Ionica Smeets checkt

Je zou het niet denken als je haar zo ziet, maar Kek Mama columniste Ionica Smeets (37) heeft een stevige postnatale depressie gehad.

Je hebt van die meisjes die van jongs af aan al moeder wilden worden, Ionica had dat helemaal niet. Ze wilde wel graag een vriend, maar hoefde niet per se een kind. Met Han veranderde dat.

More content below the advertising

 

Eén kind, daar blijft het bij.

“Ik dacht: ik wil heel graag weten hoe het zou zijn met jou een kind te hebben, hoe je als vader bent. Ik wist ook zeker dat ik maar één kind wilde. Dat zei ik ook: één kind, daar blijft het bij.’ Terwijl Han graag meer kinderen wilde. Pas toen Tex drie was, had ik opeens zoiets van: misschien is een tweede kind toch wel leuk. Dat daarna Rifka kwam, voelt echt als een cadeautje. Het heeft ook zo lang geduurd omdat ik na de geboorte van Tex een postnatale depressie heb gehad waarmee ik veel te lang heb doorgelopen omdat ik het niet doorhad. Dat is achteraf zo stom. Ik had nota bene tijdens mijn zwangerschap nog uitgezocht wat de risicofactoren waren. Bijvoorbeeld dat er depressie in de familie zit, je een heftige bevalling hebt gehad, dat soort dingen.”

 

Spoedkeizersnede

Toen Ionica 36 weken zwanger was van Tex, werd zij met een ernstige zwangerschapsvergiftiging in het ziekenhuis opgenomen. De weeën moesten per direct worden opgewekt. Toen de bevalling niet op gang kwam, werd het een spoedkeizersnee. “Als ze toen hadden gezegd: we gaan je benen amputeren, had ik het ook goed gevonden. Ik was totaal apathisch, zo ziek was ik. Zo’n spoedkeizersnede gaat razendsnel. Dat is rats, kind eruit, oké, kind leeft nog, moeder leeft nog. Mooi zo. Dat was zo raar. Han heeft echt gedacht: ik ga alleen naar huis. Ionica en de baby gaan het allebei niet overleven.

 

De postnatale depressie sloop erin

Wat ook veel impact heeft gehad is dat na die spoedkeizersnede ook opeens je kind weg is. Ik lag op een bijkomkamer terwijl Han bij de baby was. Han wist niet hoe het met mij was en ik wist niet hoe het met de baby was. Na die keizersnee was ik ook nog een paar dagen onder invloed van morfine, omdat het niet goed ging met me. En toen was het nog niet klaar: ik bleef maar bloeden – er bleek een stuk placenta achtergebleven te zijn. Na zes weken kreeg ik een curettage. De week erna ben ik weer gaan werken. Krankzinnig. Geen wonder dat ik het daarna allemaal niet zo leuk vond. Ik heb nog jarenlang tegen moeders die achter een kinderwagen liepen willen zeggen: ‘Sterkte. Het wordt beter.’ En dat ik op kraamkaarten alleen maar ‘Hou vol’ wilde schrijven. De postnatale depressie sloop erin.

Vlak na de bevalling was ik niet eens zo somber, omdat ik gewoon de hele tijd ziek was. Op het moment dat ik enigszins hersteld was, maar ook nog niet helemaal, ben ik meteen weer vier dagen gaan werken. Ik vond het zo lullig dat ik niet gelukkig was, want ik had een heel makkelijk kind. Tex sliep goed en hij was lief en vrolijk. Dan zei ik weleens tegen iemand: ‘Ik vind het best zwaar’ en dan zeiden ze: ‘Ja, die gebroken nachten zijn verschrikkelijk’, en dan dacht ik: kut, ik heb helemaal geen gebroken nachten."

 

Het hele interview lees je in Kek Mama 12.

Lees hier alle BN'er interviews.