column-malu

De zoon (1,5) van Kek Mama’s Malu heeft geen boodschap aan kappersstoelen in de vorm van een brandweerauto. Hij is als de dood om geknipt te worden en dat laat hij merken ook. 

'Wat doe je het góed schat! Het geeft niets dat je het spannend vindt, stil maar. Wil je Woezel en Pip kijken? Niet? Juf Roos dan? Nee, mama kan jou nu niet optillen, heel even geduld nog. Kom, even je tranen wegvegen. Koekje misschien? Wauw, wat een mooie brandweerauto! En wat een gaaf stuur! Dat is de tondeuse, helemaal niet eng, kijk maar. Slokje drinken? Ze is bijna klaar, bijna!'

Article continues after the ad

 

Je begrijpt: na een bezoek aan de kapper ben ik op. 

 

Trillende apparaten en een schaar

De eerste keer dat we Macks haar lieten knippen, vond hij het allemaal wel prima - hij was zo druk met de knopjes op het stuur van zijn Mercedes dat hij dat gefriemel aan z’n hoofd niet eens doorhad. Maar nu hij beseft dat er een vreemde met trillende apparaten en een schaar in de weer gaat, moet hij er niets meer van hebben.

 

Lees ook
Eerste keer met je baby naar de kapper: dit moet je weten >

 

Al bij het zien van de tondeuse schiet dat arme kind in de stress. En wat we ook doen (boekjes lezen over de kapper, op schoot bij mama, op schoot bij papa, een filmpje op de tablet, rozijntjes, vroeg in de ochtend gaan zodat Mack nog niet moe is) hij blijft huilen tot ik hem uit de stoel haal. Zelfs bij een gespecialiseerde kinderkapper die hem paait met ballonnen. Of cadeautjes. Of bellenblaas.

 

Fase

Stiekem hoop ik dat het een fase is. Dat we hem, zodra hij wat ouder is, rustig kunnen uitleggen dat je niet bang hoeft te zijn en dat hij snapt waaróm hij in de kappersstoel zit. Tot die tijd struin ik het internet af naar de gouden tip. En wacht ik met naar de kapper gaan tot z’n lokken bijna in zijn ogen hangen. 

 

Meer persoonlijke verhalen? Volg Kek Mama op Facebook >