Kinderen met een handicap zijn minder positief over hun toekomst dan kinderen zonder handicap. Dat blijkt uit onderzoek van stichting het Gehandicapte Kind.

Zo verwacht 69 procent van de kinderen zonder handicap in de toekomt zeker te kunnen studeren tegenover slechts 34 procent van de kinderen met een handicap. En dat terwijl 60 procent van die laatste groep het wel degelijk als een droom ziet om te gaan studeren.

Samenwonen

Als het gaat om samenwonen en/of trouwen geeft 58 procent van de kinderen met een handicap aan dit te willen, slechts 24 procent denkt dit ook zeker te kunnen doen. 61 procent van de kinderen met een handicap geeft aan later zelfstandig te willen wonen: maar 26 procent is ervan overtuigd dat dit gaat lukken. Daar tegenover staat dat 86 procent van de kinderen zonder handicap later op zichzelf wil wonen en 62 procent ook zeker weet dat dit kan. 

Lees ook
'Als mensen staren naar mijn gehandicapte kind, voelt dat als een belediging' >

Article continues after the ad

Extra ondersteuning

Directeur-bestuurder Henk-Willem Laan van stichting het Gehandicapte Kind: "Toen ik hoorde dat het onderzoek aantoont dat kinderen met een handicap veel minder positief zijn over hun eigen toekomst, raakte me dat diep. Stel je eens voor, een kind van nog geen 10 jaar, dat erover droomt om later te gaan studeren of zelfstandig te wonen, maar gelooft dat het er voor hem of haar niet inzit. Zo jong, en dan niet voluit kunnen dromen, omdat je denkt dat dit voor jou toch niet haalbaar is, omdat je een handicap hebt… En dat terwijl deze kinderen, met al hun talenten en dromen, vaak met wat extra ondersteuning en begrip veel meer kunnen bereiken."

Op 15 november start de Week van het Gehandicapte Kind waarin aandacht wordt gevraagd voor de problematiek van kinderen met een handicap. Het thema van dit jaar is toekomstdromen. Meer informatie vind je op gehandicaptekind.nl