gek op kerst
Beeld: Shutterstock

Foute liedjes, een boom, Sissi en bunkeren tot je erbij neervalt: Anne is gek op de feestdagen. “En als je daar anders over denkt, ben je gewoon een Scrooge.”

Vorige week zat ik weer eens doelloos op Facebook te gluren toen mijn oog viel op een bericht van een oud-klasgenoot. Hij verhuurde voortaan zijn fantastische, retro ingerichte huisje in de Duitse bergen exclusief aan vrienden en bekenden. Direct sloeg mijn fantasie op hol. Zou het niet te leuk zijn dat huisje met kerst te huren? Om daar heerlijk een paar dagen te vertoeven met man, kind en nog wat familieleden die ik langer dan een uur om me heen verdraag?
 

Dat. Wil. Ik. Ook.

Het was niet de eerste keer dat die droom mij vanbinnen verwarmde als een knapperend haardvuurtje. Ik was een snotaap van zeven jaar oud toen Last Christmas van Wham uitkwam, met de bijbehorende videoclip van vrienden met woest geföhnde kapsels en oversized skijassen in een houten chalet in de bergen. Ondanks de jolijt broeit er van alles tussen een toen nog hetero George Michael en een dame aan wie hij het jaar ervoor zijn hart (plus kitscherige broche) gaf. En sindsdien heeft deze kerstfantasie zich in mijn brein verankerd, met maar één boodschap: Dat. Wil. Ik. Ook. Kneuterig hygge in een huisje met een grote kerstboom en mistletoe. Minus de liefdesperikelen, want ain’t nobody got time for that.
 

More content below the advertising

'Mooie tijden hoor, ondanks het gebrek aan finesse'

Ik ben gewoon hartstikke gek op de feestdagen, toen al en nu nog steeds. Betekent dat dat mijn ouders mijn diepste wens honoreerden en zo’n rustiek chaletje huurden? Welnee, want a) ze zijn gescheiden en b) er waren altijd andere plannen. Dat hield in dat mijn vader zijn befaamde zalmmousse maakte en een bizar groot stuk ossenhaas in de braadpan gooide en een jus fabriceerde die het Voedingscentrum zou doen steigeren. Familiebezoek hoorde er natuurlijk ook bij. Bij mijn grootouders die een straat verderop woonden (blokjes kaas en glaasjes Zwarte Kip) en naar mijn andere opa die op een boerderij bivakkeerde. Wij kleinkinderen zaten dan allemaal in de keuken geduldig te wachten tot onze opa eerst een paar flauwe grappen maakte en ons dan allemaal honderd gulden in de hebberige knuist duwde. Mooie tijden hoor, ondanks het gebrek aan finesse.
 

Het toppunt van gemütlichkeit

Ik ben ook dol op de zomer, laat daar geen misverstand over bestaan. Maar de feestdagen blijven voor mij het toppunt van gemütlichkeit. Zeker nu ik zelf moeder ben. Meestal begint het eind september, als de blaadjes aan de bomen langzaam verkleuren, bij mij te kriebelen. Dan denk ik al na over het kerstmenu en mijn feestoutfit – elk jaar koop ik een nieuwe foute kersttrui, ook voor mijn tweejarige dochter en dat is simpelweg té schattig. Ik zie het helemaal voor me hoe we dit jaar samen kerstcakejes gaan bakken en hoe ze met strikjes in haar haren en keurig gevouwen handen O dennenboom zal zingen. Beide gaat niet gebeuren hoor, want: geen tijd/zin om te bakken plus extreem weerbarstige peuter. Maar het gaat om het idéé.
 

'Sinds ik op mezelf ging wonen ging ik pas echt los'

In de herfst bedenk ik trouwens ook al het thema van mijn kerstboom. Mijn kamertje thuis versierde ik vroeger al met slingers en plastic kerstmannen, maar toen ik op mezelf ging wonen ging ik pas echt los. Inmiddels heb ik al vele thema’s gehad in en rondom mijn kerstboom: alles goud (ballen, engeltjes, herfstblaadjes, de hele mikmak), vintage (‘antieke’ kerstballen van de Action), natuur (hertengeweien) en eclectisch (een bonte teringbende). Elk jaar koop ik nieuw kerstspul, dat spreekt voor zich. Want je kunt er nooit genoeg van hebben. En net als met kledingtrends geldt ook hier: alles komt ooit weer terug. Dus ik gooi he-le-maal niets weg. Dat zou kapitaalvernietiging zijn. Wat ook zo heerlijk is: op derde kerstdag naar de Intratuin gaan en alle kerstzooi voor de helft van de prijs inslaan. Dat verzacht de pijn een beetje dat die mooie dagen alweer voorbij zijn – plus ik krijg alweer voorpret voor volgend jaar.
 

Het hele jaar kerstliedjes. In theorie

Waar ik gelukkig wél het hele jaar van kan genieten: kerstliedjes. Theoretisch gezien dan hè, in de praktijk luister ik heus geen Do they know it’s Christmas? als ik op een luchtbedje in een Grieks zwembad dobber. Ik ben niet helemaal van lotje getikt. Maar mijn hart maakt een sprongetje als ik de rinkelende belletjes van Mariah Carey’s All I want for Christmas hoor. Heerlijk! Net als – daar heb je hem weer – de eerste tonen van Wham’s Last Christmas en de beat van Merry Xmas everybody van Slade. Je moet toch wel een vreselijke Scrooge zijn wil je daar niet blij van worden.
 

Die heerlijke kerstfilms

Dat brengt me trouwens op het volgende o zo fantastische punt van de feestdagen: die heerlijke kerstfilms die dan op de buis zijn. Wat dat betreft ben ik een onverbeterlijk gewoontedier. Elk jaar kijk ik sowieso de hele Sissi-reeks. Ik kan me er nu al op verheugen om die later met mijn dochtertje te kijken en haar te zien kwijlen bij de mooie jurken. Heel gendertyperend, ik weet het. Vaste prik zijn ook de films Elf (over een man die als kerstelf bij de kerstman opgroeit en dan bij zijn biologische familie in New York belandt, geloof me als ik zeg dat dat hilarisch is) en National Lampoon’s Christmas vacation (en elk jaar ben ik weer verontwaardigd dat de goeiige pater familias die kerstbonus niet krijgt. En lach ik om de eekhoorn in de boom: ‘Squirrel!’).

Misschien schuilt daarin wel de kracht van kerst, en de verklaring van mijn voorliefde voor deze paar dagen: in deze hectische wereld waarin je altijd van alles moet en steeds flexibel moet zijn, weet je even precies wat je kunt verwachten, omdat het elk jaar (letterlijk) hetzelfde liedje is. Mooi toch?
 

Lees ook
Moeder Noor: 'Bekijk het maar met je kerst' >

 

Kersthaters

Natuurlijk heb je ook kersthaters. Het vreselijk wrede lot wil dat mijn man er zo eentje is. Hij presteerde het ooit als puber om het kerstdiner thuis te vergeten omdat-ie in een snackbar achter de gokkast zat. Nou vraag ik je, wat een heiligschennis. Gelukkig heb ik deze Grinch al iets warmer kunnen maken voor de feestdagen. Nou ja, hij is in elk geval aanwezig en houdt zijn mond over mijn koopmanie. In zijn ogen is een kerstbal gewoon een kerstbal, dus waarschijnlijk heeft-ie niet eens door dat onze zolder inmiddels is dichtgegroeid.

Een andere categorie: de klagers die gekscherend ‘vreten op aarde zeggen’ en zeuren dat ze nu al een opgeblazen buik hebben van al dat met liefde bereide eten. Laten we dat even heel goed tot ons doordringen: er wordt dus geklaagd omdat er TE VEEL LEKKER ETEN is. Dat staat in mijn ogen gelijk aan mopperen omdat je te veel geld hebt, of omdat je alleen maar mooi weer had op vakantie. Te zot voor woorden. Ik geniet er intens van om de Aldi-folder uit te pluizen (chocolade-lavataartjes! Roseval aardappeltjes met rozemarijn!) en het aanbod van AH Excellent. Waarom daar niet het hele jaar door spruitjes met truffelsaus, gemarineerde rivierkreeftjes en beef Wellington-ovenschotels verkrijgbaar zijn, is mij een raadsel.
 

Niet elk jaar een topkerst

Met al dit enthousiasme zou je denken dat ik elk jaar een topkerst beleef. Laat ik iedereen meteen uit die droom helpen: niets is minder waar. Eigenlijk valt het altijd tegen. Vorig jaar was ik bijvoorbeeld geveld door een genadeloze buikgriep. Daarvan zal ik jullie de details besparen, maar man o man, wat een doffe ellende. Ik leerde dat worteltjes nog grotendeels in originele staat weer in de wasbak kunnen belanden en dankte de lieve Heer op mijn blote knieën dat mijn man en ik inmiddels al twintig jaar samen waren en dus nul gêne meer hebben, want wonende in een oud, zeer gehorig huis laat het weinig aan de verbeelding over als je flink uit je baard brult op de wc. Zijn dit toch al te veel details? Sorry. Hoe dan ook: mijn zorgvuldig geplande kerst viel flink in het water.
 

'Oud en nieuw is maar mwah'

Net als dat oud en nieuw eigenlijk altijd maar mwah is. Dat was vroeger al, als de helft van je vrienden een kaartje kocht voor de ene kroeg, en de andere helft naar een ander feest ging. Met als gevolg dat je kriskras door de stad sjeesde om maar niets te missen. Doodvermoeiend, en uiteindelijk miste je álles. Verder bestaat mijn familie uit nogal explosieve karakters en gebeurt het weleens dat als er drank in de man is, er aan de kerstdis ineens dingen ‘uitgepraat’ moeten worden. Dat gaat niet zachtzinnig, eufemistisch gezegd. Van kerstdiner tot Het Familiediner – ik sluit niets uit.
 

Hopen op een perfecte kerst

Ondanks menig teleurstellingen en miskleun blijf ik hopen op een perfecte kerst. Dat kan je hardleers noemen, maar je zou het ook kunnen beschouwen als hartverwarmend. En wat houdt die perfecte Kerstmis dan in? Nou, op z’n Whams dus: sneeuw, bergen, een huisje, een mooi gedekte tafel met lekkers, kaarsjes, lichtjes, een fonkelende boom en goed gezelschap. Dit jaar ga ik voor de herkansing. Nu gaat het allemaal echt lukken. Dan had ik trouwens al lang en breed dat huisje moeten reserveren. Shit. Nou ja, volgend jaar weer een poging.
 

Dit artikel heeft eerder in Kek Mama gestaan.
 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >