leuke binnenspelletjes voor kinderen

Je hebt geen zin om je huispak uit te trekken, je bent moe of regen komt met bakken uit de lucht - er zijn genoeg redenen te bedenken om lekker binnen te blijven. Maar dan moet je je kind natuurlijk ook nog zien te paaien. Daarom: 9 leuke binnenspelletjes voor kinderen.

1. Kranten meppen

Tip vooraf: leg je kleuter eerst uit dat-ie alleen tijdens het spel met een krant mag slaan. (Om te voorkomen hij na het weekend met een krant op z'n klasgenoten in staat te meppen - onze redacteur praat uit ervaring). Enfin: het spelletje is oersimpel. Het hele gezin zit in een kring en in het midden staat de mepper. Die begint door een naam te roepen. Diegene moet zo snel mogelijk een andere naam roepen. Als de mepper je een mep geeft vóórdat je een andere naam hebt gezegd, ben je af.
 

2. Een enorme tekening maken

Het enige wat je nodig hebt: een rol behang en stiften, potloden of verf. Rol het behang uit door de hele woonkamer en maak samen een eindeloze tekening. Of ga erop liggen en laat jezelf omtrekken, ook lachen.
 

3. Koken

Ja, zo simpel kan het zijn. En 't is niet alleen leuk, ook nog enorm leerzaam. Bak samen met je kind een lekkere taart en vertel over de ingrediënten of maak een gezond avondmaal. Zoek van te voren samen een recept uit, zodat je je kind bij de hele reutemeuteut betrekt. Zijn jullie klaar? Nodig opa en oma uit, benoem ze tot jury en je maakt er ook nog een kleine wedstrijd van.
 

Lees ook
6x dit kun je óók doen met (overtollig) speelgoed van je kind

 

4. Proeven

Over eten gesproken: een proeverij is altijd een schot in de roos en kan met één of meerdere kinderen worden gedaan. Zet plastic bordjes klaar, nummer ze en leg op elk bordje wat van de geselecteerde producten. Denk bijvoorbeeld aan mayonaise, ketchup, mosterd, peper, zout, pindakaas, kaneel, boter, yoghurt en slagroom. Blinddoek je kind(eren) met een theedoek en neem ze mee langs de bordjes. Degene die de meeste smaken herkent, is de winnaar.
 

5. Badkamer schilderen

We horen je denken: 'eh, sorry?!' Geen paniek: meng wat plakkaatverf met scheerschuim en je kinderen kunnen volledig losgaan op de muur van de badkamer. Na afloop spoel je er alles gewoon hup, met de douchekop af.
 

6. Spijkerpoepen

Zo'n oudje dat nooit gaat vervelen. En je hebt er bijna niets nodig voor dit leuke binnenspelletje. Zet een fles neer en bind vervolgens een koordje of een riem om de heup van je kind en de rest van het gezin. Ter hoogte van de billen hangt een touwtje met een spijker eraan. Doel van het spel is om de spijker in de fles te laten zakken. Tip: hoe jonger de kinderen zijn, hoe groter de hals van de fles moet zijn. Voor kinderen tot een jaar of vijf is een kleine emmer misschien wel de beste optie.
 

7. Slapende Leeuwen

Dit spel is vooral praktisch als je meer kinderen over de vloer hebt. Het is namelijk perfect om wat rust in de tent te krijgen. Hoe het werkt? Vertel je kinderen dat jullie allemaal leeuwen zijn die heel veel slaap nodig hebben. Ze moeten zo stil mogelijk blijven liggen en als ze ook maar íets bewegen, worden ze wakker en moeten ze jou helpen de andere leeuwen te bewaken. Probeer de 'leeuwen' aan het lachen te maken zodat stil blijven wel erg moeilijk wordt. Oh, aanraken en kietelen mag trouwens niet. Het kind dat het langst blijft 'slapen' wint.
 

8. Sokken sparen

Ook erg leuk (en handig, vooral voor jou). Maak een hoopje van de sokken die net uit de was komen en laat je kind steeds twee dezelfde pakken. Je kunt het nog een tikkeltje lastiger maken door er ook andere spullen tussen te leggen waar je er twee van hebt.

 

9. Subtropisch zwemparadijs

Tover jullie badkamer om tot subtropisch zwemparadijs. Trek allemaal je bikini of zwembroek aan, versier de boel, haal de duikbrillen, opblaasbandjes en speelgoed uit de kast, trakteer iedereen op een lekkere cocktail en klaar ben je. Want niet alle binnenspelletjes hoeven alleen leuk voor de kinderen te zijn, toch?

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

nipt-zwangere-vrouwen

Door de NIPT kun je tijdens je zwangerschap zien hoe groot de kans is dat jouw baby het down-, edwards- of parausyndroom heeft. Maar hoe werkt zo'n test precies? Wanneer kun je 'm doen? En wordt-ie ook vergoed? Wij zochten het voor je uit. 

Want waar de test lange tijd alleen beschikbaar was voor zwangeren met een verhoogde kans op een kind met een chromosoomafwijking, mag sinds april 2017 iedere vrouw er gebruik van maken. Als je er behoefte aan hebt, dan. En als je betaalt, want vrijwillige deelname kost € 175 en wordt niet vergoed door de zorgverzekering.

 

DNA

NIPT betekent 'Niet-Invasieve Prenatale Test' en is een onderzoek dat bestaat uit het afnemen van een paar buisjes bloed. Hierin zit erfelijk materiaal (DNA) van de placenta dat bijna altijd hetzelfde is als dat van je kind. Zo kan het laboratorium dus, veilig én zonder het risico op een miskraam, onderzoeken of jouw baby het down-, edwards- of patausyndroom heeft. Wel goed om te weten: je kunt de test pas laten doen vanaf elf weken zwangerschap. 

 

Nevenbevindingen

Het laboratorium kan terwijl ze de NIPT uitvoeren ook zien of je kind andere (zeldzame) chromosoomafwijkingen heeft: die worden nevenbevindingen genoemd. Je mag zelf beslissen of je deze wilt weten en kunt dan ook kiezen uit twee mogelijkheden:

  1. Je wilt je kind alleen laten screenen op down-, edwards- en patausyndroom. Het laboratorium weet dan ook niet of er nevenbevindingen zijn.
  2. Je wilt je kind laten screenen op down-, edwards- en patausyndroom én je wil weten of het laboratorium nevenbevindingen heeft gevonden.

 

Lees ook
Extreme zwangerschapsmisselijkheid: ‘Zelfs een slokje water kwam er meteen weer uit’ >

 

Uitslagen

Na tien dagen krijg je de uitslag van je gynaecoloog of verloskundige. Als je ervoor hebt gekozen ook nevenbevindingen te willen horen en het laboratorium heeft deze gevonden, dan word je meestal gebeld door het Centrum voor Prenatale Diagnostiek of een polikliniek klinische genetica van een universitair ziekenhuis. De uitslagen die je kunt krijgen zijn: 

 

‘U bent waarschijnlijk niet zwanger van een kind met down-, edwards- of patausyndroom.’

Deze uitslag klopt bijna altijd: minder dan één op de duizend zwangere vrouwen blijkt achteraf toch zwanger van een kind met down-, edwards- of patausyndroom. Bij deze uitslag krijg je geen vervolgonderzoek.

 

‘U bent mogelijk zwanger van een kind met down-, edwards- of patausyndroom.’

  • Bij 75 van de 100 vrouwen die de uitslag krijgen dat ze mogelijk zwanger zijn van een kind met downsyndroom, klopt dat inderdaad; 25 vrouwen zijn dus niet zwanger van een kind met downsyndroom.
  • Bij 24 van de 100 vrouwen die de uitslag krijgen dat ze mogelijk zwanger zijn van een kind met edwardssyndroom, klopt dit inderdaad; 76 vrouwen zijn dus niet zwanger van een kind met edwardssyndroom.
  • Bij 23 van de 100 vrouwen die de uitslag krijgen dat ze mogelijk zwanger zijn van een kind met patausyndroom, klopt dit inderdaad; 77 vrouwen zijn dus niet zwanger van een kind met patausyndroom.

Als je echt zekerheid wilt hebben, kun je alsnog een vlokkentest of vruchtwateronderzoek laten doen.

 

‘Er is een nevenbevinding gevonden.’

Je krijgt dan uitleg over wat precies er is gevonden en wat dit mogelijk voor jou en/of voor je kind betekent. Je krijgt hiervoor een uitnodiging voor een gesprek op een polikliniek klinische genetica van een universitair ziekenhuis, waarin je meer informatie over de nevenbevinding krijgt en wat de mogelijkheden zijn.

 

‘Er is geen nevenbevinding gevonden.’

Als er in de uitslag niets staat over nevenbevindingen, dan betekent dit dat er ook geen nevenbevindingen zijn gevonden.

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >
longontsteking-kinderen-symptomen-behandeling

In Nederland krijgen elk jaar gemiddeld 25.000 kinderen een longontsteking. Vaak is die na een week of twee wel genezen, maar het kan ook maanden duren voordat een kind weer de oude is.

'Op tijd behandelen voorkomt erger', zegt Michael Rutgers, directeur van het Longfonds. In onderstaande antwoorden lees je hoe.

 

Wat is een longontsteking? 

Longontsteking is een ontsteking van de longen door een virus of bacterie en komt bij kinderen redelijk vaak voor. De kans om het te krijgen is het grootst bij baby's jonger dan één jaar, omdat hun afweer nog in ontwikkeling is. Zowel één als beide longen kunnen ontstoken zijn: wanneer beide longen ontstoken zijn, spreek je van een dubbele longontsteking.

 

Wat is de oorzaak? 

Meestal een virus of bacterie. Een gewone griep of verkoudheid, bijvoorbeeld. Tegenwoordig worden kinderen op het consultatiebureau ingeënt voor de pneumokokken bacterie. Hierdoor is de kans op een longontsteking door deze bacterie veel kleiner geworden. Wel heeft je kind meer kans op een longontsteking als hij een afweerstoornis, cystic fibrosis, PCD, een ontwikkelingsachterstand of last van spierzwakte heeft.

Oh, en dat je ziek kunt worden van kou is trouwens een fabel: virussen en bacteriën zijn altijd actief, of het nu warm of koud is, maar in de wintermaanden zitten we veel meer binnen (met ramen gesloten) en dichter op elkaar. De kans dat virussen aan elkaar worden overdragen, is daardoor groter.

 

Lees ook
VIDEO: dit is het verschil tussen griep en verkoudheid >

 

Wat zijn de symptomen? 

Eigenlijk krijgen kinderen vergelijkbare klachten als bij griep, maar dan een tikkie heftiger. Een paar voorbeelden: benauwd, kortademig, ophoesten van slijm (soms met wat bloed), moe, rillen en koorts.

 

Hoe behandel je een longontsteking?

Vermoed je dat je kind een longontsteking heeft, neem dan contact op met de huisarts. In de meeste gevallen schrijft hij of zij dan een antibioticakuur voor. Althans, als de oorzaak een bacteriële infectie is. Aan een virale infectie kan de huisarts weinig doen en dan is het een kwestie van uitzieken. Bij koorts of pijn mag je doorgaans gerust een pijnstiller geven.

Zijn de klachten na drie dagen antibiotica nog niet minder of wordt je kind steeds zieker? Bel dan de huisarts nog een keer. Bij een ernstige longontsteking wordt een kind opgenomen in het ziekenhuis. Daar krijgt-ie een hogere dosis antibiotica toegediend via pillen of een infuus.

 

Wat kun je zelf doen?

De kuur afmaken, je kind goed laten uitrusten én veel laten drinken: voor baby's tot zes maanden geldt ongeveer 150 ml per kilo lichaamsgewicht per dag, borstvoeding kan op verzoek. Baby's van zes maanden en ouder hebben per dag ongeveer 100 ml nodig per kilo lichaamsgewicht. Kinderen vanaf één jaar zes tot zeven bekertjes per dag van ongeveer 75 ml. Gaat drinken moeizaam? Probeer eens thee zonder suiker, diksap of dunne pap - dan krijgen ze toch het nodige vocht binnen.

 

Bron: Longfonds

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >