Mariëlle had het fantastisch voor elkaar. Een man, twee dochters, een huis, geld. En nu is er niets van over. Haar huwelijk is voorbij, ze zit in de schuldsanering en loopt bij de voedselbank.
Lees verder onder de advertentie
Mariëlle (39), secretaresse, gescheiden, moeder van Sterre (10) en Maria (8).
“Te veel licht. Dat dacht ik toen ik voor het eerst naar de Voedselbank ging. Schel tl-licht. Ik had gehoopt dat het er schemerig zou zijn, zodat niemand me daar kon betrappen. Ik hield mijn zonnebril op, een Ray-Ban van tweehonderd euro. De ruimte was kaal, vrijwilligers deelden voedselpakketten uit aan schuifelende klanten die de ogen neergeslagen hielden. In mijn pakket zat een onbespoten bloemkool van mijn oude bio-winkel, die had die dag blijkbaar overschotten. Ik waande me in de hel.
Lees verder onder de advertentie
Eigen schuld, dikke bult
Eigen schuld, dikke bult, dacht ik. Ik heb mijn man Maarten bedrogen met zijn beste vriend Jan-Willem. Twee jaar lang. Ik vervloek de dag dat we voor het eerst zoenden. Tijdens een rookpauze voor een restaurant waar we aten met onze wederhelften. ‘Zie je wel dat roken slecht voor je is’, grijnsde Jan-Willem.
Lees verder onder de advertentie
Op een dag betrapte Maarten ons. Hij sleurde Jan-Willlem het bed uit en sloeg hem een bloedneus. Jan-Willem deed niets. Hij trok zijn kleren aan en vertrok. Dat was de laatste keer dat ik hem zag. Zijn vrouw vergaf hem op voorwaarde dat ze naar een andere stad verhuisden. Maarten vergaf mij niet. Hij vertrok meteen naar een hotel. Om één ding ben ik blij: hij heeft onze dochters niet verteld wat ik heb gedaan. Ik hoop dat ze er pas achter komen als ze volwassen zijn. Of nooit.
Schone lei
Het eerste jaar na onze scheiding nam hij ze één keer in de twee weken mee naar een pretpark. Toen betaalde hij nog gewoon alimentatie, hij verdiende goed als zakenman. Tot mijn stomme verbazing mailde hij me op een dag dat hij het niet meer aankon de kinderen te zien. Ze deden hem teveel aan mij denken.
Lees verder onder de advertentie
Om met een schone lei te beginnen had hij een bescheiden baan als manager aangenomen in Washington. Intussen is hij hertrouwd en heeft hij een zoontje. Daar had hij altijd naar verlangd. Voor onze dochters betaalt hij nauwelijks alimentatie omdat hij nu minder verdient. Of zegt te verdienen. De Nederlandse rechter heeft beslist dat hij een hoger bedrag moet betalen, maar die heeft weinig te zeggen in de VS.
Tot voor kort nam ik het Maarten niet eens kwalijk, het was mijn verdiende loon. Ik voelde me afschuwelijk tegenover de kinderen. Door mij ging hun leven er op alle fronten op achteruit. Ze moesten hun vader missen. We werden arm. Ik kon geen werk krijgen.
Lees verder onder de advertentie
De schijn ophouden
Na de geboorte van de kinderen was ik gestopt met mijn werk als secretaresse. Om kans te maken op werk moest ik een bijscholingscursus volgen, maar die kon ik niet betalen. We kregen een uitkering en verhuisden naar een huurhuis aan de andere kant van de stad. Het sneed door mijn ziel dat mijn dochters hun buurtvriendinnetjes kwijt waren. Zelf kan het me geen moer schelen de rest van mijn leven broccoli te eten in een flatje in een achterstandswijk. Dat meen ik uit de grond van mijn hart.
Lees verder onder de advertentie
Maar de kinderen iets weigeren is zwaar, helemaal omdat ik me schuldig voel. Daarom wilde ik per se dat ze op hun oude school zouden blijven. Ik hield mijn auto aan om ze weg te brengen. Op die school is het normaal dat kinderen een iPhone en iPad hebben. Die kocht ik op afbetaling. Net als laptops, een Playstation en games. Ik liet de kinderen ook op hockey en tennis. Daarvoor heb je dure kleren nodig, waar ze steeds weer uitgroeien. Ik bleef ook merkkleding voor ze kopen om ze niet uit de toon te laten vallen. Zo hield ik de schijn op.
Mijn omgeving dacht dat Maarten genoeg alimentatie betaalde. Ook mijn ouders vertelde ik niets. Zij zijn strenggelovig en ik was bang dat ze erachter zouden komen waarom Maarten zo boos op me is. Ik sta er zelf verbaasd van hoelang het lukt mooi weer te spelen als je eenmaal op zo’n tweesporenroute belandt. Dat je de werkelijkheid zo kunt ontkennen. Ik ben blind op de wal afgekoerst die het schip keert. Er kwam een moment dat ik de huur niet meer betaalde. De rekeningen niet meer opende. Ik gooide ze in een la en deed die dicht.
Lees verder onder de advertentie
Op een dag moest ik al mijn boodschappen teruggeven bij de kassa van de Lidl wegens onvoldoende saldo. Vanaf dat moment ging het snel. Ik had zo veel schuldeisers dat de deurwaarder zijn opwachting maakte. Daarna belandde ik in de schuldsanering.
Ik kreeg een piepjonge bewindvoerder, Dylan. Die is nu de baas is over mijn leven. Mijn post wordt naar hem doorgestuurd. Ik mag geen brief versturen zonder zijn toestemming. Hij mag al mijn bezittingen verkopen. Hij zorgt dat ik elektra, gas en water betaal. Hij mag ons huis binnenkomen wanneer hij wil, maar dat doet hij niet – hij is aardig. Hij staat me toe de auto te houden om de kinderen naar school te brengen. En ons tv-abonnement. De kinderen moesten wel hun iPad en iPhone inleveren. Ik zei dat het maar voor even was, tot papa en ik meer geld hadden.
Blessing in diguise
En toen ging ik dus voor het eerst naar de Voedselbank. Met mijn stokoude Ray-Ban op mijn neus. En mijn dure tas. Die mocht ik houden van Dylan, ze zijn niet veel meer waard als je ze doorverkoopt. De Voedselbank is een blessing in disguise. Een keerpunt. Ik kijk met andere ogen naar mensen aan de onderkant van de samenleving nu ik een van hen ben. Zonder de filter van status en geld is iedereen zichzelf. Dat maakt gesprekken automatisch interessanter.
Lees verder onder de advertentie
De vrijwilligers hebben gouden harten. Ik weet nu dat iedereen kan overkomen wat mij is overkomen. Van de chronisch zieke metselaars die zijn ontslagen tot de vrouw uit Wassenaar wier villa onder water staat. Door het contact met lotgenoten schaam ik me niet meer voor mijn armoede. Dat geeft een soort fierheid. Ook jegens Maarten. Mijn schuldgevoel verdween. Ik ben misschien een slechte echtgenote geweest, maar hij is een slechte vader die zijn narcistische gekrenktheid boven het geluk van zijn kinderen stelt.
‘Ze hielden meer van me dan ik dacht’
Ik heb drie vriendinnen alles verteld. Ze gaven mijn dochters een iPad en iPhone, nemen ons mee uit eten en naar de film. Over kerst hoef ik me geen zorgen te maken, we zijn dankzij hen drie dagen onder dak. Van de Voedselbank krijgen we ook nog eens een verrassingspakket.
Lees verder onder de advertentie
Eindelijk durfde ik mijn ouders met de waarheid te confronteren. Die lieverds tegen wie ik me altijd had afgezet. Ze hielden meer van me dan ik dacht. En van hun kleindochters voor wie ze nu het lidmaatschap van de hockey- en tennisclub betalen. Want: ‘Het lichaam is de tempel van de Heilige Geest.’ Op hun kosten volg ik een bijscholingscursus.
Mijn vriendinnen hebben beloofd hun netwerk in te zetten als ik straks op zoek ga naar een baan. Als me dat lukt, als ik een echt salaris verdien en uit de schuldhulpverlening ben, ga ik de Voedselbank steunen. Vrijwilligster Truus bij wie ik altijd kan uithuilen, kankerpatiënt Sam die me aan het lachen maakt, zwerver Mo met zijn mooie verhalen – ik laat ze nooit meer gaan.”
Ook Marloes zit in de schuldsanering: ‘Voor cadeautjes leg ik 2,50 euro per week opzij.’ Je leest het hier.
Zwanger zijn is prachtig, maar laten we eerlijk zijn: met een steeds groter wordende buik worden zelfs de simpelste dingen een uitdaging. Daar kan Roxanne Bertels, de zwangere vriendin van wielrenner Mathieu van der Poel, inmiddels over meepraten. Op Instagram deelt ze een grappige gedachte die voor veel zwangere vrouwen herkenbaar zal zijn.
Tikkie ontvangen voor een halve wortel uit iemand anders’ maaltijdsalade? In deze rubriek verzamelen we de meest onterechte, ongemakkelijke en gewoon ronduit gênante betaalverzoeken. Deze week vertelt Joy (30) over het Tikkie dat ze van haar schoonmoeder kreeg.
Als je zwanger bent en je werkt, dan willen mensen daar nog wel eens naar vragen. Naar je verlof, met name. Want: jij gaat er dit jaar even tussenuit. Zij niet. ‘Heb je zin in die vijf maanden vrij zijn?’, vraagt iemand aan me. Ik antwoord dat ik daar inderdaad wel naar uitkijk, ja. Pas […]
Drie kinderen, bomvolle agenda’s en af en toe een flinke woordenwisseling: ook bij Kim Kötter (44) en Jaap Reesema (42) is het echt niet altijd rozengeur en maneschijn. Toch weet Kim na veertien jaar samen één ding heel zeker: zij en Jaap worden samen oud. Daar heeft ze zo haar redenen voor.
Bij opa en oma gaat het soms net even anders dan thuis. Geen tablet aan tafel, eerst netjes gedag zeggen en na het eten misschien nog een potje kaarten. Hoewel kinderen daar niet altijd meteen enthousiast van worden, blijken juist die ouderwetse gewoontes waardevol.
De meeste moeders zullen het wel herkennen, als je kind klaagt over pijn, ben je de eerste die de huisarts belt, maar als je zelf ergens last van hebt, neem je dat niet serieus. Zo ook Elske.