de zomer is voorbij eindelijk winter
Beeld: Shutterstock

Er zijn mensen die zich lamlendig door de zomer worstelen en pas opkikkeren als de regen op de ramen klettert of nog beter: het flink gaat sneeuwen.

Vivian Acquah (38), moeder van Orlando (5): “Ik ben allergisch voor de zon. Van de stralen krijg ik een krokodillenhuid – overal bobbels. Het voelt alsof je je hand boven een vuurtje houdt, het brandt en jeukt. Ik schaam me voor hoe het eruitziet. Op warme zomerdagen voelt het alsof mijn huid wordt gebarbecued. Zelfs met factor 50 verbrand ik. Ik heb ermee leren leven, maar dat wordt moeilijker nu Orlando ouder wordt en in de zomer veel naar buiten wil. De combinatie zon en zwembad is voor mij funest, dat doet mijn man met onze zoon.

More content below the advertising

De afgelopen zomer ben ik zo veel mogelijk binnen gebleven. Ik ging ’s avonds op pad met Orlando of naar een indoor speeltuin. Ik moet mijn huid zo min mogelijk blootstellen aan de zon. Toen ik vergat mijn blote voeten in te smeren, verschenen meteen blaasjes. In de zomer loop ik vaak met een paraplu. Dat ziet er raar uit, maar dat moet dan maar. Ik heb altijd een sjaal in mijn tas om mijn huid te bedekken en ik schuifel dicht langs gebouwen omdat daar de meeste schaduw is.

Koele, bewolkte of regenachtige dagen: halleluja. In de herfst kan ik weer van het leven genieten. En ik ben dol op de winter. Binnen is het gezellig met stamppot, warme chocomelk en fijne films. Buiten kunnen we een sneeuwballengevecht houden en het bos in. Heerlijk.”
 

'In de zomer leef ik als een kluizenaar'

Eveline (48), moeder van Kyle (11) en Ryan (15): “In de zomer leef ik als een kluizenaar. Met dank aan mijn astma en hooikoorts. Door de pollen en bedompte lucht krijg ik amper adem. Geloof me, dan blijf je liever binnen, hoe eenzaam ik dat ook vind. In de zomer ben ik ook veel gevoeliger voor kruisreacties tussen pollen en voeding. Van een appel of tomaat krijg ik al een allergieaanval. Dan raak ik in paniek, ik ga zweten, klappertanden en krijg diarree. Er zijn wel pillen voor, maar daar word ik half stoned van. Ook niet fijn.

Als ik naar buiten wil, check ik eerst op een app hoe het is gesteld met de luchtkwaliteit. Als die belabberd is, kan ik niet op pad want dan krijg ik het te benauwd. In de winter bevat de lucht meer zuurstof. Dan kan ik gewoon op straat lopen. Een fikse regenbui betekent bewegingsvrijheid. In de winter heb ik de controle over mijn leven terug. Dan gooi ik de ramen open.”
 

Zomerdepressie

Stefanie (36), moeder van de tweeling Julia en Bobbi (6): “In de zomer zit ik thuis met de gordijnen dicht. Ik voel me somber en hou iedereen op afstand. Ik kan er niks aan doen, ik glijd elk jaar in een zomerdepressie. Een ijsje eten op een terrasje is vreselijk. Ik raak in paniek als ik geen vrij tafeltje zie en wil zo snel mogelijk weer naar huis. Als ik met Julia en Bobbi naar de kinderboerderij ga, zit ik op een bankje en staar voor me uit.

Sinds de geboorte van de tweeling heb ik last van die terugkerende depressies. Gelukkig heb ik een lieve man die veel met de kinderen onderneemt. Als ik weer een depressie heb, vind ik niets leuk, huil veel en wil ik met rust gelaten worden. Een goede vriendin ontfermt zich vaak over mijn kinderen en weet dat ze in de zomer van mij niet veel hoeft te verwachten.

Ik hou de weersverwachting altijd goed in de gaten. Een regendag is een zegen, op hete dagen zit ik thuis en maak plannen voor de koude dagen die uiteindelijk altijd weer komen.”
 

Lees ook
5x fijne buitensporten in de winter >

 

'Soms doe ik alsof het al winter is'

Lotte Keizer (28), moeder van Junus (3) en Boaz (6 maanden): “Hoe vroeger de pepernoten in de schappen liggen, hoe fijner ik dat vind. Ik snap niet dat mensen zich daarover opwinden. Het betekent dat de zomer eindelijk voorbij is. Ik hou van regen, lekker door de plassen stampen.
Druppels op mijn wangen. Heerlijk. Ik vind de winter gewoon gezelliger. Soms doe ik alsof het al winter is. Dan ga ik onder een dekentje op de bank liggen.

Hoe warmer het in de zomer is, hoe meer zin ik krijg in warme chocomelk met slagroom. Mijn man vindt dat raar. Dus ga ik stiekem in mijn eentje naar een café om het te drinken. Ik zie me nog lopen afgelopen zomer: baby in de wagen, drie tassen, op mijn ene arm een peuter en aan de andere zijn loopfiets waar hij niet op wilde. En dat in de brandende zon.

Vertel mij maar wat daar leuk aan moet zijn. Ik ben panisch dat de huidjes van de kinderen verbranden en blijf ze insmeren. Het huis is niet koel te krijgen, en zelfs zonder kleren heb ik het heet. Ik slaap het liefst onder een dekbed, maar als het ’s nachts boven de twintig graden is, is een laken al te warm.

Het strand vind ik ook vreselijk. Lig je daar hutjemutje, nadat je eerst drie kwartier naar een parkeerplek hebt gezocht. Op kou kun je je kleden. Je kunt je handen warmen aan een kop thee. Ultiem geluk: thuiskomen op een winteravond, in bed stappen en langzaam voelen hoe dat opwarmt.”
 

Hittegolf overleven

Mariko Naber (43), moeder van Scott (8): “Als de zomer me te lang duurt, ga ik een dagje naar de indoorskibaan voor een dosis winter. Ik heb altijd meer van de winter gehouden. Tegen de kou kun je je wapenen, tegen hitte niet. Warmte maakt me lamlendig. We wonen in Scheveningen, bijna op het strand. In de zomer ligt dat helemaal vol. Ik ga alleen ’s avonds naar zee om af te koelen in het water. 

In de winter heb ik het strand praktisch voor mij alleen. Dan ga ik met mijn zoon kijken wat er nu weer is aangespoeld. We vinden de mooiste schelpen en vorig jaar was het strand twee dagen bezaaid met zeesterren.

Afgelopen zomer, met de ene na de andere hittegolf, vond ik het echt een kwestie van overleven. In juli kreeg ik tien migraineaanvallen van de felle zon. We gaan in de zomervakantie nooit naar een warm land. Ik moet er niet aan denken. Dit jaar zijn we naar Noorwegen geweest en hebben daar de eeuwige sneeuw gezien. In de winter gaan we lekker skiën. Ik hoop elk jaar dat het in Nederland ook gaat sneeuwen, gelukkiger kun je mij niet krijgen. Het zou een reden zijn om te emigreren naar een land waar het gegarandeerd sneeuwt.

Als de regen tegen de ramen klettert, verdwijnt alle lamlendigheid. Ik vier Halloween en Thanksgiving. Meteen na Sinterklaas tuig ik de kerstboom op met ballen en musketkransjes aan rode lintjes. Ik kijk nu al uit naar kerst. Vrienden en familie aan tafel, lekker eten, kaarsen aan, gordijnen dicht. En als het even kan een dik pak sneeuw voor de deur.”
 

Dit artikel staat in het Kek Mama Winterboek 2018.

 


 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >