kind vermaakt zichzelf
Beeld: Unsplash

Hallo zeg, Joan is geen animatieteam voor kinderen die zich vervelen. Haar zoon moet echt heel ziek zijn, wil ze een potje met hem kwartetten.

Wachtend op het schoolplein raak ik in gesprek met de moeder van Fien, een klasgenoot van Callum. Uit beleefdheid informeer ik naar haar plannen voor de meivakantie. En krijg een dagbesteding voorgeschoteld waar menig animatieteam jaloers op zou zijn. Ze gaan naar het filmmuseum en Nemo. Ze heeft een dj­-workshop geregeld. Ze is van plan Fien pasta te leren koken. Ze doen met zijn tweetjes mee met de zwemvierdaagse, hebben twee moederdochter­-tennisclinics geboekt en uiteraard het gebruikelijke programma: verven, knutselen en koekjesbakken. En wij? Ook zulke leuke plannen?
 

'We zijn ons nog aan het oriënteren'

Eerlijk gezegd heb ik daar nog geen seconde over nagedacht. Bij twee weken vrij denk ik vooral aan ultieme rust. Beetje uitslapen, rustig de dag opstarten en dan kijken op welke momenten ik nog kan werken. Met wat geluk is het mooi weer en speelt Callum buiten. Bij hevige plensbuien gaan we een keer naar de bioscoop, maar ik weet niet eens of er iets draait. Ik hou het dus maar op: “We zijn ons nog aan het oriënteren.” Dat klinkt in ieder geval een stuk beter dan: “Ik heb niks gepland.”
 

Moedergen

Al komt het daar wel op neer. Ik ben namelijk niet zo’n entertainmentmachine. Ik mis de moederdeugd waarbij je dolgelukkig wordt van een middagje fröbelen of kwartetten met je kroost. Of van dekens en lakens een spannende hut maken. Dat moedergen heb ik nooit gehad. Ook niet toen Callum jonger was. Ik vond het heerlijk naar hem te kijken als hij met zijn kleine knuistjes een blokkentoren stapelde. Maar dan vanaf de bank met een espresso erbij.

En dat is altijd zo gebleven, ook nu hij zeven is. Ik voel me niet geroepen mee te klimmen op een klimrek, in zandbakken te grutten of deel te nemen aan watergevechten. Ik moedig hooguit aan en cater met liefde limonade en koekjes. ’s Zomers wil ik met alle plezier een zwembad opblazen, vullen met emmers lauw water en de hele collectie zwemattributen oppompen, maar dan houdt het op.

Van de Xbox weet ik alleen hoe hij aangaat, maar ik heb geen idee hoe ik een voetbalpoppetje naar voren kan bewegen, laat staan een bal schieten, dus dat hele Fifa18 is niet aan mij besteed. En ik mis het geduld om urenlang Muizenval, Toren van Pisa of Bunny Hop te spelen. Als een toren instort ben ik er meteen klaar mee en ik erger me nogal snel als ik niet win. En laten we het alsjeblieft niet hebben over Legopakketten in elkaar zetten, Callums grote passie.
 

Lego

Callum is dol op Lego Ninjago. Sinds zijn vijfde prutst hij de ingewikkeldste bouwwerken in elkaar. Hij bestudeert secuur gebruiksaanwijzingen die door de gemiddelde Ikea-klant als hogere wiskunde zouden worden betiteld. Af en toe wenst hij daar hulp of aanmoediging bij. Al was het maar omdat sommige priegelsteentjes echt lastig klemmen of hij net dat ene rode blokje niet kan vinden.

Of ik wil zoeken? Alvast een vliegtuigje in elkaar wil zetten? De vleugels van de adelaar maken? Zo’n taak schuif ik direct door naar mijn vriend, met de zeer vrouwonvriendelijke boodschap ‘moeders kunnen niet bouwen’. Voordat ik nu een feministische lawine over me heenkrijg: ik voed Callum verder reuze genderneutraal op. Hij leerde al jong dat vrouwen gelijk zijn aan mannen en we verdelen hier in huis keurig alle huishoudelijke taken, ongeacht de sekse. Maar als het om Lego gaat, komt dit politiek incorrecte statement me persoonlijk gewoon goed uit.
 

Sámen delen, sámen spelen

Gek genoeg heb ik wel engelengeduld als het op knuffelen aankomt. Lekker met Callum in bed tutten, samen in bad en stoeien op de bank. Ik ga ook graag mee als hij moet voetballen. Ik sla geen training over, juich om elk balcontact en mis niks, ook niet die uitwedstrijd om kwart over acht ’s ochtends. En voorlezen vind ik een feestje. Zowel voor het slapengaan of op de bank, als we net uit de bieb komen.

Niets zo leuk als mijn favoriete jeugdboeken opnieuw lezen en mijn kind enthousiasmeren voor taal. Maar daar houdt het qua ouderparticipatie wel bij op. Tot ongenoegen van mijn zoon, die heilig gelooft in het credo sámen delen, sámen spelen. Callum kan na zo’n zaterdagochtend, waarop ik in de stromende regen een uur heb gekeken naar een horde jonge hondjes en een bal, doodleuk vragen wat we straks gaan doen, als we thuis zijn. Nou, ik weet niet wat jij gaat doen, maar ik ga koffiedrinken en de krant lezen, denk ik dan. Of domweg candy crushen op de bank. In ieder geval schakel ik mezelf de rest van de dag uit. Even alleen met mijn eigen gedachten. En dat kan het beste als hij in zijn speelhoek Lego bouwt of Pokémonplaatjes op sterkte sorteert.
 

Uitzondering

De enige uitzondering maak ik als Callum ziek is. Een paar werken geleden had hij hoge koorts, hoofd­ en keelpijn en kon hij geen hap door zijn keel krijgen. Heel aandoenlijk en mijn hart brak. Ik wist niet hoe snel ik het hele arsenaal aan familiespellen en Beyblades (soort tollen, google maar) tevoorschijn moest halen. Ik was dolgelukkig dat ik hem kon afleiden met 45 potjes Pesten en Beyblade­gevechten. Maar man, wat was ik blij toen hij beter was en weer lekker buiten kon spelen met de jongens uit de buurt.

Dat zie ik toch het liefst, een kind dat met vriendjes buiten aan het schooieren is en zichzelf goed kan vermaken. Natuurlijk lukt dat niet elke dag. Zeker als zijn twaalfjarige stiefzus hier is, hoor ik regelmatig de woorden ‘ik verveel me’ rondzingen. Prima, niks mis mee. Heb ik vroeger ook veelvuldig gedaan. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat verveling fantastisch is voor de creativiteit. Kinderen hebben meer tijd nodig om prikkels te verwerken dan volwassenen. Dus als je kind zich verveelt of alles saai vindt, schijnt dat heel nuttig te zijn. Saai betekent namelijk rust en oplaadtijd voor de hersenen.
 

Zichzelf vermaken

Als je continu je kind entertaint of ideeën aandraagt om ergens mee te spelen, worden de hersenen niet voldoende gestimuleerd en dus lui, stellen experts. Kinderen leren zo niet om zichzelf te vermaken. Peter Gray, hoogleraar psychologie aan het Amerikaanse Boston College, maakt het nog bouder. Volgens hem moeten ouders die constant meespelen als er een vriendje komt, niet gek opkijken als hun kind narcistisch wordt. Hij stelt in zijn boek Free to learn dat ouders hun kinderen zelf moeten laten aanmodderen. Door je afzijdig te houden, geef je ze de kans hun empathisch vermogen te ontwikkelen. Ze weten dat vriendjes zomaar kunnen afhaken, als er geen ouder is die ingrijpt, dus zijn ze automatisch socialer.

Ik kan me ook niet herinneren dat mijn moeder marathonsessies touwtjespringen of knikkeren met mij hield of fijn mee kwam spelen met de Barbies. Noch de moeders van mijn vriendinnen. Ik weet ook niet wat ze wel deden. Het huishouden? Koffiedrinken? In mijn herinnering stond mijn moeder altijd op de tennisbaan, maar dat kan ik mis hebben.
 

Lees ook
VIDEO: dit doen moeders dus de hele dag >

 

De hele dag bezig met hun kind

Schijnbaar zijn de moeders in mijn omgeving allemaal reuze productief. Zeker degenen die maar één kind hebben, zijn de hele dag bezig om het hun kind naar de zin te maken. De moeders van Callums vriendje Bas gaat gerust met vier jongens tegelijk naar het bos om daar een speurtocht uit te zetten. Zomaar, omdat het woensdagmiddag is. Ik moet er niet aan denken.

Of lijkt dat maar zo, dat al die moeders hele dagen meespelen? Als ik de moeders van Callums voetbalelftal ernaar vraag, blijkt dat zij ook niet als animatieteam fungeren. Lucie doet zelfs helemaal niets. “Ben je gek, hooguit eens per jaar een bordspel, met Kerst. Verder vermaakt hij zich maar met zijn iPad of Playmobil.” Lian haat de Playstation waarmee haar zoon zich dagelijks amuseert. “Al die vreselijke autorace­games. Ik ga echt geen wedstrijdje met hem spelen hoor. Ter compensatie ga ik naast hem op de bank zitten als hij gamet, beetje Facebooken en appen met vriendinnen. Vindt hij ook reuze gezellig.” En Fatima, moeder van vier zonen en een dochter, is nog resoluter: “Nee hoor, spelletjes doen ze maar samen; genoeg broers, zeg ik altijd. Ik speel thuis al zo vaak voor scheidsrechter, dat vind ik voldoende.”

Hoe meer ik doorvraag, hoe meer eerlijke antwoorden ik krijg. Mijn collega Sophie biecht op dat ze soms wel erg lang doet over het zoeken naar de vingerverf in de hoop dat de kinderen inmiddels allang zijn vergeten wat ze zouden gaan doen.
 

Qualitytimen

Gesterkt door deze verhalen (maar ook met een tikkie schuldgevoel, want het is toch wel erg dat mijn zoon eerst ziek moet worden voor ik een keer met hem wil qualitytimen) besluit ik in de meivakantie toch iets met hem te gaan doen. En zo komt het dat ik na twee weken op het schoolplein bewust de moeder van Fien opzoek. Ik kan haar trots vertellen dat ik met Callum ben gaan midgetgolfen, dat ik een keer popcorn (magnetron, maar toch) met hem heb gemaakt en ook naar Nemo ben geweest. Dat Callum daar vervolgens als een haas op leeftijdsgenootjes afging met wie hij in de bellenblaasmachine kroop, waarop ik de hele middag op een bankje op mijn iPhone kon turen, is een detail dat ik wijselijk verzwijg.
 

Dit artikel staat in Kek Mama 07-2018.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

moeders kinderen meer risico vaders
Beeld: Unsplash

Moeders laten hun kind makkelijker risico’s nemen tijdens het spelen dan vaders. Dat blijkt uit onderzoek van VeiligheidNL en Stichting Opvoeden.nl.

Laat jij je kind tussen de 5 en 7 jaar een lucifer afsteken? Drie meter naar beneden springen? Een scherp mes gebruiken? Het zijn zomaar wat vragen uit het onderzoek. Wat blijkt: dertig procent van de moeders zegt haar kinderen aan te moedigen risico’s te nemen tijdens het spelen, tegen zestien procent van de vaders.

Op de vraag of ouders hun kind zouden laten doen wat ze zelf vroeger deden, zegt 58 procent van de vaders nee, tegen 41 procent van de moeders. Of het feit dat meisjes doorgaans nu eenmaal minder risicovol spelen hierin meeweegt, vermeldt het onderzoek nog niet. Net zo min als het waaróm vaders minder risico durven nemen bij het spelen.
 

Lees ook
‘Kinderen moeten meer risicovol buitenspelen’ >

 

Gezond

Volgens een onderzoek van TNS-NIPO beseffen ouders dat risicovol spelen belangrijk is voor de ontwikkeling van hun kind, maar in de praktijk zijn ze vaak bang dat hij zich bezeert. Vorig jaar startte VeiligheidNL een campagne om ouders advies te geven over hoe ze ‘risicovol spelen’ vaker in de praktijk kunnen brengen.

Volgens ander, Noors onderzoek is risicovol spelen goed voor kinderen. Het zou zorgen voor meer zelfvertrouwen, doorzettingsvermogen en de sociale vaardigheden en fysieke gezondheid van kinderen bevorderen.

 

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

kinderseries-van-vroeger

Nu scrolt je kind moeiteloos door -tig verschillende series op Netflix, in jouw tijd was dat wel anders. Toe aan wat nostalgie? Bekijk dit lijstje kinderseries van vroeger - daar is Dora niets bij.

De Fabeltjeskrant (1868 - 1992)

Al een oudje, maar niet zo gek dat deze serie in 2005 werd uitgeroepen tot Beste Kinderprogramma Aller Tijden: zowat ieder kind keek net voor bedtijd naar de gebeurtenissen in het Grote Dierenbos. In 1985 kwam de producent met nieuwe afleveringen, die meteen weer een groot succes werden. 

 

Bassie en Adriaan (1978 - 1997)

En die angstaanjagende plaaggeest waar je nu nog nachtmerries van krijgt. De twee broers begonnen als acrobaten in een circus. Hierna besloot Bas zich als clown te verkleden en ontstonden de karakters Bassie en Adriaan. In 1978 verscheen hun televisieserie voor het eerst op tv.

 

Peppi en Kokki (1972 - 1978)

Zeg je Peppi en Kokki, dan zit hun intro de rest van de dag in je hoofd. De verhalen draaiden om de twee matrozen die korte avonturen beleefden en op zoek waren naar een baan. Eigenlijk waren ze de Nederlandse versie van Laurel en Hardy.

 

Lees ook
Éven rust: 9x Netflix-films en series voor volwassenen >

 

Nils Holgersson (1980 - 1981)

Een tekenfilm en zeker niet de minste. Deze serie (gebaseerd op het gelijknamige boek) speelt zich af in Zweden. De veertienjarige Nils is een nietsnut die alleen maar kattenkwaad uithaalt en dieren pest, maar op een dag vangt hij een kabouter die hem voor straf zelf in een kabouter verandert. En de rest van het verhaal ken je.

 

Tik Tak (1981 - 1991)

Het succesprogramma voor kinderen tot 4 jaar. Programmamaker Mil Lenssens ontdekte toevallig dat peuters geboeid keken naar de lottotrekking met zijn de kleurrijke bollen, voorspelbare bewegingen en leuke muziekjes. En toen kwam het idee voor Tik Tak.

 

Villa Achterwerk (1984 - 2014)

Deze serie is jaren meegegaan. In 1984 begon de VPRO met een kinderblok waarvoor door de jaren heen verschillende namen gebruikt zouden gaan worden: Het huishouden van Jan Steen en Bij Nieuwegein rechtsaf. Een paar jaar nadat het kinderblok verschoven was naar de zondagmorgen, ontstond de naam Villa Achterwerk. Hasta la pasta.

 

De Grote Meneer Kaktus Show (1986-1993)

Meneer Kaktus (Peter Jan Rens), die rondloopt in een pyjama met stropdas, tegenspeler Kweetniet, (eerst Tony Maples, toen Larry Jackson, daarna Joost Hes, en vervolgens Hans van der Laarse) in een geel bokstenue én Mevrouw Stemband (Annemieke Hoogendijk) in een jurk met dierenprint: je krijgt ze niet van je netvlies.

 

Oppassen!!! (1991 - 2003)

Niet per se een jongerenserie, maar toch keken er ook genoeg kinderen naar het wel en wee van de twee opa Willem en Henry. Samen bestierden zij het huishouden en pasten ze op hun tienerkleinkinderen terwijl hun eigen kinderen carrière maakten.

 

Dit artikel is al een keer eerder gepubliceerd.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >