Soms kom je er niet uit in je eentje en kun je wel wat advies gebruiken. Elke dinsdag vertelt een lezeres daarom over haar dilemma.
Lees verder onder de advertentie
Sharon (35) woont samen met Marco (34) en is moeder van Kirsten (7) en Casper (5).
“In groep 1 waarschuwde de juf ons al: ‘Casper kan al lezen en rekenen, die verveelt zich straks stierlijk in groep 2. Hebben jullie weleens overwogen hem meteen te laten doorstromen naar groep 3?’ Marco en ik wilden er niets van weten. Casper is een vroege leerling, hij is pas in oktober jarig. En dan op zijn tiende naar de middelbare school? No way.
Lees verder onder de advertentie
Voorsprong
Nu het schooljaar in volle gang is, zien we dat de juf gelijk had. Casper wordt met de week ongelukkiger in de klas. Zijn leeftijdsgenoten leren woordjes, Casper leest zelfstandig boeken. Het rekenboekje van zijn zus in groep 4 had hij binnen drie dagen uit. Foutloos. Bij klasgenoten vindt hij daardoor weinig aansluiting; hij is nu eenmaal stukken verder dan zij. Maar dat is allemaal op cognitief niveau; sociaal-emotioneel moet ook hij nog heel veel leren.
Van school mag Casper na de kerstvakantie alsnog doorstromen naar groep 3, als we dat willen. Maar Marco en ik twijfelen. Want hoe houdt onze vijfjarige zich staande tussen jongens van een kop groter die al 7 zijn? Ondertussen dagen we hem zo veel mogelijk uit met extra verrijkingsstof die we meekrijgen van school, want een plusklas voor kinderen die meer uitdaging nodig hebben, is er niet op onze school.
Lees verder onder de advertentie
Die extra stof maakt Casper vooralsnog niet veel gelukkiger. We zitten met de handen in het haar. Moeten we op zoek naar een school waar ze die plusklas wel hebben? Hem tóch een klas laten overslaan? Of is dit een kwestie van tijd vindt hij zijn draai in zijn eigen klas uiteindelijk wel als we hem thuis maar genoeg uitdagen?”
Natuurlijk hoop je dat je kind later een beetje aardig is voor de mensen om zich heen. Dat-ie iemand helpt die valt, niet voordringt bij de bakker en ooit uit zichzelf zijn broer of zus een koekje aanbiedt. Dat laatste is misschien wat ambitieus. Maar hoe leer je een kind eigenlijk om vriendelijk en empathisch […]
Toen we de naam van onze zoon bekendmaakten, waren mijn ouders niet bepaald enthousiast. Vooral de buitenlandse uitspraak vonden ze maar overdreven. Ik dacht dat ze er vanzelf aan zouden wennen. Inmiddels is mijn zoon vier en spreken opa en oma zijn naam nog steeds anders uit.
Kinderen hebben niet veel nodig om zich urenlang te vermaken. Geef ze een lege doos en ze bouwen een huis. Een oude deken wordt een tent, een pollepel een microfoon en een wc-rolletje is binnen drie seconden een verrekijker. En soms hebben ze aan een zolder genoeg.
Erica’s dochter heeft een half jaar verkering met een jongen die ze tijdens de vakantie heeft ontmoet. Ze zijn allebei vijftien en stapelgek op elkaar. Alleen woont hij anderhalf uur verderop. Daarom wil ze bij hem blijven slapen. Erica vindt dat prima, maar haar man denkt daar héél anders over.
Je ouders konden ontzettend veel van je houden en je tóch niet altijd geven wat je emotioneel nodig had. Volgens psychologen kunnen de gevolgen daarvan zelfs als volwassene nog merkbaar zijn. En soms zit dat in kleine dingen.
Opa en oma die een studiepotje openen, het collegegeld betalen of zo nu en dan wat toestoppen: het is natuurlijk hartstikke fijn als het kan. Maar financiële hulp van grootouders kan volgens nieuw onderzoek ook écht verschil maken.