seks uit leven verdween
Beeld: Unsplash

In het begin lustte ze er wel pap van. Acht jaar en twee kinderen later is seks iets wat Mirthe (36) zich vaag herinnert. “Ik vind het zo’n gedoe.”

Onze laatste keer seks is drie jaar geleden. Klinkt treurig en toch zijn Ben en ik heel gelukkig samen. Hij is mijn beste vriend en ik vind hem een fantastische vader. Maar waar ik hem acht jaar geleden nog de kleren van het lijf scheurde, is lekker tegen hem aan kruipen de maximale intimiteit waaraan ik tegenwoordig behoefte heb.

 

Moetje

Mijn libido was vroeger bovengemiddeld. Lust was altijd de drijvende kracht in mijn relaties. Die lust voelde ik ook voor Ben. In hem vond ik mijn soulmate, mijn levenspartner, en dat maakte dat de vonken er ook in de slaapkamer van afspatten. En in de woonkamer, de badkamer en op het strand. We konden elkaar wel opvreten; werkelijk alles aan hem vond ik aantrekkelijk.

Na amper een jaar samen en een halsoverkop huwelijk, raakte ik zwanger van onze oudste zoon, nu zeven. Heel gewenst en heel snel. Ben vond mij prachtig met die dikke buik, en ik vóelde me ook prachtig. De lol tussen de lakens ging onverminderd door – misschien nog wel meer dan daarvoor. De bevalling ging voorspoedig en op de gebruikelijke krampjes en slapeloze nachten na was onze zoon een voorbeeldige baby.

Er was slechts één probleem: ik had geen enkele behoefte meer aan seks. Komt vast door de borstvoeding, dachten we. Maar na de borstvoedingsperiode kwam de zin niet terug. Ben en ik vreeën nog wel, maar meer als moetje. Het arme schaap, vond ik; stond-ie anders wéér twee weken droog.

 

Niet meer opgewonden

Gaandeweg ging ik de seks steeds actiever ontwijken. Eerder naar bed, mijn PMS breed uitmeten en daarna mijn ongesteldheid langer veinzen. Als ik eraan dacht dat een fijne avond samen kon leiden tot meer, werd ik bevangen door een: o jee, straks móet ik weer. Ik werd gewoon totaal niet meer opgewonden, en was blij als een vrijpartij snel voorbij was.

 

Gelukkig huwelijk zonder seks

Zoon twee diende zich aan en waar ik ergens hoopte dat de verhoogde bloedtoevoer down there misschien voor wat hernieuwde spanning zou zorgen, gebeurde er niks. Ben onderging het begripvol, drong nooit aan. Dus voor we het wisten zaten we een jaar later met twee kinderen en een nog altijd gelukkig huwelijk, maar zónder seks. 

‘Joh, je moet gewoon zin maken’, zeiden vriendinnen met wie ik het onderwerp toen nog in alle openheid besprak. Ze waren zelf ook bevallen, begrepen als geen ander hoe de boel kan indutten na twee zwangerschappen en twee baby’s. Maar die baby’s werden groter, en terwijl mijn vriendinnen zich weer opmerkingen lieten ontvallen over spannende weekendjes weg met man, vond ík een avond samen op de bank wel spannend genoeg. 

 

Even bloeide ons seksleven op

Aanvankelijk liet ik me aardig gek maken. Programma’s als Sex academy en 40 dagen zonder seks – alsof je niet spoort als je het een maand niet doet. Maar misschien was het wel zo simpel. Misschien moesten Ben en ik gewoon ook eens een sekskuur houden, en zou ik weer zin krijgen door zin te maken.

Ben sprong een gat in de lucht, ik had geen beter voorstel kunnen doen. En warempel: even bloeide ons seksleven op. Stuurden we zelfs spannende appjes naar elkaar. Maar toen die ‘kuur’ van twee weken voorbij was, was Ben degene die zei: ‘Zullen we vanavond lekker een filmpje kijken in bed, nu we niet meer hoeven?’

Na de eerste scène was hij onder zeil. De avond erna verliep hetzelfde. En die daarna. Wat leek te werken in ons twee weken durende experiment, bleek uiteindelijk zo’n druk op ons te leggen, dat we de seks liever helemaal lieten zitten.

 

Echte seks is teveel gedoe

Toch is het niet zo dat ik nooit meer geil te krijgen ben. Het lustgevoel kan me nog weleens overvallen, alleen nooit op de momenten dat Ben bij me is. Het gevoel is puur fysiek, niet geestelijk. Meestal los ik het op met de vibrator waarvan Ben denkt dat-ie al jaren ligt te verstoffen. Voldoet prima: echte seks vind ik gewoon te veel gedoe. Alsjeblieft zeg, ik word al moe van de gedachte. Hoe groot mijn liefde voor Ben ook is, het is min of meer platonisch geworden – en dat vind ik goed genoeg.

