Veel ouders herkennen het: een kind dat gevoelig is voor kleding dat niet lekker zit. Maar bij sommige kinderen gaat het nog een stapje verder. Zo ook bij Sam’s vijfjarige zoon, voor wie een stiksel, elastiekje of geurtje genoeg is voor totale paniek. Wat begon als een zoektocht naar comfortabele sokken en onderbroeken, eindigde in een situatie waar de juf terecht even haar wenkbrauwen bij optrok…
Lees verder onder de advertentie
Sam: “Mijn zoon Ryan is vijf, maar leeft qua prikkelgevoeligheid soms alsof hij rechtstreeks uit een zen-tempel is geplukt. Een zen-tempel waar de geur van wasmiddel verboden is, waar kleding niet mag kriebelen en waar zonlicht alleen via een diffuus wolkendek naar binnen mag komen. Hij heeft fases, zeggen ze dan. Nou, die fases duren hier soms langer dan de seizoenen.
Lees verder onder de advertentie
Van fase naar fase
Eerst gingen we door de mijn-sokken-mogen-geen-naden-hebben-fase. Sokken moesten glad zijn. Zonder plaatjes. Zonder stiksels. Zonder… nou ja, eigenlijk zonder sok. Gelukkig was dat vrij makkelijk opgelost: effen sokken, een maat groter.
Daarna gingen we naar de lange-broeken-kriebelen-fase. Alsof ik hem vroeg om een schuurpak van schuurpapier aan te trekken. Dus liep hij met drie graden nog stoer in een korte broek naar school, terwijl andere kinderen in skipakken voorbij rolden. Prima. Pick your battles.
De onderbroeken
Maar toen begon het echte strijdtoneel: zijn onderbroeken. Want die waren ineens allemaal te klein, volgens hem, en zaten daardoor niet lekker. Mind you: ze waren al twee maten groter omdat ik weet dat hij gevoelig is voor kleding. Ik kocht nóg een maat groter. Die vielen van zijn kont, dus dat was ook niet goed. En zo stonden we iedere ochtend tegenover elkaar. Hij huilen, ik zweten, iedereen chagrijnig, klokkend richting ‘wéér te laat op school’.
Tot ik op een ochtend, radeloos en met mijn koffie nog half in mijn hand, een ingeving kreeg waarvan ik nu nog steeds niet weet of het genialiteit of pure waanzin was: ik knipte links en rechts op zijn heupen de elastieken band door. Een wonder gebeurde: ineens zat die onderbroek als gegoten, vond hij. Hij stráálde. Alsof hij net op maat gemaakte zijde droeg in plaats van een half gesloopt HEMA-broekje.
Lees verder onder de advertentie
En zo konden we eindelijk zonder gezeur de deur uit. Dus deed ik het de volgende dag weer. En de dag erna. Iedere ochtend stond ik als een soort wanhopige couturier de onderbroeken van mijn kind te verbouwen. Waar ik dus niet meer over had nagedacht (want wie denkt er nog in rationele structuren wanneer je om 07:43 een schaar in een onderbroek zet) was dat ze op school twee keer per week gym hebben in hun ondergoed. Je voelt ’m al.
Gênant!
Na een week of twee kreeg ik een mail van de juf. Met de vraag of het klopt dat Ryan altijd opengeknipte onderbroeken aan heeft? Ik kon wel door de grond zakken. Ik zag het helemaal voor me: mijn kind in de gymzaal, rennend in iets dat meer weg had van een kapot festivalbandje dan van een onderbroek.
Lees verder onder de advertentie
Ik legde haar het hele verhaal uit. De sokken, de stiksels, de elastieken, de driftbuien en natuurlijk de couture-carrière waar ik nooit om had gevraagd. Ze moest lachen en begreep het helemaal. Natuurlijk. Maar gênant? O ja, absoluut. En toch: zolang hij tevreden naar school gaat en we de ochtend overleven, blijf ik gewoon knippen.”
Kinderen hebben veel fantasie en het verzinnen van verhalen hoort bij het opgroeien. Maar sommige kinderen gaan wel érg ver met hun verzinsels. Amira ging op hoge poten naar de juf, maar toen bleek haar dochter alles te hebben verzonnen… Je leest het hier.
Er zijn van die momenten waarop je naar je kind kijkt en ineens denkt: wow, dit is anders dan vroeger. Kinderen die hun grenzen aangeven. Die durven praten. Die zichzelf serieus nemen. En dat is prachtig.
Je kinderen spreken het misschien niet elke dag uit, maar hun gedrag zegt alles. Herken jij deze elf signalen? Grote kans dat jij meer goed hebt gedaan in de opvoeding dan je denkt.
Hij komt niet graag in parfumeriewinkels, scant ruimtes op huisdieren en checkt voedseletiketten op noten. Het is dagelijkse kost voor René Watzema (35). Zijn 2-jarige dochter Noré kampt namelijk met heftige allergieën en eczeem. “Het is hartverscheurend. Daarom is humor het beste medicijn.”
Lidia’s zoon is van het kaliber: eerst denken, dan doen. Zijn zus daarentegen is meer van: zien, doen, … ‘oh.’ En soms pakt dat pittig gênant uit. Zo ook met een rode knop.
Soms denk je: lekker even een sportief avondje voor jezelf. Racket in de hand, haren in een staart, gáán. Maar voor Janneke Jelies (42) liep dat uit op een avond die ze liever had geskipt.