Beeld: Getty
Beeld: Getty

Lieve (30) is moeder van Jan (3) en Dries (1). Na een heftige scheiding heeft ze de liefde opnieuw gevonden. Voor Kek Mama schrijft ze over alles wat ze sindsdien doormaakt. Deze week: Lieve en haar ex zoeken een basisschool voor Jan.

De vakantie zit er alweer op, we moeten allemaal weer in het gareel. Op tijd naar bed, wekkers zetten, broodtrommels vol, kleren op stapels klaar voor de volgende ochtend, tassen ingepakt op het aanrecht en elke avond denken aan een halfje bruin uit de vriezer.

 

Twee basisscholen

Omdat Jan in december de magische leeftijd van vier jaar bereikt, zal er voor hem een geschikte basisschool moeten worden gevonden. Het dorp waar we zijn komen te wonen, nadat mijn ex en ik uit elkaar zijn gegaan, telt twee basisscholen. Bij beide scholen heb ik geen enkel gevoel en dus ook geen voorkeur. Ik ken de scholen niet, ik ken de leerlingen niet en ik ken er geen juffen en meesters.

 

'We bespreken niks'

Mijn ex stelt voor dat ik de afspraken maak en hij volgt. Ik geef hem de data en tijden door en we bespreken verder niks, zoals er zoveel is dat we niet bespreken. Het is raar om dit samen te doen. Het voelt ongemakkelijk en vreemd om nog samen deze beslissing te nemen terwijl hij in zíjn eentje heeft besloten ons gezin te verscheuren.

 

Ongemakkelijk

Hoewel ik er totaal blanco ga, heeft mijn ex een lijstje met vragen. De verschillen tussen ons zijn goed zichtbaar. We laten ons informeren, lopen een rondje door de school en bedanken de directrice hartelijk voor haar aandacht en tijd. Een paar dagen later volgt de andere school. Het voelt dan al iets minder ongemakkelijk, hoewel dat ook kan liggen aan de sfeer die heerst in deze school. Ook daar volgt informatie, een rondleiding en een enthousiast kind!

 

Het gevoel van falen

Als uiteindelijk de knoop moet worden doorgehakt krijg ik van mijn ex alle vrijheid. Ik mag of moet de beslissing nemen aangezien ik Jan elke dag zal moeten brengen en halen en mijn ex van mening is dat ik er meer verstand van heb. Ook dat voelt raar. Hoewel ik blij ben dat ik deze beslissing zelf kan nemen, voelt het eenzaam. Ons gezin dat ik vier jaar geleden stichtte, voelt nu enkel als míjn verantwoordelijk. Een verantwoordelijkheid die ik liever nog had willen delen met hem. En het liefst met hem als mijn man. Niet dat ik hem terug zou willen, maar ik had zo graag het gezin willen blijven dat ik toen voor ogen had. Scheiden voelt voor mij nog steeds als een afgang, een groots falen, mislukt. En ik denk ook niet dat dat gevoel ooit over gaat of zal wennen zolang ik dit soort verantwoordelijkheden in mijn eentje draag.

 

Kind van gescheiden ouders

Met tranen in mijn ogen, een knoop in mijn maag en een brok in mijn keel kruis ik op het aanmeldingsformulier de gezinssituatie ‘gescheiden’ aan en het enige waaraan ik kan denken bij dit confronterende moment is ‘het spijt me’. Ik heb spijt dat het zover is gekomen, spijt dat mijn kinderen moeten opgroeien in een gebroken gezin en vooral spijt dat mijn zoon, door onder andere mijn toedoen, zojuist in zijn eerste hokje is geduwd; kind van gescheiden ouders.

nipt-zwangere-vrouwen

Door de NIPT kun je tijdens je zwangerschap zien hoe groot de kans is dat jouw baby het down-, edwards- of parausyndroom heeft. Maar hoe werkt zo'n test precies? Wanneer kun je 'm doen? En wordt-ie ook vergoed? Wij zochten het voor je uit. 

Want waar de test lange tijd alleen beschikbaar was voor zwangeren met een verhoogde kans op een kind met een chromosoomafwijking, mag sinds april 2017 iedere vrouw er gebruik van maken. Als je er behoefte aan hebt, dan. En als je betaalt, want vrijwillige deelname kost € 175 en wordt niet vergoed door de zorgverzekering.

 

DNA

NIPT betekent 'Niet-Invasieve Prenatale Test' en is een onderzoek dat bestaat uit het afnemen van een paar buisjes bloed. Hierin zit erfelijk materiaal (DNA) van de placenta dat bijna altijd hetzelfde is als dat van je kind. Zo kan het laboratorium dus, veilig én zonder het risico op een miskraam, onderzoeken of jouw baby het down-, edwards- of patausyndroom heeft. Wel goed om te weten: je kunt de test pas laten doen vanaf elf weken zwangerschap. 

 

Nevenbevindingen

Het laboratorium kan terwijl ze de NIPT uitvoeren ook zien of je kind andere (zeldzame) chromosoomafwijkingen heeft: die worden nevenbevindingen genoemd. Je mag zelf beslissen of je deze wilt weten en kunt dan ook kiezen uit twee mogelijkheden:

  1. Je wilt je kind alleen laten screenen op down-, edwards- en patausyndroom. Het laboratorium weet dan ook niet of er nevenbevindingen zijn.
  2. Je wilt je kind laten screenen op down-, edwards- en patausyndroom én je wil weten of het laboratorium nevenbevindingen heeft gevonden.

 

Lees ook
Extreme zwangerschapsmisselijkheid: ‘Zelfs een slokje water kwam er meteen weer uit’ >

 

Uitslagen

Na tien dagen krijg je de uitslag van je gynaecoloog of verloskundige. Als je ervoor hebt gekozen ook nevenbevindingen te willen horen en het laboratorium heeft deze gevonden, dan word je meestal gebeld door het Centrum voor Prenatale Diagnostiek of een polikliniek klinische genetica van een universitair ziekenhuis. De uitslagen die je kunt krijgen zijn: 

 

‘U bent waarschijnlijk niet zwanger van een kind met down-, edwards- of patausyndroom.’

Deze uitslag klopt bijna altijd: minder dan één op de duizend zwangere vrouwen blijkt achteraf toch zwanger van een kind met down-, edwards- of patausyndroom. Bij deze uitslag krijg je geen vervolgonderzoek.

 

‘U bent mogelijk zwanger van een kind met down-, edwards- of patausyndroom.’

  • Bij 75 van de 100 vrouwen die de uitslag krijgen dat ze mogelijk zwanger zijn van een kind met downsyndroom, klopt dat inderdaad; 25 vrouwen zijn dus niet zwanger van een kind met downsyndroom.
  • Bij 24 van de 100 vrouwen die de uitslag krijgen dat ze mogelijk zwanger zijn van een kind met edwardssyndroom, klopt dit inderdaad; 76 vrouwen zijn dus niet zwanger van een kind met edwardssyndroom.
  • Bij 23 van de 100 vrouwen die de uitslag krijgen dat ze mogelijk zwanger zijn van een kind met patausyndroom, klopt dit inderdaad; 77 vrouwen zijn dus niet zwanger van een kind met patausyndroom.

Als je echt zekerheid wilt hebben, kun je alsnog een vlokkentest of vruchtwateronderzoek laten doen.

 

‘Er is een nevenbevinding gevonden.’

Je krijgt dan uitleg over wat precies er is gevonden en wat dit mogelijk voor jou en/of voor je kind betekent. Je krijgt hiervoor een uitnodiging voor een gesprek op een polikliniek klinische genetica van een universitair ziekenhuis, waarin je meer informatie over de nevenbevinding krijgt en wat de mogelijkheden zijn.

 

‘Er is geen nevenbevinding gevonden.’

Als er in de uitslag niets staat over nevenbevindingen, dan betekent dit dat er ook geen nevenbevindingen zijn gevonden.

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >
longontsteking-kinderen-symptomen-behandeling

In Nederland krijgen elk jaar gemiddeld 25.000 kinderen een longontsteking. Vaak is die na een week of twee wel genezen, maar het kan ook maanden duren voordat een kind weer de oude is.

'Op tijd behandelen voorkomt erger', zegt Michael Rutgers, directeur van het Longfonds. In onderstaande antwoorden lees je hoe.

 

Wat is een longontsteking? 

Longontsteking is een ontsteking van de longen door een virus of bacterie en komt bij kinderen redelijk vaak voor. De kans om het te krijgen is het grootst bij baby's jonger dan één jaar, omdat hun afweer nog in ontwikkeling is. Zowel één als beide longen kunnen ontstoken zijn: wanneer beide longen ontstoken zijn, spreek je van een dubbele longontsteking.

 

Wat is de oorzaak? 

Meestal een virus of bacterie. Een gewone griep of verkoudheid, bijvoorbeeld. Tegenwoordig worden kinderen op het consultatiebureau ingeënt voor de pneumokokken bacterie. Hierdoor is de kans op een longontsteking door deze bacterie veel kleiner geworden. Wel heeft je kind meer kans op een longontsteking als hij een afweerstoornis, cystic fibrosis, PCD, een ontwikkelingsachterstand of last van spierzwakte heeft.

Oh, en dat je ziek kunt worden van kou is trouwens een fabel: virussen en bacteriën zijn altijd actief, of het nu warm of koud is, maar in de wintermaanden zitten we veel meer binnen (met ramen gesloten) en dichter op elkaar. De kans dat virussen aan elkaar worden overdragen, is daardoor groter.

 

Lees ook
VIDEO: dit is het verschil tussen griep en verkoudheid >

 

Wat zijn de symptomen? 

Eigenlijk krijgen kinderen vergelijkbare klachten als bij griep, maar dan een tikkie heftiger. Een paar voorbeelden: benauwd, kortademig, ophoesten van slijm (soms met wat bloed), moe, rillen en koorts.

 

Hoe behandel je een longontsteking?

Vermoed je dat je kind een longontsteking heeft, neem dan contact op met de huisarts. In de meeste gevallen schrijft hij of zij dan een antibioticakuur voor. Althans, als de oorzaak een bacteriële infectie is. Aan een virale infectie kan de huisarts weinig doen en dan is het een kwestie van uitzieken. Bij koorts of pijn mag je doorgaans gerust een pijnstiller geven.

Zijn de klachten na drie dagen antibiotica nog niet minder of wordt je kind steeds zieker? Bel dan de huisarts nog een keer. Bij een ernstige longontsteking wordt een kind opgenomen in het ziekenhuis. Daar krijgt-ie een hogere dosis antibiotica toegediend via pillen of een infuus.

 

Wat kun je zelf doen?

De kuur afmaken, je kind goed laten uitrusten én veel laten drinken: voor baby's tot zes maanden geldt ongeveer 150 ml per kilo lichaamsgewicht per dag, borstvoeding kan op verzoek. Baby's van zes maanden en ouder hebben per dag ongeveer 100 ml nodig per kilo lichaamsgewicht. Kinderen vanaf één jaar zes tot zeven bekertjes per dag van ongeveer 75 ml. Gaat drinken moeizaam? Probeer eens thee zonder suiker, diksap of dunne pap - dan krijgen ze toch het nodige vocht binnen.

 

Bron: Longfonds

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >