Een kind dat urenlang filmpjes kijkt of gamet is voor veel ouders een herkenbaar en zorgelijk beeld. Maar voordat je meteen de tablet weglegt, kun je volgens nieuw onderzoek beter iets verder kijken.
Lees verder onder de advertentie
Wetenschappers ontdekten dat veel van de problemen die eerder aan schermgebruik werden gekoppeld ook samenhangen met wat er thuis gebeurt.
Onderzoek
Voor de studie van Imperial College London werden 3.786 kinderen over een langere periode gevolgd. De onderzoekers brachten hun mediagebruik in kaart en bekeken vervolgens hoe het sociaal en emotioneel met ze ging. Daarbij werd onder meer gekeken naar de band tussen ouders en kinderen en de manier waarop het gezin functioneert. Juist daar vonden de onderzoekers een belangrijke aanwijzing. Wanneer die omstandigheden werden meegenomen in de analyses, bleven er nog maar weinig duidelijke verbanden over tussen schermgebruik en psychosociale problemen.
Lees verder onder de advertentie
Niet ieder schermgebruik is hetzelfde
Dat betekent overigens niet dat schermen helemaal buiten beeld kunnen blijven. Vooral kinderen die heel veel gameden vormden een opvallende groep. Bij hen werd op vijftienjarige leeftijd wel een verband gezien met meer psychosociale problemen.
Toch wil onderzoeker Bohee Lee daar geen harde conclusies uit trekken. Er is namelijk niet onderzocht wat kinderen precies speelden en onder welke omstandigheden. “Het is moeilijk om harde conclusies te trekken omdat onze gegevens geen informatie bevatten over de inhoud of de context van het gamen. Verschillende soorten games kunnen heel verschillende effecten hebben. Factoren zoals sociale interactie, competitie of blootstelling aan bepaalde inhoud zoals geweld kunnen allemaal een rol spelen. Onze bevindingen laten vooral zien dat dit verder onderzocht moet worden en vormen geen bewijs dat gamen op zichzelf schadelijk is.”
Lees verder onder de advertentie
Lastig om te onderscheiden
Een game die een kind samen met vrienden speelt kan tenslotte iets heel anders betekenen dan urenlang alleen achter een scherm zitten. Het onderzoek kan daar geen onderscheid in maken.
Volgens Lee moeten we daarom niet te snel aannemen dat het scherm de oorzaak is van emotionele of sociale problemen. De omstandigheden waarin een kind opgroeit kunnen zowel het schermgebruik als het welzijn beïnvloeden. “Gezinsfactoren zoals de kwaliteit van de ouder-kindrelatie en het algemene functioneren van het gezin kunnen een belangrijke rol spelen in de relatie tussen schermtijd en psychosociale problemen. Met andere woorden: de gezinsomgeving kan zowel beïnvloeden hoe kinderen digitale apparaten gebruiken als hoe ze zich emotioneel en sociaal ontwikkelen. Dit onderstreept het belang van het bredere gezinsplaatje, in plaats van alleen naar schermtijd te kijken”, aldus de onderzoeker.
Lees verder onder de advertentie
Verband
Dat is een belangrijke nuance in een discussie die vaak draait om aantallen uren. Twee kinderen kunnen immers even lang achter een scherm zitten terwijl hun thuissituatie totaal anders is. Ook de leeftijd waarop kinderen veel tijd achter een scherm doorbrengen lijkt mee te spelen. De onderzoekers zagen bij jongere kinderen een verband tussen veel schermgebruik en psychosociale problemen rond hun tiende jaar. Een paar jaar later was dat verband verdwenen.
Lees verder onder de advertentie
Leefwereld
Daar zijn verschillende mogelijke verklaringen voor. Als kinderen richting de puberteit gaan, verandert hun leefwereld flink. Vrienden worden belangrijker, gezinsregels kunnen veranderen en ook het mediagebruik zelf verschuift. “Naarmate kinderen opgroeien tot adolescenten veranderen ook de factoren die hun ontwikkeling beïnvloeden, zoals de invloed van leeftijdsgenoten. Dat kan een van de mogelijke verklaringen zijn. Ook kunnen gezinnen hun routines en schermgewoonten aanpassen naarmate kinderen ouder worden. Omdat dit een observationele studie is, kunnen we de exacte reden niet vaststellen. Onze bevindingen suggereren echter dat de invloed van veel schermgebruik op jonge leeftijd niet per se doorwerkt in de latere adolescentie.”
De resultaten roepen ook de vraag op of adviezen die vooral om het aantal uren schermtijd draaien niet te eenvoudig zijn. Volgens Lee zou er meer aandacht moeten komen voor de omstandigheden waarin kinderen digitale media gebruiken. “De richtlijnen moeten verder gaan dan alleen tijdslimieten. De kwaliteit van de gezinsomgeving, de leeftijd en individuele kenmerken van het kind, het type digitaal apparaat en wat kinderen daadwerkelijk op een scherm doen kunnen net zo belangrijk zijn als de hoeveelheid tijd die ze achter een scherm doorbrengen. Sommige recente richtlijnen erkennen die factoren inmiddels ook. Een meer genuanceerde en persoonlijke benadering is daarom waarschijnlijk nuttiger dan alleen te focussen op schermtijd.”
Lees verder onder de advertentie
Thuissituatie
Voor de onderzoekers was vooral opvallend hoeveel verschil het maakte om de gezinssituatie mee te nemen. De eerdere verbanden tussen schermgebruik en psychosociaal welzijn werden daardoor een stuk kleiner. “Ik denk dat het verrassendste was dat veel van de verbanden tussen schermtijd en psychosociale ontwikkeling veel zwakker werden zodra we rekening hielden met het functioneren van het gezin en de ouder-kindrelatie. Onze bevindingen suggereren dat de gezinsomgeving minstens zo belangrijk is als en misschien zelfs belangrijker is dan schermtijd zelf. We hopen dat dit een belangrijke boodschap is voor onderzoekers en volksgezondheidsorganisaties. Kinderen die opgroeien in gezinnen waar problemen spelen, lopen mogelijk een groter risico op psychosociale moeilijkheden en verdienen daarom extra ondersteuning.”
Lees verder onder de advertentie
De boodschap voor ouders is dus niet dat schermtijd er niet toe doet. Maar een stopwatch vertelt waarschijnlijk ook niet het hele verhaal. Hoe een kind zich voelt, hangt samen met veel meer dan alleen het aantal uren met een tablet, telefoon of gamecontroller in de hand.
Benieuwd welke ontwikkeling te veel schermtijd drastisch kan remmen? Je leest het hier.
Tikkie ontvangen voor een halve wortel uit iemand anders’ maaltijdsalade? In deze rubriek verzamelen we de meest onterechte, ongemakkelijke en gewoon ronduit gênante betaalverzoeken. Deze week Mirna (31), die een Tikkie van nog geen euro ontving.
Wie kinderen heeft, weet hoe snel het kan gaan. Voor Monique Westenberg lijkt het moment waarop haar zoon Dré langzaam richting de tienerjaren gaat ineens wel héél dichtbij te komen.
Tikkie ontvangen voor een halve wortel uit iemand anders’ maaltijdsalade? In deze rubriek verzamelen we de meest onterechte, ongemakkelijke en gewoon ronduit gênante betaalverzoeken. Deze week Naomi (34), die na een kinderfeestje wel een heel vreemd betaalverzoek kreeg.
Tikkie ontvangen voor een halve wortel uit iemand anders’ maaltijdsalade? In deze rubriek verzamelen we de meest onterechte, ongemakkelijke en gewoon ronduit gênante betaalverzoeken. Deze week Bo (31), die na een spontaan speeltuinbezoekje een opmerkelijk betaalverzoek kreeg.
Een oppasdag hier, een tas met kleertjes daar en ondertussen nog even vertellen hoe zij het vroeger deden: opa en oma spelen bij veel gezinnen een belangrijke rol. Toch zit niet iedere ouder op hun bemoeienis te wachten.