financiële detox
Beeld: Getty

Nienke Blokhuis houdt zes weken de hand op de knip en denk vooral niet dat zo'n financiële detox een lolletje is voor iemand die graag met geld smijt.

Het feit dat het leven als freelancer in de journalistiek geen vetpot is, heeft me er nooit van weerhouden dat leven eindeloos op te sieren met etentjes, nutteloze internetbestellingen en nog meer etentjes. Vooral als een grote klus werd uitbetaald vond ik dat ik alle recht had dit te vieren. Met ambachtelijk brood en Franse douchegel, geurende leren tassen of gebonden notitieboeken. Op dat moment vergat ik vaak dat ik dit heugelijke feit al veel eerder had gevierd, namelijk een maand daarvoor, toen ik die klus kreeg. Nog iets wat ik dan vergat: die stapel ongeopende rekeningen op de keukentafel, en de spaarrekening waarmee ik ooit grootse plannen had. Een pensioen of arbeidsongeschiktheidsverzekering, twee zaken waarvoor iedere freelancer zelf de verantwoordelijkheid draagt, waren op die momenten helemaal mijlenver weg.

Met de komst van de kinderen groeide gelukkig ook het financiële verantwoordelijkheidsgevoel; het is immers een beetje verdrietig geen geld te hebben voor luiers en verjaardagscadeaus. En dus wordt er tegenwoordig veel minder koffie buiten de deur gedronken en wend ik mij regelmatig tot Marktplaats en tweedehands kledingwinkels – voor de kinderen en mezelf. Boodschappen doen we vaak bij de goedkope Duitse supermarkt en de pizza­ en sushi koerier is allang niet meer onze beste vriend.

 

Heerlijk, niet op de prijskaartjes letten

Maar hoe leuk het ook is tweedehands parels te scoren, het blijft net zo heerlijk af en toe niet op prijskaartjes te  letten. Simpelweg omdat een echt zuinig leven mij heel saai lijkt. Ons gedrag, want mijn vriend is ook geen spaarder, heeft ons weliswaar hoofdpijn bezorgd, maar ook geweldige momenten. Een spontane reis naar Japan bijvoorbeeld. Of gierende lach tijdens een etentje, omdat we besloten voor het uitgebreide wijnarrangement te gaan onder het motto who needs gas, water en licht.

Daarbij vinden wij heel vaak dat we iets gewoon echt nodig hebben. En dat ‘iets’ kan variëren van een pot ingelegde citroenen tot een design waterkoker. Natuurlijk zitten wij geregeld op blaren door dit gedrag. Maar, praten wij recht: anders hadden we op voorhand op die blaren gezeten. En nu hebben we in ieder geval nog geweldige herinneringen, of een design waterkoker, om de pijn mee te verzachten. Toch begint het de laatste tijd wat te knagen. Bijvoorbeeld als de belastingdienst een ongezellige naheffing stuurt. Of,  zoals laatst, toen er uit het niets een plas water onder de wasmachine lag en ik in een flits de keerzijde van dat dure wijnarrangement helder voor ogen zag: ik, zwoegend tussen kilo’s wasgoed in een tl­verlichte wasserette.

 

Misschien geen vierde winterjas

Mijn vriend is het volledig met me eens als ik aangeef dat we nu echt eens werk moeten maken van onze financiën. Dat we heus nog weleens uit eten mogen, maar onszelf misschien geen vierde winterjas moeten gunnen. Daar konden we best een beetje hulp bij gebruiken. Fijn dus, dat ik niet lang na onze revelatie een uitnodiging voor de Financiële Detox in mijn inbox vond. Ter achtergrondinfo: die detox is het idee van Nathalie van Wingerden en Joëlla Opraus, twee Rotterdamse vrouwen die vonden dat informatie over financiën wel wat minder masculien en zakelijk mocht. Het bestaande alternatief, namelijk banken die vrouwen denken te lokken met roze creditcards en termen als ‘lekker shoppen’ stond hen ook niet aan. Zo werd hun platform How 2 Spend It geboren, een website waar alles over belastingaangiftes en hypotheekrenteaftrek op een normale en duidelijke manier wordt uitgelegd. Vanuit dat platform ontstond de detox, oftewel een financieel dieet: zes weken niets uitgeven behalve het noodzakelijke, bewust worden van je toxic spending habits om uiteindelijk geheel ontgift en met opgefrist saldo de wereld in te gaan.

Lees ook:

5 superhandige apps om geld te besparen

Die zes weken leken me niet zo moeilijk

Die zes weken leken me, eerlijk gezegd, niet zo moeilijk. Ik vroeg me wel af hoe ik er na die periode aan toe zou zijn: zou ik eindelijk in een financiële zen­toestand terechtkomen, blij met niets en met een gespekte spaarrekening? 

Het andere scenario leek me waarschijnlijker: een terugval waarbij ik schuimbekkend naar een willekeurige webshop surf om mezelf uitgehongerd op de nieuwste collectie te storten. Dat het toch lastiger was merkte ik al toen ik de start datum moest prikken. Alsof de duvel ermee speelde, mailde nét op dat moment mijn twee favoriete kledingwinkels met de mededeling dat hun sale was begonnen. Ik bedacht me geen moment, bedankte die duvel en gooide snel virtuele boodschappenmandjes vol met afgeprijsde wintertruien. Daarna prikte ik de datum: net ná de kerstetentjes die ik niet wil missen, maar vóór de – vaak gratis – nieuwjaarsborrels. Ik voelde me razend slim en vreselijk slecht tegelijk. Deze detox had ik meer nodig dan ik durfde toe te geven.

 

Financiële geheelonthouding

Een kleine twee weken later zit ik op het kantoor van How 2 Spend It. Ik heb dan er een week van financiële geheelonthouding opzitten en tot nu toe kost het me geen centje pijn. Mijn eerste opdracht viel alles mee. Daarvoor moest ik mijn administratie op orde hebben, iets wat ik als freelancer met boekhouder al keurig in een Excel bestand heb staan. Bovendien hadden mijn vriend en ik al een overzicht gemaakt met al onze kosten en inkomsten toen we riepen dat we eindelijk eens volwassen moesten  worden. So far, so good.

Met Nathalie bespreek ik hoe mijn ouders met geld omgaan (verstandig, maar niet overdreven zuinig) en stel ik mijn doelen en drijfveren op. ‘Uit de roodstand’, schrijf ik op, en ‘Meer rust’. Want eerlijk is eerlijk: ik lig regel matig wakker vanwege geldzorgen. Omdat ik moe ben van het werk, maar geen geld heb er een weekendje tussen uit te gaan. Of omdat we een stevige belastingaanslag binnen hebben gekregen die al mijn vrije dagen van tafel veegt. Als ik mijn Excel bestand mag geloven, moet er meer dan genoeg geld zijn om alles te betalen én zelfs wat te sparen, maar nooit komt dat zo uit.

 

Toxic spending habits

Nathalie wijst me op de toxic spending habits die de oorzaak kunnen zijn: die beker koffie in de trein, of even snel een broodje halen omdat je onderweg trek krijgt. Ik kan haar moeiteloos aanvullen: van die handige opvouwbare tasjes omdat ik de mijne weer vergeten ben, flesjes water, verzendkosten bij een online bestelling, van alles wat in dat ellendige schap naast de kassa ligt. Nathalie raadt me aan dit voor een week bij te houden: “Niet langer, anders word je er helemaal kriegel van. Na een week heb je echt al een idee waar onbewust veel geld naartoe gaat.”

Gelukkig nemen we ook door wat ik wél goed doe  (sparen voor de kinderen, vaste lasten op tijd betalen) en wat ik van sparen vind (eigenlijk heel belangrijk).  Nathalie vraagt wat voor schulden ik heb en trots meld ik dat we alleen een hypotheek en een starterslening hebben. “Geen studieschuld?” God ja, die ook nog. Nathalie blijkt de beroerdste niet, ze biecht op hoe zij als student de studielening­kraan volledig opendraaide. Samen lachen we om onze jeugdige onbevangenheid die ons al dat geleende geld naar kledingwinkels, restaurants en reisbureaus deed brengen. “Iedereen deed het!” roepen we uit. We lachen minder hard als we opmerken hoeveel invloed die schuld nu op onze hypotheekkansen heeft. Geld verbindt, denk ik. Vooral bij mensen die er niet zo handig mee zijn. Na twee uur sta ik opgefrist buiten met veel tips en inzichten.

Lees ook: 

Rijbewijs/studie van je kind betalen? Zoveel spaargeld heb je nodig

 

Mijn tijd is ook wat waard

Meteen worden mijn goede voornemens op de proef gesteld als ik een friettent passeer, zo’n haute friture met wel vijf soorten mayonaise. Ik loop door, met een niet zo stevige tred, en vis een gortdroge mueslibar uit mijn tas. Dit is het moment waarop ik me trots zou moeten voelen, maar dat sentiment is ver te zoeken. 

In plaats daarvan realiseer ik me dat dit zuinigheid is: een saaie mueslireep die me niet alleen alle speeksel ontneemt, maar ook de lol van het ontdekken van een nieuw tentje, het tevreden gevoel van fijn eten na gedane arbeid en vooral: mijn diepgewortelde liefde voor goede friet. In de weken die volgen blijf ik zuur over mijn financiële dieet. Het is onhandig en tijdrovend en ik betrap mezelf meermaals op het ‘uurtarief­argument’: ik kan nu wel omfietsen naar die goedkope buurtsuper, maar hee: mijn tijd is ook wat waard. Helemaal als er op dat moment ook nog een betaalde oppas thuis zit.

 

Heb je het echt nodig?

Mijn andere zwakke momenten zijn meestal ‘s avonds, na een lange werkdag, als mijn wilskracht en ruggengraat ver te zoeken zijn. Ik vind het dan vooral heel moeilijk om te bepalen of een aankoop noodzakelijk is. Nathalie vertelde dat andere detoxers ook met dat probleem zitten. “Ik kreeg een keer een mail van een vrouw die vroeg of ze alstublieft die ene winterjas in de sale mocht kopen, omdat het zo’n goede investering was omdat ze er zeker jaren mee kon doen.” Nathalie legt uit dat je zelf het best daarover kan oordelen. Net als bij een dieet gaat het erom dat je goed nadenkt over je acties: is die aankoop het geld waard? Heb je het echt nodig? Als het kan geef je het zelfs nog een nachtje voordat je de knoop definitief doorhakt. Voor mij blijft het nog steeds voelen als een grijs gebied. 

Toch denk ik tijdens mijn Detoxweken braaf na voordat ik een aankoop doe: nee tegen een prachtplant en nieuwe wijnglazen, ja tegen een slaapzak voor mijn jongste en een slaaptrainer voor de oudste. Dat laatste was een twijfelgeval, maar omdat hij iedere ochtend om vijf uur ’s ochtends naast mijn bed staat en mijn nachtrust mij heilig is, schuif ik deze aankoop onder het kopje ‘nu even noodzakelijk’. Ik krijg mijn toxic habits aardig onder controle, vooral  omdat ik me stiekem best bewust was van dat geldlek. Ik vermijd daarom de Hema en, jawel, maak zelfs weekmenu’s zodat ik geen overbodige boodschappen in huis haal.

 

Andere uitgaven blijven lastig

Om niet in verleiding te komen gooi ik mailtjes van kledingwinkels zonder te openen weg. Met vrienden spreek ik thuis af en goddank neemt een vriendin me spontaan uit eten voor mijn verjaardag. Andere uitgaven blijven lastig, zoals verjaardagcadeaus voor de kinderen van een vriendin. ‘Je kan ook zelf iets maken’ lees ik ergens als bespaartip. Dan herinner ik me hoe mijn oom mij een zelfgemaakte pot bessenjam overhandigde voor mijn tiende verjaardag. Ik besluit de verjaardagscadeaus gewoon een paar weken uit te stellen.

Na een week of vijf valt het me op dat ik nog steeds stevig in de plus sta. En kijk: eindelijk voel ik me trots, in plaats van ernstig tekortgedaan. Ik betrap mezelf er zelfs op dat ik krenterig reageer als mijn vriend oppert om alvast festivalkaarten voor de zomer te bestellen. Ik durf mezelf zelfs fanatiek te noemen. Als een kloek op haar eieren, zo bewaak ik mijn saldo: hoe meer het groeit, hoe steviger ik op mijn nest ga zitten.

 

Borrelende onrust

Toch voel ik ook een borrelende onrust: de bekende behoefte om mijn successen uit bundig te vieren. Ik weet ’m nog prima te bedwingen, totdat ik onverwacht in een enorme stresspiek voor mijn werk terechtkom. Stijf van de adrenaline koop ik tussen twee werkafspraken een Playmobil­camper voor mijn zoon in een tweedehands winkeltje, en even later een afgeprijsde zomerjas voor mezelf. Ik zet me schrap voor het onvermijdelijke schuldgevoel, maar dat blijft uit. Ik twijfel of ik onverbeterlijk ben, of een nare materialist, of gewoon echt een zomerjas nodig heb.

De waarheid is anders, besluit ik. Er is simpelweg niets om me schuldig over te voelen. Ik heb weken niets uitgegeven, de schade is beperkt en mijn saldo is nog steeds keurig. En hoewel ik eigenlijk nog een week voor de boeg heb, besluit ik nu al dat ik met vlag en wimpel ben geslaagd. Niet alleen omdat ik mijn doel heb gehaald, maar ook omdat een terugval tot op de dag van vandaag is uitgebleven; het is me simpelweg de triomf van mijn  immer groeiende saldo en spaarrekening niet waard. En dat mag, vooruit, best een beetje gevierd worden. Met goede friet, uiteraard. Want als het leven al mooier wordt van vijf soorten mayonaise, dan mag je jezelf met recht een rijk mens noemen.

 

Dit verhaal staat in de Kek Mama Geldspecial.

echo-zoon-dochter

Strikjes in het haar, een jurkje met kerst en over-de-top glitterschoenen: Kek Mama’s Malu en haar vriend zagen het al helemaal voor zich toen ze met vijftien weken hoorden dat ze een meisje zouden krijgen. Tot er met de twintigwekenecho toch echt een piemel in beeld kwam.

Achteraf kan ik mezelf wel voor m’n kop slaan, want kom op: vijftien weken is wel heel erg vroeg. Maar ondanks dat ik hier meerdere malen door vriendinnen en collega’s op werd gewezen, staarde ik me blind op websites met koppen als ‘Geslachtsecho vanaf dertien weken? Het kan!’. Vol vertrouwen vroeg ik tijdens onze derde echo aan de verloskundige of ze kon kijken hoe of wat. En ja hoor, of ze nu met dat apparaat links of rechts zat, ze zag drie streepjes - een meisje.

 

Ons meisje

Mijn vriend en ik konden ons geluk niet op: hij is opgevoed in een ‘mannenhuis’ (heeft één broer) en kon niet wachten op een kleine meid in z'n leven. Die vervelende jongens in de toekomst? Die nam-ie graag op de koop toe. Ik kreeg het eerst een beetje benauwd (een kopie van mijn pittige zelf was immers nou niet écht waar ik rekening mee had gehouden), maar toen we haar eenmaal een naam hadden gegeven was het ook echt míjn meisje. Ons kind dat we samen alle liefde van de wereld zouden geven. 

 

Geen mierzoet gedoe, wel setjes voor meisjes

Of we een moment twijfelden aan het geslacht? Ik wel. Maar ik moest op de verloskundige vertrouwen en we kochten langzaam de eerste kleding voor onze baby - geen mierzoet gedoe, maar wel echt setjes voor meisjes. Het jurkje voor kerst was zelfs al binnen. Nooit gedacht dat we dit een paar weken later weer terug konden brengen…

 

Daar was-ie: de piemel

Het leek wel een film: echoscopist zat tijdens de twintigwekenecho nog geen drie seconden met dat echo-apparaat op m’n buik, toen ze met de volste overtuiging zei dat ze een piemel zag. We waren het vijfde stel in één maand waarbij het 'verkeerd' was voorspeld. Vriend werd lijkbleek, ik probeerde de boel nonchalant weg te lachen. Ik bedoel, de baby is gezond, dat is het belangrijkste. En een jongen is toch net zo leuk? Dat vond (en vind) ik ook echt, maar toen ik van die tafel afrolde en samen met m’n vriend weer naar buiten liep, leek het ineens alsof ik zwanger was van een ander kind. Dag naam, dag jurkjes en dag glitterschoenen: onze toekomst zag er ineens heel anders uit. 

 

Afscheid

Vooral m’n vriend moest aan het idee wennen - alsof ze zijn dochter van ‘m hadden afgepakt. Hij vindt een jongen net zo mooi, maar ik herkende dat gevoel wel een beetje. We moesten plots afscheid nemen van een kind dat er nooit is geweest. Dus toen we dat kerstjurkje op de balie van de kledingwinkel zagen liggen omdat we ‘m wilden ruilen voor iets stoerders, voelde dat toch een beetje gek.

 

Mannenhuis

Dagenlang hebben we er samen over gepraat. En soms ook dagen niet. We kregen jongenskleding van onze familie, zochten naar jongensnamen op internet, speculeerden over wat z'n hobby's zouden worden en kochten de stoerste sneakers die er zijn. Alles om in ons hoofd een beeld van ons ‘nieuwe’ kind te krijgen. En nu, een paar weken later, kunnen we vol trots zeggen dat we een ZOON krijgen. Onze gezonde zoon, die natuurlijk net zo welkom is als onze dochter. Vriend kan niet wachten om samen te gaan voetballen (of naar ballet te gaan als ons kind dat liever wil), te stoeien en hem wijze vaderlessen mee te geven. En ik kijk uit naar de dag dat ik onze jongen in m’n armen kan sluiten - een mannenhuis, heerlijk.

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

Roos Schlikker (42) is journalist, columnist en moeder van zoons Miró (8) en Róman (6). In Kek Mama schrijft ze over haar gezinsleven.

Vroeger, in vrijgezelle tijden, wilde ik niets liever dan een mysterieuze schone zijn. Zo’n vrouw over wie mannen zeggen: “Ze kijkt zo geheimzinnig. Ze is misschien wat stil, maar daar zit een peilloze diepte achter, dat zie je.” Ik vermoed vaak dat er achter stille Willies in plaats van een peilloze diepte gewoon helemaal niks zit, maar dat is de kift natuurlijk. Want ik ben een hoop, maar zeker niet mysterieus.
 

'Ik hou stiekem wel van stiekem'

En dat terwijl ik stiekem wel van stiekem hou. Die ene kus die nooit uitgewisseld had mogen worden, was dat niet de lekkerste ooit? Dat potje zwart-wit dat ik in mijn laatje op de lagere school had gesmokkeld en waarin ik stilletjes tijdens taal af en toe mijn vinger durfde te steken. Zalig.

Doen alsof je altijd naar Radio 1 luistert in de auto maar zodra je het land doorscheurt keihard meeblèren met 100% NL (‘Ik heb de heeeeeele nacht, liggen dromen, van je stem van je mond van je lijf van je kont en de dekens o-hop de gro-hond.’). Bijna orgastisch.

Maar omdat ik zo flapuiterig ben, kan ik het zelden voor me houden. Ik lul te veel over de man die ik clandestien zoende, dat zwart-witpotje viel altijd om, een poederlawine tussen al mijn schriftjes achterlatend en het feit dat ik de halve dag Woltertje Kroes neurie zal ook wel wat verraden.
 

Plannen smeden

Afgelopen week had Miró een vriendje te spelen. Ze zouden naar het voetbalveldje gaan. Terwijl ze in de gang hun jassen aantrokken, hoorde ik ze fluisteren. “Ik heb geld. Ja, nog van mijn verjaardag.” “Oooooh! Zullen we? Naar de Appie?” “Ssssssssst! Ja, ja, doen we. En dan kopen we chocola!” “Of chips!” “Of allebei!” “Ja! Allebei!” “SSSSSSSSSST!”

Ik stond stiekem te grijnzen op de overloop. Wat heerlijk, van die plannen smedende jongetjes. Chocola of chips is natuurlijk het allerlekkerst als je als achtjarige naar de supermarkt sluipt om het in te slaan van je eigen verjaardagsgeld. Dikke kans dat ze er van de zenuwen amper van zouden eten. Maar het plannen. Het complotje. Het samenzweren. Ik begreep zo goed hoe leuk het was.

En toch kon ik het niet laten. Ik sloop naar beneden en dook plotseling achter ze op waarbij ik keihard fluisterde: “Jullie mogen best wat lekkers halen hoor!” Weg geheim. Shit. Ik zal nooit een mysterieuze schone zijn.
 

Deze column staat in Kek Mama 02-2018.

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >