Bij regen of zonneschijn, een uitje naar het bos is altijd een succes. Alleen, wat haal je nu precies tevoorschijn, als je wilt spelen in de bladeren? Daarom: de leukste bosspelletjes op een rijtje – inclusief glas port, na afloop.
Lees verder onder de advertentie
1. Dennenappeldarten
Nou ja, eigenlijk is het meer een soort jeu de boules, maar dat verkoopt wat minder lekker bij de kinderen. Teken een grote cirkel in de aarde, met daarbinnen vier kleinere en een roos – ieder voorzien van punten. Vanaf een door jou getrokken startlijn, mikt iedereen drie dennenappels (of eikels, kastanjes, steentjes) op de cirkels. Ten overvloede: degene met de meeste punt wint.
Lees verder onder de advertentie
2. Stand in de mand
Tradities zijn er om in ere te houden en een béétje jeugdsentiment van mama mag best, vinden wij, dus: weet je het nog? Iedereen staat in een kring, en degene met de bal roept: “Stand in de mand en de bal is voor…” Híj gooit de bal in de lucht, degene van wie de naam is genoemd moet hem vangen, de rest rent zo ver mogelijk weg, en wanneer de bal is gevangen, roept de vanger: “Stop!” Iedereen staat stil, de vanger gooit de bal tussen de benen van één van de deelnemers door, en die is vervolgens aan de beurt.
Lees verder onder de advertentie
3. Boompje wisselen
Wat gewoon tikkertje is, maar net even anders, want iedereen die een boom vast heeft, is ‘veilig’. Wie naar de volgende boom rent en getikt wordt, is ‘m. En wie te lang aan een boom blijft plakken af, trouwens.
4. Levend Stratego
We geven toe: dit is er eentje voor de die hards. En wat oudere kinderen. Vergt ook wat voorbereiding, want je hebt Stratego-kaarten nodig en een vlag. Het principe is hetzelfde als het bordspel: het ene team moet de vlag van het andere team zien te veroveren. Oók heel leuk tijdens kinderfeestjes. De precieze spelregels lees je hier.
Lees verder onder de advertentie
5. Speuren
Nee, vooral geen speurtocht; dit lijkt meer op levend memory. De spelleider verzamelt tien voorwerpen in het bos. Iedereen mag er één minuut naar kijken, waarna de leider ze verstopt. Wie zich alle tien de voorwerpen weet te herinneren én verzamelt, wint.
6. Omgekeerd verstoppertje
Dé hit tijdens kampeervakanties, maar ook heel geschikt in het bos: één iemand verstopt zich, en de anderen moeten hem zoeken. Wie hem vindt, gaat erbij zitten, net zo lang tot iedereen zich op de verstopplek heeft verzameld. Degene die de verstopper als eerste vond, heeft gewonnen, en is ‘m in de volgende ronde.
Lees verder onder de advertentie
7. Dierengeluiden
Verscheur een papiertje, en schrijf op elke snipper een dier. De grijze trompetolifant. De roepie-roepievogel. Het mekkerende wolschaap en de witte joehoe-uil. Iedereen met een papiertje verstopt zich in het bos, en maakt elke dertig seconden ‘zijn’ geluid. Degenen zonder papiertje sporen ze op, en de eerste die alle dieren heeft gevonden, wint.
Lees verder onder de advertentie
8. De lokroep
Hetzelfde idee, maar dan anders – én niet voor de allerkleinsten: splits op in tweetallen en duik zo diep mogelijk het bos in. Je mag elkaar alleen zoeken op een vooraf afgesproken lokroep. Ook ideaal als je zelf eens aan een boek wilt toekomen, trouwens: hier zijn ze uren mee zoet. Mits ze oud genoeg zijn, en het bos een beetje overzichtelijk, uiteraard.
Lees verder onder de advertentie
9. Port
Oké, oké, dit is een bosspelletje voor jou. Maar het is belangrijk dat iederéén in het gezin het naar zijn zin heeft, toch? Dus: ga lekker op een picknickkleed zitten met een glas (of twee). Entertainen de kinderen zichzelf maar even met voetbal of met een extra potje dennenappeldarten: voor mama begint het echte spelen nu pas.
Meer tips en spelletjes? Volg ons op Facebook en Instagram.
Natuurlijk hoop je dat je kind later een beetje aardig is voor de mensen om zich heen. Dat-ie iemand helpt die valt, niet voordringt bij de bakker en ooit uit zichzelf zijn broer of zus een koekje aanbiedt. Dat laatste is misschien wat ambitieus. Maar hoe leer je een kind eigenlijk om vriendelijk en empathisch […]
Toen we de naam van onze zoon bekendmaakten, waren mijn ouders niet bepaald enthousiast. Vooral de buitenlandse uitspraak vonden ze maar overdreven. Ik dacht dat ze er vanzelf aan zouden wennen. Inmiddels is mijn zoon vier en spreken opa en oma zijn naam nog steeds anders uit.
Kinderen hebben niet veel nodig om zich urenlang te vermaken. Geef ze een lege doos en ze bouwen een huis. Een oude deken wordt een tent, een pollepel een microfoon en een wc-rolletje is binnen drie seconden een verrekijker. En soms hebben ze aan een zolder genoeg.
Erica’s dochter heeft een half jaar verkering met een jongen die ze tijdens de vakantie heeft ontmoet. Ze zijn allebei vijftien en stapelgek op elkaar. Alleen woont hij anderhalf uur verderop. Daarom wil ze bij hem blijven slapen. Erica vindt dat prima, maar haar man denkt daar héél anders over.
Je ouders konden ontzettend veel van je houden en je tóch niet altijd geven wat je emotioneel nodig had. Volgens psychologen kunnen de gevolgen daarvan zelfs als volwassene nog merkbaar zijn. En soms zit dat in kleine dingen.
Toen Louis (3) zijn ouders ervan probeerde te overtuigen dat hij prima zonder zijwieltjes kon fietsen, namen ze hem niet meteen serieus. Toch besloten Joyce en haar man de proef op de som te nemen. Dat pakte totaal anders uit dan verwacht.