Een paar weken doorbrengen in een ander huis, ontspannen op vakantie terwijl iemand anders voor jouw woning zorgt. Huizenruil klinkt perfect, maar bij deze moeders liep het toch anders dan verwacht.
Lees verder onder de advertentie
Yvette (39), moeder van Lisa (11), Gwen (8) en de tweeling Joris en Pepijn (4)
“Wij doen al jaren aan huizenruil en dat gaat eigenlijk altijd goed. Behalve die keer dat we ruilden met een gezin uit Frankrijk. Tijdens de video call vooraf hadden we een leuke klik. Maar toen we na een dag rijden de deur van hun huis openden, werden we door een muffe walm verwelkomd.
De woonkamer stond vol met bouwwerken van kartonnen dozen, er lagen vieze dekens over de banken, de wasmand stroomde over, de bedden waren niet opgemaakt en er was niet voldoende schoon beddengoed te vinden. De hele keuken plakte en schoonmaakmiddelen waren onvindbaar. Dus die ben ik bij de supermarkt gaan halen, zodat we een poging konden wagen de boel enigszins te fatsoeneren.
Lees verder onder de advertentie
De grote schoonmaak
Toen we een paar uur later de jongens op bed wilden leggen, ontdekten we dat er een bed te weinig was. Hiermee was de maat vol. Dus appten we subtiel met de eigenaar, die inmiddels in ons superschone huis in Nederland zat. We hebben hen drie dagen de tijd gegeven ons huis te verlaten en vroegen onze buren ondertussen een oogje in het zeil te houden. Zelf zijn we de volgende ochtend naar een kasteeltje in de buurt vertrokken.
Lees verder onder de advertentie
Na twee nachten waren we weer thuis, de gasten waren gelukkig weg. We zijn meteen aan een grote schoonmaak begonnen. Het idee dat deze vieze mensen in ons huis hadden gezeten, ik krijg er nog de rillingen van.”
Toch maar een hotel
Ingrid (41), moeder van Bart (12), Liene (10) en Gijs (5):
“Via een gerenommeerde huizenruilsite boekten we een appartement in Hamburg. De profielfoto van het gezin gaf ons een goed gevoel, ze zagen er betrouwbaar uit. Op de foto’s was te zien dat hun appartement vrij eenvoudig was, maar luxe is voor ons niet belangrijk. Zij hoefden die week overigens niet in ons huis.
Lees verder onder de advertentie
Toen we ’s avonds aankwamen, waren we alle vijf flabbergasted. Overal lag zooi van hun kinderen, de natte was hing aan een rek dat de hele woonkamer in beslag nam. Vieze was in de open wasmand, onder de eettafel lag een berg kruimels. Omdat de bedden niet waren opgemaakt, konden we de gaten en schimmelvlekken in de matrassen zien. Wij zijn echt niet moeilijk, maar hier wilden we geen van allen slapen. We hebben de deur achter ons dichtgetrokken en een hotel geboekt.”
Ook benieuwd naar de grootste ergernis van Nederlanders op vakantie? Je leest het hier.
Kitty is zeventien als ze ontdekt dat ze zwanger is van haar 15-jarige vriend. Zelf weet ze al snel dat ze haar kindje wil houden, maar vanuit haar omgeving overheerst vooral bezorgdheid. Inmiddels is ze negentien, moeder van James en Ivy en te zien in het nieuwe seizoen van Vier Handen Op Eén Buik.
Bijna drie jaar nadat Douwe Bob besloot dat het zo niet langer kon, kijkt de zanger met een heel andere blik naar zijn leven. Hij is inmiddels getrouwd, vader van drie kinderen en zegt beter in zijn vel te zitten.
Frans Duijts (59) blikt in zijn nieuwe biografie Vallen & opstaan terug op moeilijke periodes in zijn leven. Samen met zijn vrouw Marloes vertelt hij ook over de zorgen om hun oudste dochter Jolanda (21), die kampte met ernstige somberheid en gedachten aan zelfdoding.
Wat als jouw zoontje nogal opkijkt naar zijn oudere buurjongen en daarbij behoorlijk beïnvloed wordt, op een manier waar jij als moeder he-le-maal niet blij mee bent? Het gebeurt bij Dilara.
Charlotte en haar vriend zijn dolblij met de naam van hun dochter Lune, maar haar moeder denkt daar duidelijk anders over. Oma weigert haar kleindochter zelfs Lune te noemen en gebruikt consequent haar tweede naam Rosalie.
Als Noa (14) uit school komt met een flinke rode plek op haar voorhoofd, schiet moeder Louise (42) direct in standje opsporing verzocht. Gevallen? Ruzie? Een uit de hand gelopen gymles? Noa houdt het bij: ‘Er is niks.’