de juf moe
Beeld: Shutterstock

Een leerkracht vertelt aan Kek Mama wat ze meemaakt. Deze keer: Juf Christine (27) geeft les aan groep 7.

Maandagmiddag, groep zeven. We zijn bezig met dictee als ik me duizelig voel. De klas begint te draaien, ik word misselijk. Ik ga achter mijn tafel zitten. “Jongens, ik voel me even niet zo lekker”, zeg ik. “We gaan zo verder.” De kinderen kijken bezorgd. Jordi rent naar de wc’s en komt terug met een bekertje water. Ik accepteer het dankbaar. Al snel voel ik me weer de oude worden. Maar ik ben wel geschrokken.
 

Article continues after the ad

Hoge lat

Dat er iets mis met me is weet ik al een tijdje. Ik slaap al maanden drie uur per nacht, lig eindeloos te piekeren over mijn werk. Geef ik verlegen Eva wel genoeg aandacht? Is het terecht dat Olivia als voorlopig schooladvies vmbo krijgt of zou ze toch de havo aankunnen? Zou Oscar thuis verwaarloosd worden? Hij komt wel erg vaak met verfomfaaide kleren in de klas.

Ik pieker ook omdat ik te veel pieker. Het risico van overspannenheid ligt op de loer in ons vak. Docenten leggen de lat hoog. Mijn werkdagen zijn lang. Om acht uur moet ik op school zijn en ik ben nooit voor zes uur thuis. Op mijn tandvlees. Een normale lunchpauze kan ik vergeten. In de lerarenkamer wemelt het van kinderen die zijn gevallen en pijn hebben, collega’s willen overleg, de telefoon gaat steeds.

Na de les komen de ouders naar me toe. Ze zijn veeleisend. Vroeger was de vraag: “Luistert mijn kind wel naar de juf?”, nu is het: “Luistert de juf wel naar mijn kind?” Als ik die ronde heb gehad, volgen de vergaderingen van de commissies waar ik verplicht in zit: de ouderavonden-commissie, de anti-pest-commissie en de Cito-commissie. Voor het nakijken van dictees, opstellen en huiswerk en het voorbereiden van de lessen blijft weinig tijd over. Ik voel dat ik aan het eind van mijn Latijn ben. Maar als ik afhaak zitten mijn collega’s met een probleem. Vervanging zoeken is een crime.
 

Lees ook
De juf: 'Leerling Maarten bleek ineens een groot, muzikaal talent te zijn' >
 

Kort lontje

Intussen heb ik weinig geduld met mijn leerlingen. Gisteren ben ik boos uitgevallen tegen Diederik, die even zat te praten met zijn buurman. “Als je doorgaat met klieren ga je maar naar de directeur”, beet ik hem toe. Ik had algauw spijt. En ik zei: “Jongens, ik slaap niet zo goed, dan heb je een kort lontje. Dus jullie moeten geduld met me hebben.” Diederik zei trouwhartig: “Sorry juf, ik zal het niet meer doen.”

Na de les komt Yacinthe naar me toe. “Je bent moe hè, juf.” Ze geeft me een tekening van een grote boom met allemaal kleine boompjes. Bij de grote boom staat: “Je bent de allerliefste juf.” Ik doe mijn best niet in tranen uit te barsten. Dan hebben de kinderen niet alleen een duizelige en snauwende juf, maar ook een huilende juf. Als ik goed voor mijn schattige leerlingen wil zorgen, moet ik eerst goed voor mezelf zorgen, besef ik. Ik neem me voor de dokter te bellen. Morgen. Of, nou ja vooruit, overmorgen.
 

Dit artikel staat in Kek Mama 09-2020.

 


Meer lezen? Neem hier een abonnement op Kek Mama, de #1 glossy voor moeders.