hechten ‘een extra steekje’ bij kan. Daar zit volgens hem werkelijk geen enkele vrouw op te wachten.

Lees verder onder de advertentie

Wat nooit verveelt, is het moment ná de geboorte. De moeder is vaak nog aan het bijkomen, terwijl haar partner compleet overdonderd en soms tot tranen toe geroerd naar de baby kijkt. “Dat zijn zulke momenten van het vak waar je het voor doet.”

Van Google-dokters tot rustige nachtdiensten

In bijna drie decennia zag Jef de verloskunde flink veranderen. Er is bijvoorbeeld veel meer aandacht voor de mentale kant van een zwangerschap en partners worden serieuzer betrokken. Maar er is ook: dokter Google.

Zwangeren zoeken veel zelf op en trekken soms alvast hun eigen medische conclusies. Zo krijgt hij weleens iemand aan de telefoon die ervan overtuigd is zwangerschapsvergiftiging te hebben, terwijl dat bij een zwangerschap van 10 weken helemaal niet kan.

Daarnaast ziet hij dat het leven voller is geworden. Werk, gezin, hobby’s, sociale afspraken: alle ballen moeten in de lucht blijven. Volgens Jef zijn mensen daardoor vaker gespannen.

Zelf veranderde hij natuurlijk ook. Toen hij begon was hij twintig en waren de meeste zwangeren ouder dan hij. Inmiddels is Jef 47 en ouder dan vrijwel iedere zwangere die tegenover hem zit. “Voor sommigen had ik hun vader kunnen zijn.” Ook nachtdiensten voelen inmiddels anders. Vroeger vond hij het bijna jammer als er tijdens een dienst géén bevalling kwam. Tegenwoordig kan hij een rustige nacht best waarderen. “Als je twintig bent en je hebt een nacht doorgehaald, ga je gewoon door. Nu duurt het herstel soms iets langer.”

Lees verder onder de advertentie

Paniek helpt niemand

Hoeveel bevallingen je ook hebt meegemaakt, sommige situaties worden nooit routine. Door opleiding, jaarlijkse trainingen en vooral veel ervaring weet Jef in noodsituaties meestal rustig te blijven. “Paniek helpt niemand.” Dat betekent niet dat hij nooit spanning voelt.

Een complicatie als een schouderdystocie, waarbij na de geboorte van het hoofdje de schouders van de baby niet direct komen, kan ontzettend heftig zijn. Zeker bij een thuisbevalling, omdat er onmiddellijk gehandeld moet worden. Jef heeft zulke situaties meegemaakt. “Het liep gelukkig goed af, maar op zo’n moment staat ook bij mij het zweet op mijn rug. De rust moet er aan de buitenkant zijn; het besef hoe heftig iets was, komt soms pas achteraf.”

Lees verder onder de advertentie

De meeste werkdagen kan hij thuis redelijk goed loslaten. Heftige gebeurtenissen zijn een ander verhaal. Een miskraam, een stilgeboorte of een bevalling waarbij iets ernstig misgaat, kan ook hem langer bezighouden. “Dat vind ik een van de moeilijkste kanten van mijn vak: soms kun je simpelweg niets meer oplossen. Dan zie je je beperking als mens, dat je daar niks aan kunt doen.”

‘Niet mijn bevalling’

Ook wanneer een bevalling anders loopt dan gehoopt, moet Jef kunnen loslaten. Soms begeleidt hij iemand de hele zwangerschap, maar blijkt tijdens de bevalling dat medische zorg nodig is en moet hij de zorg overdragen aan het ziekenhuis.

Natuurlijk vindt hij het soms jammer dat hij er niet tot het einde bij kan zijn. Maar uiteindelijk draait het niet om hem. “Het is niet mijn bevalling. Als iemand bijvoorbeeld pijnstilling of bijstimulatie nodig heeft die ik niet kan bieden, is overdragen de juiste keuze. Ik kan moeilijk doorgaan omdat ík het zo leuk zou vinden om de baby geboren te zien worden.”

De eerste keer

Na al die jaren heeft Jef zoveel bevallingen meegemaakt dat hij ze onmogelijk allemaal kan onthouden. Maar zijn eerste weet hij nog precies. Die vond plaats in Zaandam. Hij weet nog waar het was en hoe het ging. Destijds voelde het als een flinke vuurdoop: ineens stond hij daar en moest hij het zelf doen. Met de ervaring van nu kijkt hij er anders op terug, maar juist omdat alles toen nieuw was, staat die bevalling in zijn geheugen gegrift.

Ook de uitersten blijven hangen: heel emotionele, mooie geboortes, maar helaas ook zwangerschappen waarbij het niet goed afloopt. En hoe vaak hij het ook ziet, het moment waarop een gezonde baby wordt geboren en de ouders hun kind voor het eerst zien, blijft bijzonder.

Cameraploeg

Recent kreeg Jef er nog een bijzondere ervaring bij toen hij werd gevolgd voor een tv-serie over verloskundigen. In eerste instantie moest hij daar wel even over nadenken. Wilde hij echt een cameraploeg achter zich aan tijdens zijn werk?

De insteek trok hem uiteindelijk over de streep: laten zien hoe het leven van een verloskundige er écht uitziet. Controles en huisbezoeken werden ook niet nagespeeld. “Er was niks in scène gezet.” Zichzelf terugzien was soms wel even wennen. Zeker bij privémomenten, zoals een scène waarin hij met zijn man de honden uitlaat terwijl er een cameraploeg bij staat. “Dan zeggen ze: jongens, ga maar wandelen en doe maar wat. Ja, wat moet je dan anders doen?”

Toch herkende hij zichzelf uiteindelijk goed in de serie. Vooraf mochten de deelnemers bovendien meekijken om te controleren of de medische inhoud en tijdlijn klopten. “Het werk is heel mooi in beeld gebracht, dus ik heb absoluut geen spijt dat ik heb meegedaan.”

Candy Crush

Na een werkdag vol zwangeren, hormonen en soms heftige situaties ontspant Jef opvallend simpel. Geen zware boeken of uren klassieke muziek: geef hem maar televisie waarbij hij niet te veel hoeft na te denken en een potje Candy Crush. Even naar het gedoe van andere mensen kijken en ondertussen snoepjes laten ontploffen. “Gewoon even je hersenen rust geven.”

Ook vakantie betekent écht vrij zijn. Het liefst gaat hij weg, want thuis zijn er toch weer honden, was en poetswerk en andere dingen die moeten gebeuren.

Goede zin

Het werk betekent dat Jef soms feestjes, verjaardagen of een avond theater moet missen. Inmiddels plant hij leuke dingen vooral in weekenden waarin hij vrij is en is er binnen de praktijk meer mogelijkheid om vervanging te regelen. Maar één ding is in 27 jaar niet veranderd: hij gaat nog steeds met plezier naar zijn werk. “Ik heb nog nooit met tegenzin in de auto gezeten naar een bevalling toe.”

Ook niet als om drie uur ’s nachts de telefoon gaat. Natuurlijk heeft hij de ene keer meer zin dan de andere, maar het gevoel dat hij écht geen zin heeft om te gaan, kent hij niet. Stoppen is dan ook voorlopig niet aan de orde. Naast zijn werk doet hij bestuurlijke taken voor de coöperatie van verloskundigen in de regio en geeft hij af en toe bijscholing, maar zijn praktijk inruilen voor iets totaal anders? Nee.

“Ik zou niet weten waar ik evenveel voldoening uit haal als uit dit werk.” En dus blijft Jef voorlopig doen wat hij al 27 jaar doet: vrouwen en hun partners begeleiden tijdens een van de meest bijzondere momenten van hun leven. Nuchter, eerlijk en met humor wanneer het kan. En partners? Die mogen tijdens een wee vooral héél even hun mond houden.

715 vrouwen over hun eerste bevalling: déze dingen hadden ze achteraf graag anders gezien. Je leest het hier.

De afleveringen van De verloskundigen kan je hier terugkijken via NPO Start of via de website van KRO-NCRV.

Voeg ons toe als voorkeursbron

Meest bekeken

Facebook Twitter Whatsapp E-mail