IVF miskraam
Beeld: Pexels

Tinke (35) en Tom (36) werden na zes jaar proberen en vier speciale IVF-pogingen ouders van dochter Nadine (2).

‘Op mijn vijfentwintigste raakte ik ongepland zwanger van mijn vriend Tom. We waren pas een paar maanden samen. Ik viel bijna van mijn stoel toen ik de positieve test in mijn handen hield. Ik wilde nog reizen, carrière maken, het leven leren. Nu zat er opeens een boon in mijn buik. Tom en ik besloten er na nachtenlang wikken en wegen voor te gaan; we wilden tenslotte óóit wel kinderen. Dan maar een change of plans, so be it.
 

More content below the advertising

'Niemand kan zo'n omslag zo snel bevatten'

We waren net een beetje gewend aan het idee, toen ik na elf weken zwangerschap een bloeding kreeg: een miskraam. Tom en ik waren er kapot van. Hoewel we al onze toekomstplannen gedwongen hadden omgegooid, waren we ons gaan hechten aan het leven in mijn buik. In plaats van onze oude plannen weer op te pakken, probeerden we opnieuw in verwachting te raken. Maand na maand na maand. Maar er gebeurde niks.

Ik ben er gewoon te erg op gefocust, dacht ik, ik moest mijn lichaam en geest wel tijd gunnen. Van ongewenst zwanger was ik opeens ongewenst kinderloos; niemand kan zo’n omslag zo snel bevatten. Maar na een jaar was het nog steeds niet raak. De huisarts stuurde ons nog even “de wei in”. We waren zo jong, het zou vanzelf wel lukken, zei hij – dat hadden we toch al een keer bewezen? Maar zeven maanden later waren al mijn zwangerschapstesten nog steeds negatief. Eindelijk mochten we de medische molen in.
 

'De eerste keer zwanger was een wonder'

De gynaecoloog bevestigde na lichamelijk onderzoek bij ons beiden en wekenlang wachten op uitslagen van bloed- en zaadtesten mijn angstige vermoeden: Toms zaadcellen vertoonden nauwelijks teken van leven. Dat ik de eerste keer spontaan zwanger was geraakt, mocht een wonder heten.

Vruchtbaarheidsproblemen voor je dertigste; ik dacht dat het ziekenhuis een fout had gemaakt. Maar de gynaecoloog toonde me de uitslagen zwart op wit. Omdat Toms zaad zo zwak was, stelde hij ICSI voor, een vorm van IVF waarbij één zaadcel direct wordt geïnjecteerd in een eicel. Eén seconde vloog door mijn hoofd: Ik kan Tom ook verlaten. Welk stel komt zoiets ingrijpends als een IVF-traject überhaupt zonder kleerscheuren door? Het zou me een hoop fysieke én emotionele ellende schelen. Dezelfde seconde verdrong ik die gedachte weer: er was maar één man op de hele wereld met wie ik een kind wilde, en dat was Tom.
 

Lees ook
Marieke had een buitenbaarmoederlijke zwangerschap: ‘Daar gaat onze kinderwens, dacht ik’ >

 

Schuldgevoel

Tom had het er misschien nog wel het zwaarst mee. Hij voelde zich aangetast in zijn mannelijkheid en voelde zich schuldig naar mij. Hij wist dat de weg naar een baby een lange zou worden, én hoe sterk ik hunkerde naar een kind. Bovendien was ik degene die fysiek het meest zou moeten lijden. Hoe vruchtbaar ik ook was: ík moest een intensieve hormoonbehandeling ondergaan, waarbij ik mezelf injecteerde om meerdere eicellen tegelijk te laten rijpen, die dan later door middel van een pijnlijke ingreep geoogst konden worden.

In de tussentijd kwamen we in aanmerking voor IUI (intra-uterine inseminatie), waarbij bewerkt zaad van Tom dat wél gezond was, direct in mijn baarmoeder werd gespoten. Het sloeg niet aan, net als de eerste twee terugplaatsingen van door ICSI bevruchte eicellen. Na een tweede ‘oogst’ nieuwe eicellen, sloeg de ICSI wel aan. Twee weken later kreeg ik opnieuw een miskraam.
 

Van de daken schreeuwen

Het continue leven tussen hoop en vrees, de teleurstellingen en de hormoonbehandelingen trokken een wissel op onze relatie. Ik werd er vreselijk labiel en snauwerig van en had het gevoel dat we in het ziekenhuis wóónden. Van een normaal seksleven was ook geen sprake meer, dat is op sommige momenten in het traject zelfs verboden. Maar de vierde poging was het raak. Tom en ik konden het wel van de daken schreeuwen, maar durfden dat pas toen we na veertien weken zwangerschap op de echo nog steeds een krachtig kloppend hartje zagen. Het maakte ons weer stukken closer: het einde van de ellende was in zicht. Een halfjaar later werd Nadine geboren.

Mensen hebben meestal geen idee hoe zwaar zo’n medische weg naar een baby is. Mijn familie en vriendinnen wílden het wel begrijpen. Ze zagen me ploeteren – ziekenhuis in, ziekenhuis uit en met niks anders meer aan mijn hoofd dan zwanger worden - maar zo’n traject doorléven is echt heel andere koek. Ik heb me soms zó alleen gevoeld.
 

Ons eigen wonder

Tom en ik zouden dolgraag een tweede kind willen. Vaak hoor je dat dat na een IVF-behandeling toch nog spontaan gebeurt, maar in ons geval is die kans heel klein. En de hele medische molen opnieuw in, dat trek ik niet meer. Dus we houden het ondanks onze wens bij één kind. We zijn enorm gelukkig met Nadine; dat zij er is, is ons eigen wonder.’
 

 

IVF of ICSI?

In vitro fertilisatie (IVF) betekent letterlijk ‘bevruchting in glas’. Buiten jouw lichaam brengt de embryoloog de gezonde zaadcellen van de man in contact met de eicel. ICSI staat voor intra-cytoplasmatische sperma-injectie en is een vorm van IVF, maar hierbij injecteert de specialist buiten het lichaam één geselecteerde zaadcel direct in de eicel. Dat gebeurt vooral bij stellen waarvan de man sterk verminderd vruchtbaar is.

Zodra er bevruchting plaatsvindt, plaatst de arts het embryo – soms twee - na een aantal dagen terug in de baarmoeder. Ongeveer 20% van alle IVF-behandelingen resulteert in een zwangerschap, en ongeveer 2% van de Nederlandse baby’s zou geboren worden na een IVF- of ICSI-behandeling.

Ongeacht haar eigen vruchtbaarheid, moeten alle vrouwen meerdere hormoonbehandelingen ondergaan voor IVF. In een normale cyclus rijpt slechts één eicel; dankzij de hormonen worden dat er vijf tot tien. De rijping is te volgen door middel van vaginale echo’s. Zo weet de arts ook wanneer het tijd is om de eitjes te “oogsten”.

Critici beweren dat ICSI risicovoller is dan IVF. Bij een gewone IVF-behandeling dringt één (de sterkste) van de duizenden zaadcellen in de eicel door. Bij ICSI kiest de embryoloog een goed ogende zaadcel uit voor bevruchting. Het injecteren in de eicel zou bovendien het chromosoommateriaal van de eicel kunnen beschadigen. Maar: diverse onderzoeken spreken dat tegen.

In het basispakket van de zorgverzekeraar zijn drie IVF-behandeling opgenomen. Sommige aanvullende verzekeringen vergoeden meer behandelingen.
 

Dit artikel heeft eerder in Kek Mama gestaan.

 


 


Meer persoonlijke verhalen lezen? We selecteren de mooiste in onze nieuwsbrief.