 

Niet verder voortplanten

Andere mannen boeien me ook niet. Misschien bevind ik me in een soort hormonale slaapfase. Heeft de natuur het niet bedoeld dat Ben en ik ons nog verder voortplanten; ik heb tenslotte twee gezonde kinderen met wie ik het druk zat heb. Mijn taak zit er misschien gewoon op, biologisch gezien. Al verklaart dat niet waarom talloze even oude vrouwen met óók twee of drie kinderen nog wel de sterren van de hemel vrijen. Naar een seksuoloog wil ik niet, want ik wil de situatie niet veranderen.

 

Nog nooit vreemdgegaan

Natuurlijk ben ik soms bang dat Ben het ergens anders zoekt. Hij is een knappe man, ik zie hoe vrouwen naar hem kijken. Dat maakt me trots, maar ook onzeker. Welke man accepteert nou klakkeloos dat hij geen seks meer heeft? Terwijl hij gelukkig getrouwd is, nota bene? Ben verzekert me dat hij nog nooit is vreemdgegaan. ‘Nee, natuurlijk niet’, zegt-ie, en dat wil ik geloven. Als het wel zo is, weet ik het liever niet. Ik lig nog altijd gezellig met mijn hoofd in zijn schoot wanneer we naar een film kijken. Maar vervolgens vertrek ik steevast eerder naar boven – en niet om hem op te wachten in een lingeriesetje, maar om mijn pyjama aan te trekken en te gaan slapen.

 

Geen idee van ons seksloze bestaan

Ik kook voor Ben, luister oprecht geïnteresseerd naar zijn verhalen en we delen dezelfde humor. Hij neemt de kinderen mee naar een speelparadijs zodat ik eens een zondag voor mezelf heb. We raken nooit uitgekletst. Dát zijn natuurlijk de verhalen die ik in geuren en kleuren vertel aan vriendinnen. Zij hebben geen idee van ons seksloze bestaan. Ergens schaam ik me er toch voor. Geen seks met je man is synoniem voor een slechte relatie, toch? Maar dat ís dus niet zo. We hebben intimiteit, alleen geen seks. Als ik kijk hoeveel vriendinnen nog altijd drie keer per week van bil gaan met hun man, maar geen fatsoenlijk gesprek met hem kunnen voeren, zou ik voor geen goud met ze willen ruilen.

 

Gelukkiger als we wél vrijen

Ik heb het Ben weleens gevraagd, in het begin. Of hij de seks mist. Dan trok hij me tegen zich aan, kuste mijn voorhoofd en zei: ‘Je bent het lekkerste wijf dat ik me kan wensen, ik hou toch van je?’ En daarmee was de kous af. Na wat aandringen heeft hij weleens hortend en stotend toegegeven er onder douche af en toe ‘een slinger aan te geven’. Tja, logisch.

Als ik in de toekomst kijk, zie ik Ben en mij hand in hand in de tuin zitten met een schare kleinkinderen. De gedachte dat onze weg daarnaartoe misschien seksloos is, stemt me ergens toch een beetje treurig – vooral omdat ik diep vanbinnen weet dat Ben er gelukkiger van wordt als we wél vrijen. Bovendien ben ik niet vergeten hoe op en top vrouw ik me voelde toen mijn seksdrive niet te stuiten was. Ik ben 36, maar ik voel me 56: uitgebroed en alsof ik de overgang al achter de rug heb.” 

 

Dit artikel staat in Kek Mama magazine en is al een keer eerder gepubliceerd.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

scheiden of blijven

Je hebt het eindeloos geprobeerd. Alle voors en tegens afgewogen, tientallen keren gepraat met elkaar, en misschien zelfs wel relatietherapie gevolgd. Als de onrust en onvrede in je relatie aanhouden, wat doe je dan? Scheiden of blijven?
 

Nollie (39), moeder van twee zonen (8 en 4) en een dochter (6), trok het niet meer, de eeuwige strijd met haar man Evert (43). Begin dit jaar vroeg ze de scheiding aan. “Ons eerste gesprek ooit was een woordenwisseling. Een verbale krachtmeting. Tijdens een teamleidersvergadering op kantoor, liep ik - amper zevenentwintig jaar - de vergaderruimte binnen en zag hem in één oogopslag zitten, de nieuweling: Evert. Het zoveelste grijze pak tussen de eindeloze andere grijze pakken binnen ons bedrijf, maar met één groot verschil: hij keek me aan met zo'n zelfingenomen, brutale blik, dat ik wist dat we aan elkaar gewaagd waren.
Ik vergiste me in wat cijfers, tijdens die vergadering. Hij zette me met een gevatte opmerking op mijn plek, ik gaf een grote mond terug. 'Aangenaam', zei hij een paar uur later bij de koffieautomaat, 'volgens mij zijn wij nog niet uitgepraat.' Die middag zaten we samen op de vrijdagmiddagborrel van het werk, dezelfde nacht nog bleef ik slapen. We zijn nooit meer uit elkaar gegaan.
 

Krachtmeting

Die eerste ontmoeting zette de toon voor hoe we met elkaar omgingen. De liefde tussen Evert en mij was groot; we klikten op alle fronten en we genoten van elkaar. Er was alleen één maar: onder al die positiviteit, bleef die continue krachtmeting gaande. Had ik een zware dag gehad op werk, dan was de zijne zwaarder. Ontdekte hij een leuk, nieuw restaurant, dan kende ik iets nog veel hippers. De grootste grapjas op een feestje: we streden zonder woorden om de eer. Wie de leukste ouder was wanneer de kinderen vriendjes mee naar huis namen. Wie het meest gereisd had. Het best zijn talen sprak. Het was dodelijk vermoeiend.
Het houdt je scherp, zo'n relatie. En we zorgden óók goed voor elkaar. Wanneer één van ons ziek was. Of gestrest. Of gewoon even tijd voor zichzelf nodig had, in een pittige fase met de kinderen. Toch kon geen van ons ooit echt klein zijn bij de ander, en zich echt laten troosten. Voor ons allebei gold dat als een teken van zwakte, en dus verlies.
 

Praktische aanpak

De ergernis daarover ontstond toen onze oudste zoon gepest werd op de basisschool. Lerarengesprekken en conclaven met de schooldirectie, Evert en ik deden ze fantastisch samen. We voerden allebei het hoogste woord, waren doortastend en onvermurwbaar. Samen regelden wij het wel even, dachten we. Wat klopte, want het pesten stopte. Maar delen hoe ik 's nachts wakker lag van de zorgen, hoe mijn hart brak als mijn zoon weer eens in tranen thuiskwam en ik zachtjes mee huilde: ho maar. Andersom raakte het Evert natuurlijk net zo hard, maar ook hij hield zijn diepste gevoelens voor zichzelf. We vonden elkaar in de praktische aanpak, en dreven op emotioneel vlak steeds verder uit elkaar. Eenzaam in je eigen relatie; dat gevoel gun je niemand.
Ik merkte het niet eens, in eerste instantie. Tot ik Ewoud tegenkwam, een vriend van vrienden. We raakten aan de praat op een tuinfeestje, en voor ik het wist vertelde ik hem alles wat in me omging. Mijn angsten, mijn onzekerheden. De zorgen die ik had over mijn zoon en hoe ik dat niet echt kon delen met Evert. Ewoud liet me praten. Had geen pasklare oplossingen of gevatte opmerkingen paraat, maar voelde gewoon met me mee. En dat was precies wat ik nodig had.
 

Softe toer

Ik vertelde Evert over mijn gesprekken met Ewoud. En over hoe erg ik die emotionele band tussen ons miste. Het eerste gesprek deed hij al af met een 'Zo, gaan we op de softe toer, meisje?'. 'Dit bedoel ik dus', reageerde ik. Overdreven, vond hij. Koud en ongeïnteresseerd als hij dat echt meende, vond ik. Weer kwamen we tegenover elkaar te staan. Vochten we voor ons gelijk. Terwijl het enige wat we echt hoefden te doen, namelijk simpelweg naar elkaar luisteren zonder strijd, niet bedachten.

Wat me ooit het meest in hem aantrok, werd ons breekpunt. Zelfs toen we onze problemen bespraken met een bevriende psycholoog, probeerden we allebei nog ons verhaal zoveel mogelijk vol levenswijsheid en inzichten te vertellen. Wát een schertsvertoning.


Lees ook:
'We namen meer genoegen met elkaar dan dat we voor elkaar kozen' >

 

Twee kapiteins

Dit was gewoon wie we waren, realiseerde ik me. En niet alleen ik, Evert deelde mijn inzicht. Twee kapiteins op één schip, dat werkt gewoon niet. Misschien was het best te leren, om af en toe een stap opzij te doen en de ander gewoon te horen. Zonder meteen weer met oplossingen en wijsheden te komen. Maar de jarenlange strijd had ook iets gedaan met ons gevoel voor elkaar. Evert en ik hielden van elkaar als de vader en moeder van onze kinderen, maar de liefde voor elkaar als partners, was aan alle strijd ten onder gegaan. Zelfs de seks was al tijden dood, want hoe kun je nou echt vrijen, als je altijd maar bezig bent met scoren?
Begin dit jaar vroegen we gezamenlijk de scheiding aan. Binnen drie maanden waren we eruit, oplossingsgericht als we altijd zijn. We hebben het beklonken met een gezinsetentje. Sindsdien - ik woon de helft van de tijd met de kinderen in ons huis, Evert in een appartement even verderop - is onze relatie stukken beter. Zie ik ook weer zijn leuke kanten, en lachen we weer. Ik hoef niet meer van hem te winnen en hij niet van mij, en samen doen we ons best het zo fijn mogelijk te houden voor de kinderen. Hebben we uiteindelijk toch nog allemáál gewonnen."

Scheiden of blijven? Lees hier de tips van psycholoog Sandra van Scheijndel.

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

 

man komt te snel klaar
Beeld: Pexels

De man van Annelize (39) bereikt tijdens het vrijen binnen tien seconden een orgasme. ‘Begin ik net een beetje op te warmen, is ‘ie alweer klaar.’ Seksuoloog Mandy Ronda geeft tips.

Een jaar na haar scheiding kwam Annelize, moeder van twee kinderen (8 en 6), de man van haar dromen tegen. Hij had alleen één probleempje, ontdekte ze meteen tijdens de eerste date. “We waren uit eten geweest en namen nog een afzakkertje bij mij thuis. Binnen de kortste keren lagen we te zoenen op de bank. Na een minuut of wat deinsde hij geschrokken terug. ‘Sorry’, zei hij, een beetje beschaamd. Ik begreep niet wat hij bedoelde, tot hij wat ongemakkelijk naar zijn kruis greep: hij was klaargekomen in zijn boxershort.

Wat schattig, dacht ik, hij raakt zo opgewonden van me, dat hij het niet aankan. Maar inmiddels zijn we getrouwd en drie jaar verder, en de seks heeft nog nooit langer geduurd dat twee minuten. Zodra hij me penetreert, is hij binnen tien seconden klaar. Precies wanneer ik net een beetje begin op te warmen.”
 

Zelf kan ‘ie het wel

“Hij heeft het al zijn hele leven, zegt hij, en weet niet beter. Alleen met masturberen gaat het minder snel. Tenzij ik het doe natuurlijk, want dan is het zo gepiept. We hebben weleens een verdovende crème geprobeerd, maar die werkte niet. Alleen het opsmeren bracht hem al bijna tot een hoogtepunt. Ik ben wél anders gewend, en stoor me inmiddels zo aan zijn probleem, dat ik langzamerhand begin te verlangen naar seks met een andere man. Wanneer we er weer eens over hebben gepraat, stelt hij zijn routine meestal wel even bij. Neemt meer de tijd voor mij, masseert me, en verwent me met zijn vingers of tong. Zodat ik ook geniet, voordat hij zijn tien seconden lol heeft. Maar na een week komt daar meestal de klad weer in, en bestaat de seks alleen nog maar uit vluggertjes.”
 

Aandoening

Het goede nieuws: er valt wat aan te doen, zegt seksuoloog Mandy Ronda. “Oók als een verdovende crème niet werkt. Dat is bovendien alleen maar symptoombestrijding, evenals de antidepressiva die de huisarts nog weleens voorschrijft bij dit probleem - terwijl er waarschijnlijk een heel ander probleem achter ligt.” Veel mannen denken dat ze te snel klaarkomen, maar slechts een heel klein percentage lijdt zoals de man van Annelize daadwerkelijk aan premature ejaculatie, zegt ze. “Dat is een aandoening, waarbij een man altijd tussen de nul en honderdtwintig seconden tot een orgasme komt, en het point of no return niet voelt aankomen.”

 

Lees ook:
‘Ik heb gewoon écht geen zin in seks’ >

 

Trucjes

Mandy begeleidt stellen én single mannen die hiermee te maken hebben. “Vaak blijkt dat spanning, faalangst en prestatiedruk de boosdoeners zijn”, zegt ze. “En heel soms is er sprake van een overgevoelige eikel, door een tekort aan de neurotransmitter serotonine bij depressie, of door een overschot aan adrenaline door stress.”

Neem het serieus, praat erover, en zoek hulp bij een seksuoloog, is haar advies. “Het is geen diagnose waar je zomaar vanaf komt, maar er zijn wel een paar trucjes om ermee om te gaan. Wissel wat vaker van standje, bijvoorbeeld. En als hij dan nog steeds te snel klaarkomt, kan hij tijdens het masturberen  - dus zonder prestatiedruk van zijn partner - proberen het klaarkomen zo lang mogelijk uit te stellen. Dat kan met behulp van ademhalingstechnieken en bekkenbodemtraining. Zo leert hij in contact te komen met zijn lichaam en te herkennen wanneer het point of no return zich aandient.”

Erkennen dat je dit probleem hebt is spannend, dus hulp zoeken is dapper, vindt Mandy. “Het is alleen maar hoe je het bekijkt: zie het niet als hulp zoeken voor een probleem, maar als skills halen om een betere minnaar te worden.” En daar wordt toch iedereen gelukkig van?
 

Dit artikel is al een keer eerder gepubliceerd.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >