Ik vind het moeilijk grenzen te stellen. Mijn achtjarige zoon gaat naar bed wanneer hij moe is, eet wat hij wil, draagt de kleren die hij wil. Het is een makkelijke, vrolijke jongen, maar mijn ouders zijn bang dat hij later ontspoort. Ze hebben mij enorm streng opgevoed.
Lees verder onder de advertentie
Een strenge opvoeding levert grofweg twee mensensoorten op: types die zelf ook streng zijn en types die rebelleren. Zoals de hippies indertijd. U klinkt als een hippie. En dan een echte, niet zo’n fake hippie met peperdure Make love not war-kettinkjes.
Hippiekinderen
De originele hippies uit de jaren zestig waren net als u streng opgevoed. Hun ouders hadden geleerd zich te onderwerpen aan het gezag. De hippies sloegen door naar de andere kant, met bloemetjes in het haar, vrije seks, en demonstraties tegen de Vietnamoorlog. Daar hadden ze het zo druk mee dat ze vaak weinig oog hadden voor hun kinderen, die in alle vrijheid opgroeiden. Veel hippiekinderen gingen op hun beurt rebelleren tegen hun ouders. Dat leverde gedisciplineerde, hardwerkende mensen op die boven op hun kinderen zitten en zich met elk facet van het kinderleven bemoeien.
U hebt wel oog voor uw zoon, anders zou u ons niet schrijven. Wees maar een beetje aardig voor uzelf, u kunt niet veranderen in een ander mens. Leg de lat laag. Oefen met piepkleine grensjes. Als u bereikt dat uw zoon zijn bordje op het aanrecht zet en helpt met de tafel dekken, weet hij in ieder geval dat er grenzen bestaan.
Lees verder onder de advertentie
Tegen uw ouders zegt u dat u de methode van de beroemde filosoof Jean-Jacques Rousseau hanteert. Dat klinkt lekker verantwoord – uw ouders zullen steil achterover slaan en vol bewondering naar u kijken. Rousseau was in de achttiende eeuw een oer-hippie. Volgens hem moest je je kinderen zichzelf laten opvoeden, omdat de mens van nature goed is. Zo te horen voedt uw zoon zichzelf prima op. Wij voorspellen overigens dat hij later heel streng wordt voor zijn eigen kinderen.
De opvoedtantes Els en Do beantwoorden opvoedvragen met een knipoog en stellen zichzelf voor: “Wij zijn geboren voordat de pil was uitgevonden, kwamen ter wereld zonder dat onze ouders daarom hadden gevraagd en werden te hooi en te gras opgevoed. Zelf kregen wij heel bewust kinderen en daarom voelen we tot op de dag van vandaag (ze zijn inmiddels 34, 22 en 20) de plicht hen permanent gelukkig te maken. We kennen dus twee opvoedingsstijlen van nabij, en blijven onverminderd op zoek naar de gulden middenweg.”
Nog vóór je kind de deur uit stapt, is de emotionele “basislijn” voor de dag vaak al bepaald. Niet door een strak schema of een perfect afgevinkte routine, maar door iets anders: hoe veilig en verbonden je kind zich bij jou voelt.
Er is zo’n opvoedwijsheid die hardnekkig blijft hangen: zoals je een kind aanspreekt, zo gaat het zich ook gedragen. Geef je vertrouwen, dan groeit het. Praat je alsof het kind iets kan, dan gaat het eerder proberen om inderdaad “dat kind” te zijn.
Er zijn van die zinnen die automatisch uit je mond rollen zodra je moeder wordt. Je hoeft er niet eens over na te denken, ze zitten ergens opgeslagen tussen de gebroken nacht en de koude koffie. Een daarvan? “Omdat ik het zeg.” Maar hoe vertrouwd die uitspraak ook voelt, hij blijkt in de praktijk minder […]
Steeds meer kinderen hebben een overvol schema, van sport en muziek tot kunst. Waar vroeger één naschoolse activiteit genoeg was, is nu bijna elke vrije minuut ingevuld. Experts spreken van FOMO-parenting.
Iedere moeder heeft haar momentjes. Maar sommige blunders zijn té erg – of te hilarisch – om voor jezelf te houden. In de rubriek ‘Opgebiecht’ delen vrouwen hun grootste geheimen en gênantste momenten. Deze week Romy* tijdens het optuigen van de kerstboom.