Beeld: 123RF
Beeld: 123RF

Foute liedjes, een boom, Sissi en bunkeren tot je erbij neervalt: Anne is gek op de feestdagen. “En als je daar anders over denkt, ben je gewoon een Scrooge.”

Vorige week zat ik weer eens doelloos op Facebook te gluren toen mijn oog viel op een bericht van een oud-klasgenoot. Hij verhuurde voortaan zijn fantastische, retro ingerichte huisje in de Duitse bergen exclusief aan vrienden en bekenden. Direct sloeg mijn fantasie op hol. Zou het niet te leuk zijn dat huisje met kerst te huren? Om daar heerlijk een paar dagen te vertoeven met man, kind en nog wat familieleden die ik langer dan een uur om me heen verdraag?
 

Dat. Wil. Ik. Ook.

Het was niet de eerste keer dat die droom mij vanbinnen verwarmde als een knapperend haardvuurtje. Ik was een snotaap van zeven jaar oud toen Last Christmas van Wham uitkwam, met de bijbehorende videoclip van vrienden met woest geföhnde kapsels en oversized skijassen in een houten chalet in de bergen. Ondanks de jolijt broeit er van alles tussen een toen nog hetero George Michael en een dame aan wie hij het jaar ervoor zijn hart (plus kitscherige broche) gaf. En sindsdien heeft deze kerstfantasie zich in mijn brein verankerd, met maar één boodschap: Dat. Wil. Ik. Ook. Kneuterig hygge in een huisje met een grote kerstboom en mistletoe. Minus de liefdesperikelen, want ain’t nobody got time for that.
 

'Mooie tijden hoor, ondanks het gebrek aan finesse'

Ik ben gewoon hartstikke gek op de feestdagen, toen al en nu nog steeds. Betekent dat dat mijn ouders mijn diepste wens honoreerden en zo’n rustiek chaletje huurden? Welnee, want a) ze zijn gescheiden en b) er waren altijd andere plannen. Dat hield in dat mijn vader zijn befaamde zalmmousse maakte en een bizar groot stuk ossenhaas in de braadpan gooide en een jus fabriceerde die het Voedingscentrum zou doen steigeren. Familiebezoek hoorde er natuurlijk ook bij. Bij mijn grootouders die een straat verderop woonden (blokjes kaas en glaasjes Zwarte Kip) en naar mijn andere opa die op een boerderij bivakkeerde. Wij kleinkinderen zaten dan allemaal in de keuken geduldig te wachten tot onze opa eerst een paar flauwe grappen maakte en ons dan allemaal honderd gulden in de hebberige knuist duwde. Mooie tijden hoor, ondanks het gebrek aan finesse.
 

Het toppunt van gemütlichkeit

Ik ben ook dol op de zomer, laat daar geen misverstand over bestaan. Maar de feestdagen blijven voor mij het toppunt van gemütlichkeit. Zeker nu ik zelf moeder ben. Meestal begint het eind september, als de blaadjes aan de bomen langzaam verkleuren, bij mij te kriebelen. Dan denk ik al na over het kerstmenu en mijn feestoutfit – elk jaar koop ik een nieuwe foute kersttrui, ook voor mijn tweejarige dochter en dat is simpelweg té schattig. Ik zie het helemaal voor me hoe we dit jaar samen kerstcakejes gaan bakken en hoe ze met strikjes in haar haren en keurig gevouwen handen O dennenboom zal zingen. Beide gaat niet gebeuren hoor, want: geen tijd/zin om te bakken plus extreem weerbarstige peuter. Maar het gaat om het idéé.
 

'Sinds ik op mezelf ging wonen ging ik pas echt los'

In de herfst bedenk ik trouwens ook al het thema van mijn kerstboom. Mijn kamertje thuis versierde ik vroeger al met slingers en plastic kerstmannen, maar toen ik op mezelf ging wonen ging ik pas echt los. Inmiddels heb ik al vele thema’s gehad in en rondom mijn kerstboom: alles goud (ballen, engeltjes, herfstblaadjes, de hele mikmak), vintage (‘antieke’ kerstballen van de Action), natuur (hertengeweien) en eclectisch (een bonte teringbende). Elk jaar koop ik nieuw kerstspul, dat spreekt voor zich. Want je kunt er nooit genoeg van hebben. En net als met kledingtrends geldt ook hier: alles komt ooit weer terug. Dus ik gooi he-le-maal niets weg. Dat zou kapitaalvernietiging zijn. Wat ook zo heerlijk is: op derde kerstdag naar de Intratuin gaan en alle kerstzooi voor de helft van de prijs inslaan. Dat verzacht de pijn een beetje dat die mooie dagen alweer voorbij zijn – plus ik krijg alweer voorpret voor volgend jaar.
 

Het hele jaar kerstliedjes. In theorie

Waar ik gelukkig wél het hele jaar van kan genieten: kerstliedjes. Theoretisch gezien dan hè, in de praktijk luister ik heus geen Do they know it’s Christmas? als ik op een luchtbedje in een Grieks zwembad dobber. Ik ben niet helemaal van lotje getikt. Maar mijn hart maakt een sprongetje als ik de rinkelende belletjes van Mariah Carey’s All I want for Christmas hoor. Heerlijk! Net als – daar heb je hem weer – de eerste tonen van Wham’s Last Christmas en de beat van Merry Xmas everybody van Slade. Je moet toch wel een vreselijke Scrooge zijn wil je daar niet blij van worden.
 

Die heerlijke kerstfilms

Dat brengt me trouwens op het volgende o zo fantastische punt van de feestdagen: die heerlijke kerstfilms die dan op de buis zijn. Wat dat betreft ben ik een onverbeterlijk gewoontedier. Elk jaar kijk ik sowieso de hele Sissi-reeks. Ik kan me er nu al op verheugen om die later met mijn dochtertje te kijken en haar te zien kwijlen bij de mooie jurken. Heel gendertyperend, ik weet het. Vaste prik zijn ook de flms Elf (over een man die als kerstelf bij de kerstman opgroeit en dan bij zijn biologische familie in New York belandt, geloof me als ik zeg dat dat hilarisch is) en National Lampoon’s Christmas vacation (en elk jaar ben ik weer verontwaardigd dat de goeiige pater familias die kerstbonus niet krijgt. En lach ik om de eekhoorn in de boom: ‘Squirrel!’).

Misschien schuilt daarin wel de kracht van kerst, en de verklaring van mijn voorliefde voor deze paar dagen: in deze hectische wereld waarin je altijd van alles moet en steeds flexibel moet zijn, weet je even precies wat je kunt verwachten, omdat het elk jaar (letterlijk) hetzelfde liedje is. Mooi toch?
 

Kersthaters

Natuurlijk heb je ook kersthaters. Het vreselijk wrede lot wil dat mijn man er zo eentje is. Hij presteerde het ooit als puber om het kerstdiner thuis te vergeten omdat-ie in een snackbar achter de gokkast zat. Nou vraag ik je, wat een heiligschennis. Gelukkig heb ik deze Grinch al iets warmer kunnen maken voor de feestdagen. Nou ja, hij is in elk geval aanwezig en houdt zijn mond over mijn koopmanie. In zijn ogen is een kerstbal gewoon een kerstbal, dus waarschijnlijk heeft-ie niet eens door dat onze zolder inmiddels is dichtgegroeid.

Een andere categorie: de klagers die gekscherend ‘vreten op aarde zeggen’ en zeuren dat ze nu al een opgeblazen buik hebben van al dat met liefde bereide eten. Laten we dat even heel goed tot ons doordringen: er wordt dus geklaagd omdat er TE VEEL LEKKER ETEN is. Dat staat in mijn ogen gelijk aan mopperen omdat je te veel geld hebt, of omdat je alleen maar mooi weer had op vakantie. Te zot voor woorden. Ik geniet er intens van om de Aldi-folder uit te pluizen (chocolade-lavataartjes! Roseval aardappeltjes met rozemarijn!) en het aanbod van AH Excellent. Waarom daar niet het hele jaar door spruitjes met truffelsaus, gemarineerde rivierkreeftjes en beef Wellington-ovenschotels verkrijgbaar zijn, is mij een raadsel.
 

Niet elk jaar een topkerst

Met al dit enthousiasme zou je denken dat ik elk jaar een topkerst beleef. Laat ik iedereen meteen uit die droom helpen: niets is minder waar. Eigenlijk valt het altijd tegen. Vorig jaar was ik bijvoorbeeld geveld door een genadeloze buikgriep. Daarvan zal ik jullie de details besparen, maar man o man, wat een doffe ellende. Ik leerde dat worteltjes nog grotendeels in originele staat weer in de wasbak kunnen belanden en dankte de lieve Heer op mijn blote knieën dat mijn man en ik inmiddels al twintig jaar samen waren en dus nul gêne meer hebben, want wonende in een oud, zeer gehorig huis laat het weinig aan de verbeelding over als je flink uit je baard brult op de wc. Zijn dit toch al te veel details? Sorry. Hoe dan ook: mijn zorgvuldig geplande kerst viel flink in het water.
 

'Oud en nieuw is maar mwah'

Net als dat oud en nieuw eigenlijk altijd maar mwah is. Dat was vroeger al, als de helft van je vrienden een kaartje kocht voor de ene kroeg, en de andere helft naar een ander feest ging. Met als gevolg dat je kriskras door de stad sjeesde om maar niets te missen. Doodvermoeiend, en uiteindelijk miste je álles. Verder bestaat mijn familie uit nogal explosieve karakters en gebeurt het weleens dat als er drank in de man is, er aan de kerstdis ineens dingen ‘uitgepraat’ moeten worden. Dat gaat niet zachtzinnig, eufemistisch gezegd. Van kerstdiner tot Het Familiediner – ik sluit niets uit.
 

Hopen op een perfecte kerst

Ondanks menig teleurstellinge en miskleun blijf ik hopen op een perfecte kerst. Dat kan je hardleers noemen, maar je zou het ook kunnen beschouwen als hartverwarmend. En wat houdt die perfecte Kerstmis dan in? Nou, op z’n Whams dus: sneeuw, bergen, een huisje, een mooi gedekte tafel met lekkers, kaarsjes, lichtjes, een fonkelende boom en goed gezelschap. Dit jaar ga ik voor de herkansing. Nu gaat het allemaal echt lukken. Dan had ik trouwens al lang en breed dat huisje moeten reserveren. Shit. Nou ja, volgend jaar weer een poging.
 

Dit artikel staat in Kek Mama 13-2017.

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

Renske Koelewijn

Heb je al twee bijna pubers, krijg je zomaar na tien jaar toch nog een derde.

Renske Koelewijn (37) is getrouwd met Rinke (39) en moeder van Lisa (12), Maud (10) en Fleur (5 maanden)

“Mijn man en ik zaten zowat tegen het plafond aan toen ik zwanger bleek van de derde. Waren onze dochters net wat ouder en zelfstandiger – en konden we ook weer eens met z’n tweeën de hort op – gingen we ineens tien jaar terug in de tijd.
 

Hoe dan ook welkom

Abortus was voor ons geen optie: mijn man en ik zijn gelovig en ons kind was hoe dan ook welkom. Neemt niet weg dat ik in het begin best in paniek was. Opnieuw gebroken nachten, basisschoolperikelen en zwembadsessies: ik wist niet of ik het nog wel wilde. Na een paar weken raakte ik steeds meer aan het idee gewend – en keek ik er enorm naar uit om weer een babylijfje te knuffelen.

Dat gevoel werd alleen maar sterker toen we onze dochters over de zwangerschap vertelden. Je had die meiden moeten zien, helemaal door het dolle heen. “Ik wilde altijd nog een broertje of zusje, en nu ik het niet meer verwachtte, krijg ik er een”, huilde mijn oudste dochter. Ze weken geen moment van mijn zijde, plukten continu aan mijn buik en gingen een paar keer mee naar de controles – wat dat betreft heb ik deze zwangerschap bewuster dan ooit meegemaakt.
 

Onbezorgd

Met mijn jongste dochter ben ik stukken relaxter dan tien jaar geleden. Vroeger wilde ik bijvoorbeeld thuis zijn als mijn dochters hun middagslaapje deden, maar met twee oudere kinderen is dat niet altijd mogelijk. Nu slaapt Fleur gewoon in de kinderwagen tijdens de sportles van mijn middelste dochter. Dat onbezorgde geldt trouwens niet voor alles: in het begin zat ik soms met de handen in het haar als Fleur langere tijd bleef huilen – en dat terwijl ik dacht rationeler te zijn. Wat dat betreft zijn mijn hormonen in tien jaar tijd niks veranderd.
 

Lees ook
Waarom drie kinderen opvoeden makkelijker is dan één kind >

 

Social media

Kijkend naar het moederschap spelen er wel andere dingen dan tien jaar geleden. Neem social media: mijn oudste dochter zit weleens op Instagram en plaatst graag babyfoto’s. Ik ben alert op wat ze online gooit: wel selfies met haar zusje, maar geen foto’s van Fleur in bad – je weet immers nooit waar die beelden terecht kunnen komen. Bizar, daar hoefde ik vroeger nooit rekening mee te houden.

Sowieso heeft die hele internetwereld een transformatie doorgemaakt. Tijdens mijn eerste zwangerschap waren er misschien een paar websites met zwangerschapsinformatie, nu moet je jezelf een weg banen door honderden blogs en vlogs. Ergens wel fijn dat je zo veel informatie kunt krijgen, maar iedereen heeft online een mening, of het nou om borstvoeding, middagslaapjes of wipstoeltjes gaat. Ik lees al die dingen niet, zou er alleen maar knettergek van worden. De vorige keren is het me ook gelukt zonder blogs.”

De hele portrettenserie staat in Kek Mama 10-2018.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

spaarde stiekem nieuw interieur
Beeld: Unsplash

Isabel (36) spaarde de nieuwe huisinrichting die haar man Huib (38) niet wilde, stiekem bij elkaar van het boodschappenbudget. "Als we elke dag goeie wijn konden drinken, dan kon dat ook wel aan een ongeschonden tafel."

“We woonden al tien jaar op dezelfde meubels. De bank die we kochten toen we gingen samenwonen, was doorgezakt door het gespring van onze zonen van vijf en acht, en van onze eettafel kon ik me het oorspronkelijke uiterlijk niet eens meer herinneren, dankzij vingerverf, tomatensausvlekken, en butsen door peuterdriftbuien. Geen gezicht, vond ik. Armoedig en ongezellig, terwijl ik onze jongens wilde opvoeden in een warm en knus huis.

Onzin, vond Huib, toen ik nieuw meubilair voorstelde voor onze eengezinswoning. Wist ik dan wel wat dat kostte? En met al dat testosteron in huis, was de helft van die zuurverdiende meubels binnen een mum van tijd toch weer gesloopt, dacht hij.

Ik kon me geen ander gezin voor de geest halen dat – ondanks kinderen van dezelfde leeftijd – in een afbraakpand leefde als het onze; met dat slopen zou het dus wel meevallen. Bovendien: oude meubels nodigen niet bepaald uit tot voorzichtig doen met je bessensiroop, of de mayo voorzichtig op je bord spuiten, in plaats van met een slecht gerichte kwak op tafel. Dus hoe breng je je kinderen dan netter gedrag bij?

 

Exorbitant bronwater

Huib was niet te vermurwen. We kwamen ruim rond met het inkomen dat we hadden, maar een compleet nieuw interieur was wel wat overdreven qua luxe, stelde hij. Hij vindt die dingen gewoon niet belangrijk. Ik vond eerder onze wekelijkse uitgaven aan boodschappen wat exorbitant, want waarom wil iemand per se het meest exclusieve bronwater uit flessen drinken, en alleen wijn van de plaatselijke, peperdure slijter?

Op de vijfhonderd euro aan boodschappen – exclusief die wijn - per maand, wist ik stiekem en met een beetje creativiteit als snel zo’n honderdvijftig tot tweehonderd te besparen, die ik apart zette op mijn eigen rekening. Onze flessen wijn van gemiddeld meer dan een tientje, verruilde ik voor exemplaren van maximaal vier euro. In plaats van biologische vleeswaren, gaf ik de kinderen vaker pindakaas op brood. En dacht je dat Huib het merkte, toen ik de pasta van zijn favoriete trattoria, verving door het betere merk van de plaatselijke prijzenknaller? De flessen exclusief bronwater die hij daarbij dronk, vulde ik gewoon bij uit de kraan.

 

‘Je hebt ons toch niet aangemeld bij een woonprogramma?’

Dat tikt aan, kan ik je vertellen. Mijn gedroomde eettafel, had ik op deze manier in zes maanden bij elkaar gespaard. Het bedrag voor de reusachtige loungebank waar ik al jaren op aasde, volgde negen maanden later. Omdat Huib toch nooit inspraak wilde in ons interieur, bestelde ik ze in één keer, en liet ze bezorgen toen hij op zakenreis was.

Huib kreeg bijna een hartverzakking toen hij bij thuiskomst de voordeur opende. ‘Wat is dit?’, riep hij verschrikt. ‘Je hebt ons toch niet opgegeven voor zo’n vreselijk woonprogramma? Of ons in de schulden gestoken?’

‘Relax’, zei ik, ‘ik had je ook kunnen opgeven voor Mijn man is klusser, maar de oude badkamer zit er nog steeds in. Ik heb gewoon ons eetpatroon wat aangepast.’

 

Lees ook:
‘Mijn man komt te snel klaar’ >

 

Hilariteit met vriendinnen

Er was niet zoveel wat hij er tegenin kon brengen. We konden nog steeds op vakantie, we aten nog elke avond onze buiken rond en de kinderen liepen niet in te kleine kleren. Van de wisseling in wijn en water had hij nooit wat geproefd. Dat heb ik hem trouwens tot op de dag van vandaag ook niet verteld, maar het is voer voor hilariteit op avonden met vriendinnen.

Huib was niet zo blij dat ik achter zijn rug om had gehandeld, maar gaf toe dat dat nieuwe interieur er met zijn medeweten nooit gekomen was. En nu het er zo stond, gezellig afgestyled met verse bloemen en wat kaarsen, vond hij het toch wel een vooruitgang.

Toen we weken na mijn eenmansactie en zijn eenmalige boosheid, een avond samen op de bank hingen, zei hij: ‘Nu de rest zo mooi is, moeten we het tv-meubel en de eetkamerstoelen misschien ook maar aanpakken.’ Daar liet ik geen gras over groeien: op mijn favoriete meubelsites liet ik meteen de mooiste spullen zien.

Op de dag dat ze werden bezorgd, hebben Huib en ik er een mooie fles wijn op gedronken. We hoefden nu toch niet meer te sparen.”
 

Dit artikel is al een keer eerder gepubliceerd.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >