Monique Wijnen (44) is geboren met korte armen en verkorte benen. Ze is getrouwd met Tinus (43) en moeder van Serena (bijna 6). Ook heeft ze twee hulphonden: de husky’s Santi (10) en Shiva (6 maanden).
Lees verder onder de advertentie
‘‘Wil Serena met mij kleuren, dan houd ik een potlood vast tussen mijn tenen. En met diezelfde tenen kam ik haar haren. Van jongs af aan ben ik gewend om alles met mijn ‘handige’ voeten te doen. Mensen vragen weleens of ik geen arm- of beenprothese zou willen. Ha, ik moet er niet aan denken. Die dingen zijn zwaar en trekken aan je huid. Mijn lijf klopt zoals het is: alles is prachtig in proportie.
Lees verder onder de advertentie
Denken in mogelijkheden
Ik voel me niet anders. Nooit gedaan ook. Mijn ouders hebben mij leren denken in mogelijkheden. Waar artsen mij nul toekomstperspectief gaven, lieten zij een rolstoel ontwikkelen waarvan de zitting naar de grond kan. Daarmee kan ik, samen met mijn hulphonden, prima functioneren. Dat ik een halfuur verder ben om mezelf met een lift in mijn aangepaste auto te zetten, soit.
Ook Serena weet niet beter. Zij heeft geleerd geduldig te zijn. Roep ik haar omdat we vertrekken, dan komt ze meteen. Ik kan haar niet beetpakken en moet het daarom hebben van de communicatie. Uitleggen wat we gaan doen, wat ik van haar verwacht. En haar zelf laten nadenken: wat kan er gebeuren als je zomaar oversteekt? Het maakt haar zelfstandig en onze band ijzersterk.
Ultieme vrijheid
Niemand keek ervan op dat ik een kind wilde. Voordat ik Tinus ontmoette vroeg iemand zelfs of ik overwoog een bewust alleenstaande moeder te worden. Mensen zagen hoe zorgzaam ik was voor mijn honden en dat ik dolgraag met mijn neefjes en nichtjes speelde. Zelf had ik slechts één twijfel: wat als ik in of na de zwangerschap complicaties krijg en mijn kind niet zelf kan verzorgen? Maar al snel dacht ik: onzin, ik red me al jaren op mijn manier.
Lees verder onder de advertentie
In het begin tilde ik Serena als een leeuwin met mijn tanden op aan haar boxpakje. Haar aankleden en verschonen deed ik op de grond – zoals alles. In huis gebruik ik geen rolstoel en ‘loop’ ik als een soort pinguïn op mijn billen. Die volgens Serena best dik zijn, trouwens. ‘Gelukkig maar’, zeg ik dan. ‘Zo val ik niet om als je op me klimt.’ Ik hou wel van zelfspot.
Nu ze ouder wordt, gaan we samen vaak paardrijden. Ik klem dan een lus tussen mijn tenen en de teugels onder mijn oksels. Terwijl Serena voor me uit hobbelt op haar merrie, voelt mijn paard als een verlengstuk van mijn lichaam: de ultieme vrijheid.”
Dit artikel las je eerder in Kek Mama.
Leena de Wilde is als baby geadopteerd uit India en heeft de bewegingsstoornis cerebrale parese, waardoor ze in een rolstoel zit. Ze is moeder van Sylvan (2). Lees haar verhaal hier.
Natuurlijk hoop je dat je kind later een beetje aardig is voor de mensen om zich heen. Dat-ie iemand helpt die valt, niet voordringt bij de bakker en ooit uit zichzelf zijn broer of zus een koekje aanbiedt. Dat laatste is misschien wat ambitieus. Maar hoe leer je een kind eigenlijk om vriendelijk en empathisch […]
Kinderen hebben niet veel nodig om zich urenlang te vermaken. Geef ze een lege doos en ze bouwen een huis. Een oude deken wordt een tent, een pollepel een microfoon en een wc-rolletje is binnen drie seconden een verrekijker. En soms hebben ze aan een zolder genoeg.
Toen we de naam van onze zoon bekendmaakten, waren mijn ouders niet bepaald enthousiast. Vooral de buitenlandse uitspraak vonden ze maar overdreven. Ik dacht dat ze er vanzelf aan zouden wennen. Inmiddels is mijn zoon vier en spreken opa en oma zijn naam nog steeds anders uit.
Erica’s dochter heeft een half jaar verkering met een jongen die ze tijdens de vakantie heeft ontmoet. Ze zijn allebei vijftien en stapelgek op elkaar. Alleen woont hij anderhalf uur verderop. Daarom wil ze bij hem blijven slapen. Erica vindt dat prima, maar haar man denkt daar héél anders over.
Je ouders konden ontzettend veel van je houden en je tóch niet altijd geven wat je emotioneel nodig had. Volgens psychologen kunnen de gevolgen daarvan zelfs als volwassene nog merkbaar zijn. En soms zit dat in kleine dingen.
Je vraagt één keer of je kind z’n schoenen wil aantrekken, en vijf minuten later zit-ie nog steeds op de grond met één sok aan en een LEGO-poppetje in z’n hand. Herkenbaar, want jonge kinderen zijn nu eenmaal niet altijd kampioen luisteren. Gelukkig zijn er slimme manieren om ervoor te zorgen dat wat jij zegt […]