moeder van transgender kind weten
Beeld: Shutterstock

De tienjarige zoon van Vanessa Nichols is transgender. Twee jaar geleden kwam hij – voor de buitenwereld toen nog een meisje – uit de kast.

Sindsdien is er voor hem nauwelijks iets veranderd, schrijft Vanessa in een blog. ‘Behalve dat hij nu gelukkiger is.’ Maar voor haar is niets meer hetzelfde. ‘Mijn gedachten en overtuigingen, mijn vriendenkring en zelfs mijn prioriteiten. Wanneer een kind in transitie gaat, gaan zijn ouders dat ook.’ En Vanessa had zó graag gewild dat ze van tevoren meer had geweten over die ‘reis’. Dit, bijvoorbeeld:
 

1. Transkinderen bestáán.

‘Sterker: het is dus mogelijk dat je zelf zo’n kind hebt. Ik wist dat er transgender volwassenen waren, en het is natuurlijk belachelijk dat ik me niet realiseerde dat die óók ooit kinderen waren. Maar zoals zoveel mensen, verwarde ik genderidentiteit met seksuele voorkeur, en dat laatste is nu eenmaal iets waar veel kinderen zich pas bewust van worden als ze tieners zijn.’ Dacht ze. ‘Ik verdiepte me er niet in. Ja, ik kende YouTuber en activist voor de rechten van lesbische vrouwen, homoseksuele mannen, biseksuelen, transgender-  en intersekse personen (lhbti) Jazz Jennings, die als kind al openlijk transgender was. Maar ik veroordeelde haar ouders dat ze hun dochter al zo jong in transitie lieten gaan.’
 

More content below the advertising

2. Afwachten en toekijken is een slecht idee.

‘Toen mijn kind op twee- of driejarige leeftijd al jongenskleding wilde dragen en met jongensspeelgoed wilde spelen, vond ik dat prima. Op zesjarige leeftijd mocht hij zelfs een jongenskapsel. Maar toen hij een jongensnaam wilde aannemen en zichzelf in tekeningen alleen nog presenteerde als jongen, kapte ik hem af. Ik zei: daar praten we later nog weleens over. Maar daarmee legde ik hem een schaamtegevoel op. Kinderen zijn zich bewust van hun geslacht vanaf hun derde levensjaar. Dus had mijn zoon zich gewoon mogen uiten, vanaf die leeftijd, weet ik nu: ik hield mijn geslacht toch ook niet verborgen tot ik ouder was?’

Van andere ouders met transkinderen die pas als tieners open waren over hun identiteit, krijgt Vanessa vaak te horen hoe blij ze mag zijn dat haar zoon al zo jong open was over zijn gevoel. ‘Hoe langer je toekijkt en niets doet, hoe langer je kind pijn heeft.’ Ze benadrukt dat niet ieder meisje met ‘jongensachtig’ gedrag en andersom meteen transgender is. ‘Maar als ze vasthouden aan die overtuiging: geloof ze. Ze weten het zelf écht wel.’
 

3. Ga kritisch door je vrienden- en familiekring.

‘Toen mijn zoon uit de kast kwam, wisten we dat mensen zouden weglopen, en gelukkig deden ze dat ook. Mensen die niet eens hun best doen je te begrijpen, kunnen maar beter uit je leven verdwijnen.’ Gelukkig kreeg ze ook veel warme en begripvolle reacties. ‘Al is er een groot verschil tussen tolerantie en acceptatie, leerde ik. Want tolerantie is net zoiets als de kinderen op school vroeger, die in je gezicht wel aardig deden, maar roddelden achter je rug om.’ Je kind bevestigen in zijn identiteit is volgens Vanessa letterlijk levensbelangrijk. Dus mensen die haar zoon hooguit tolereren, bant ze ook uit hun levens. Religie, onwetendheid – of welke reden dan ook om haar zoon niet te accepteren; ze vindt het allemaal giftig.
 

4. Er staat een complete gemeenschap aan jouw kant.

Vanessa was zo bang dat haar zoon zich alleen zou voelen, dat ze zich tot social media wendde. ‘De lhbti-gemeenschap die ik daar vond, werd een tweede familie.’
 

5. Apolitiek zijn is een voorrecht.

‘Ik was nooit politiek correct óf politiek betrokken, want het was nooit nodig. Ik stemde de ene keer wat linkser en de andere keer wat rechtser. Ik was dolgelukkig toen het homohuwelijk werd gelegaliseerd en over de meeste politieke onderwerpen maakte ik me vooral niet te druk, omdat ze me toch niet persoonlijk raakten. Het was de grootste fout in mijn leven. Ik had me veel eerder hard moeten maken voor politieke onderwerpen die ik belangrijk vond. Want nu raakt alles in de politiek me, vooral als het gaat om gelijke lhbti-rechten.’
 

6. Er is genoeg informatie.

Ze dacht dat zij het enige gezin waren dat hier doorheen ging. Nu weet Vanessa wel beter. Ze dook het internet en dompelde zich onder. Sprak met psychologen, therapeuten en deelgenoten, maar ook met andere transgenders en hun ouders. Ze keek documentaires. Las onderzoeken. En liet al haar vooroordelen voorgoed los.
 

7. Alles komt goed.

Ooit schreef Vanessa een artikel over haar angst dat haar kind transgender was. ‘Er is zoveel haat, zoveel onwetendheid in de wereld. Mentaal hebben veel transgenders het zwaar te verduren en vechten voor gelijke rechten is een lange weg. Maar toen ik zag hoe gelukkig mijn zoon was in zijn eigen identiteit, vielen al die lasten van mijn schouders. Moeder zijn van een transgender kind is een cadeautje. Ik heb – net als mijn zoon – een enorme reis afgelegd, en hij was het helemaal waard. Ik ben er een beter mens van geworden, en ben elke dag dankbaar dat ik zijn moeder mag zijn - én zijn leerling.’

 

 

Meer Kek Mama? Schrijf je hier in voor de nieuwsbrief >