column-malu

Malu Pesulima (27) woont samen met Romano en is moeder van Mack (8 maanden).

“Fuck it, we doen het gewoon.” Romano en ik zetten onze pasgeboren zoon in de auto en rijden dapper richting het centrum; het is mooi weer en we zijn na wat pittige kraamdagen wel toe aan een middag op het terras. Dat we voor het eerst met een kind zijn (dat tevens een behoorlijk onregelmatig eetschema volgt en waarvan we de uitknop nog niet hebben gevonden), lijkt bijzaak nu hij snurkt als een roos.
 

More content below the advertising

Bijpraten

Het eerste drankje gaat goed. En als onze zoon ook na het tweede drankje geen kik geeft, durven we het aan een borrelplank te bestellen.

We praten over van alles. Over de helse nacht omdat de baby niet stil te krijgen was, over de lieve kraamhulp, spuugdoekjes, flessenwarmers en dat we nu toch echt een grotere wasmand moeten aanschaffen. Maar ook over onze verkeringstijd: dagenlang toeven op terrasjes, ontelbaarveel stedentrips maken en nachten achter elkaar series kijken. Over ons eerste huis, op zondagen heel laat opstaan, ovenbroodjes in bed en de leukste feesten.

Even voel ik me weer die verliefde puber van jaren geleden. Tot ik van mijn roze wolk word gerukt door een geluid dat schijnbaar uit ons kind komt, maar meer wegheeft van een hysterische brandweerauto die met loeiende sirenes door een normaal zo vredige Vinex-wijk buldert. Na een paar minuten tevergeefs wiegen, komen we tot de conclusie: hij heeft honger.
 

Lees ook
Column Malu: ‘En toen werd het me allemaal even te veel’ >

 

Honger

Nu ik eraan terugdenk kan ik mezelf wel voor mijn kop slaan (want kom op: geef je kind gewoon lekker de borst op het terras, boeiend), maar op dat moment durf ik het niet. Een behulpzame serveerster begeleidt me daarom naar een rustig plekje ergens achter in het restaurant. Terwijl Romano onze tafel bezet houdt en ik met haar meeloop, zie ik iemand met onze borrelplank voorbijkomen. Even snel de borst geven, dan kan ik aanvallen, denk ik nog.

Maar even snel is er niet bij: kind voelt dat ik haast heb, mij niet op mijn gemak voel en weigert te drinken. Dit resulteert in een gefrustreerde baby die nog harder huilt. Inmiddels word ik door de rest van het restaurant bekeken alsof ik een toeristenattractie ben, dus na tien minuten gejengel stuur ik Romano een appje dat we maar beter naar huis kunnen gaan.

Eenmaal thuis voelt het alsof ik een belangrijke wedstrijd heb verloren. Romano schenkt wat te drinken voor me in, komt naast me zitten en haalt een verfrommelde doggybag uit de luiertas: onze borrelplank waar ik al die tijd zo’n trek ik had. “Dan maken we het hier toch gewoon gezellig, schat?” Mijn humeur trekt bij. En opnieuw voel ik me weer even die verliefde puber van jaren geleden.
 

Deze column staat in het Kek Mama Liefdesboek 2019.

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >