Mila: ‘Ik wacht al een jaar lang op die Tikkie van €800’
Soms loopt een simpele Marktplaats-aankoop nét even anders dan gepland. Wat begon als een droomvondst voor een prikkie, veranderde in een verhaal dat Mila een jaar later nog steeds bezighoudt.
Beeld: Kek Mama
Op het schoolplein worden dagelijks grote problemen klein gemaakt en kleine problemen soms verrassend groot. En wat doe je als een ogenschijnlijk onschuldige rage ineens uitmondt in een officieel verbod?
Een berichtje van school met de woorden ‘we willen u even spreken’ is genoeg om elke ouder spontaan in crisismodus te laten schieten. Want wat kan een kleuter in vredesnaam hebben uitgespookt dat een officieel gesprek nodig is?
Stella: “Het begon met een mailtje van de docent van mijn dochter. Of ik ‘even’ langs kon komen voor een gesprek. Even. Dat woord alleen al. Niemand zegt ‘even’ als het écht even is. Mijn hoofd sloeg direct op hol. ‘Wat zou mijn kind in vredesnaam hebben gedaan dat ik op gesprek moet komen?’ Had ze iemand geduwd? De schoolbibliotheek gemold? Een opstand georganiseerd in groep 2? Ik zag al voor me hoe ik tegenover drie leerkrachten en een intern begeleider zou zitten terwijl zij ernstig knikkend woorden gebruikten als zorgelijk en grensoverschrijdend. Ze is pas vijf. Wat zou ze gedaan hebben?
De nacht voor het gesprek sliep ik ongeveer net zo goed als in de kraamweek. Mijn gedachten gingen van 0 naar 100 in drie seconden. Misschien had ze iets lelijks gezegd of een klasgenootje emotioneel getekend voor het leven. Zou ze misschien iets gestolen hebben uit het lokaal? Nonchalant vroeg ik tijdens het avondeten: ‘Wat heb je vandaag op school gedaan?’ ‘Gewoon’, zei ze. ‘Gekleurd. En geruild.’ Geruild? Wat geruild? En met wie? Zou ze ondergrondse handeltjes regelen op het schoolplein?
Twee dagen later en daar zat ik. Op zo’n mini-stoeltje waar je knieën standaard boven je heupen uitsteken. De juf glimlachte vriendelijk. Dat stelde me totaal niet gerust. Volgens de juf zorgde mijn dochter voor ‘onrust in de groep’. Er was competitie en er waren tranen, er werd blijkbaar onderhandeld alsof het om vastgoed ging. ‘Ze is er wel heel ondernemend in’, zei de juf voorzichtig. Ondernemend? Kijk, dát woord kende ik. ‘Het gaat over de stickers’, begon ze. Stickers? Mijn brein moest even schakelen. Geen gevecht, geen gescheld en geen brandstichting. Gewoon stickers.
Blijkbaar was mijn dochter de Pablo Escobar van de kleuterbouw geworden, maar dan met glitters en eenhoorns. Ze nam elke dag complete vellen mee en er was een levendige ruilhandel ontstaan. Dinosaurussen tegen holografische hartjes. Frozen tegen Paw Patrol. Er waren zelfs kinderen verdrietig naar huis gegaan omdat ze ‘slechte deals’ hadden gemaakt. Ik wist niet dat een kleuter hier een verbod voor kon krijgen op de basisschool. Maar het verdict was duidelijk: er kwam een stickerverbod. Geen handel meer op het schoolplein en geen ruilbeurs tijdens de kleine pauze. De glittereconomie werd stilgelegd.
Ik knikte begripvol. Natuurlijk snapte ik het. Regels zijn regels. Orde in de klas is belangrijk. Maar ergens, heel diep vanbinnen, zat ook een miniscuul stemmetje dat dacht: ‘Ze runt gewoon een succesvolle start-up op haar vijfde’. Thuis bracht ik het nieuws voorzichtig. ‘De juf zegt dat stickers voortaan thuis moeten blijven.’ Ze haalde haar schouders op. ‘Oké.’
Mijn leermoment: dat een mailtje van school niet automatisch betekent dat je kind uit de kleuterklas wordt gezet wegens criminele activiteiten. Soms gaat het gewoon om stickers. Ik ben ergens ook opgelucht. Liever een stickerverbod dan een schoolplein-marktplaats-verbod op haar twaalfde omdat ze dan een echte handeltjeskoningin blijkt. Voor nu houden we de economie klein. Thuis mag ze plakken wat ze wil, maar ik hou haar wel een beetje in de gaten. Je weet maar nooit wanneer de glittermarkt weer opleeft.”
Naast kinderen zijn er ook volwassenen die een verbod zouden moeten krijgen, bijvoorbeeld voor tikkies sturen. Lees hier het verhaal van Colette, die een tikkie van €1,59 van haar zus kreeg na het oppassen.