vakantie weer naar huis
Beeld: Pixabay

Op die ene logeerpartij op achtjarige leeftijd na, waarin ze onder de strenge blik van de logeermoeder moest ontbijten met havermoutpap en geitenmelk, had Kek Mama’s Jorinde het nog nooit gevoeld, heimwee. Tot die ene, verregende vakantie in een Franse gîte.

Eerst dacht ik dat ik gewoon moest ontstressen. Teveel gewerkt, te hard gefeest, een relatie die op klappen stond en kinderen die maanden eerder eigenlijk al aan vakantie toe waren… Niet zo raar dat ik met een knoop in mijn maag arriveerde in onze Zuid-Franse vakantiewoning, vond ik.
 

More content below the advertising

Niets wat niet op te lossen viel

Dat de regen met bakken uit de hemel kwam, de meubels op instorten stonden en er maar één kinderslaapkamer bleek in plaats van de beloofde twee, hielp waarschijnlijk niet. Net zo min als de norse huiseigenaar, die elke dag kwam controleren of zijn Néerlandais de toko wel intact lieten en met een hoop onverstaanbaar gefoeter de opblaaskrokodillen uit het zwembad viste – precies wanneer ik in mijn blote niks (want: landhuis in de middle of nowhere) de natte handdoeken naar binnen haalde. Een beetje ongemakkelijk allemaal, maar niets wat niet viel op te lossen met een paar kilo Franse kaas en een mooie Sancerre, hoopte ik.
 

Pure wanhoop

Maar de regen stopte niet. Zelfs niet toen we op dag vier besloten dan maar voor een paar uur naar een provincie oostelijker te trekken, omdat daar volgens onze buienradars de zon wel scheen. De wijn smaakte stukken minder goed in het gezelschap van een man met wie ik eigenlijk geen tekst meer had, en met al het kaarslicht van de wereld viel van de muffe woonkamer geen knusse getaway te maken. Alleen de kinderen hadden het naar hun zin, want in een hoosbui met je opblaasbeest in het zwembad is natuurlijk dolle pret, en hoe vaak wil je moeder nou vrijwillig (lees: uit pure wanhoop) twintig potjes met je pesten?
 

Lees ook
Vakantiestress: 'Mag ik alsjeblieft naar huis?' >

 

'Ik had heimwee'

Opeens begreep ik al die Nederlanders met hun potten pindakaas en hagelslag van onze bekendste grootgrutter, daar aan de Spaanse costa. De volgepakte auto’s met eigen beddengoed en andere zaken die maar zoveel mogelijk herinneren aan thuis. In de afgelopen twintig jaar had ik de langste en verste reizen gemaakt en nog nooit had ik er íets van gevoeld, maar nu raakte het me als een mokerslag: heimwee. Het enige fijne wat ik aan deze vakantie kon bedenken, was dat we weer naar huis zouden gaan – wat we overigens een paar dagen eerder dan gepland ook deden.
 

Ongelukkige relatie

Een paar heerlijke reizen verder besef ik dat die heimwee op vakantie iets eenmaligs was. Dat het natuurlijk niks te maken had met het missen van thuis of een beetje pech met het weer, maar alles met mijn ongelukkige relatie. In het juiste gezelschap zouden de muffe meubels rustiek en romantisch zijn geweest, de plenzende regen een aanleiding voor de zoveelste vrijpartij.
 

Vakantie in eigen land

Deze zomer bracht ik door in eigen land. Zonder man, mét kinderen, in de regen. En middenin onze vertrouwde omgeving, werd ik toch nog één keer overvallen door die allesoverheersende knoop in maag: heimwee naar al die andere vakanties, die we met z’n drietjes dolgelukkig doorbrachten in het buitenland.
 

Dit artikel is al een keer eerder gepubliceerd.

 

 

Meer Kek Mama? Neem nu een abonnement en profiteer van leuke aanbiedingen!