Roos Schlikker

Roos Schlikker (42) is journalist, columnist en moeder van zoons Miró (8) en Róman (6). In Kek Mama schrijft ze over haar gezinsleven.

Hij is van de precieze, de meester van Miró. Aardige man, goed in zijn vak, reuze consciëntieus. Maar de lat ligt hoog en hij doet niet altijd aan teleurstellingenmanagement. Dat is voor een kind als Miró lastig. Want die is ook consciëntieus. En zijn lat ligt stiekem het allerhoogst. Van ons hoeft het niet. Eerlijk gezegd heb ik een grafhekel aan moeders die met rollende rrrr-en over het schoolplein brullen: “Oh Jobje, wat geweldig, je hebt een tópscorrrrre!” Aanstellers. Als Miró plezier heeft en zijn best doet, ben ik tevreden.
 

Een Goed

Miró zelf niet. Deze week moet hij zijn eerste spreekbeurt houden. Het mag van papier, maar dat latje ligt te laag. “Er waren dit jaar maar twee kinderen die een Goed kregen. En die deden het zonder blaadje. Dus ik ook. Ik wil zo graag een Goed.”

Ik begin aan mijn ‘als je maar je best doet’-riedel, maar zie dat het zinloos is. Dus oefenen we samen. Elke ochtend en avond. Zonder blaadje. Hij heeft er plezier in, hij doet waanzinnig zijn best. Dus zeg ik het hem nog eens op de ochtend voor de spreekbeurt: “Lieverd, voor mij heb je al een Goed. Oké? Je bent helemaal goed genoeg.”
 

Lees ook
Column Roos: 'Mijn zoontje is sinds gisteren gescheiden' >

 

Wat als?

Die middag sta ik hem nerveus op te wachten op het schoolplein. Het kan mij niets schelen, maar ik gun het hem zo. Die Goed. Wat als-ie een fout heeft gemaakt? Wat als de strikte meester een hapering ontdekte, een merkwaardig meanderende zin, een stot-tot-totter? Ja, hij zal met teleurstelling moeten dealen, daar komt-ie heus wel overheen. Net zoals hij bij voetbal heeft geleerd zowel te winnen als te verliezen. Maar hij deed de afgelopen weken op alles zo zijn best en altijd was er wat. Een hoofdletter vergeten in het dictee. Een te slordig geschreven rekensom die de meester niet goed rekende. Dat latje blijft maar boven Miró zweven, net te hoog om aan te tikken. Hij mag het eindelijk wel eens raken.
 

En? En? En?

De schooldeur knalt open. Hordes kinderen drommen naar buiten. Ik speur, zoek, kijk stiekem of ik afhangende schoudertjes zie. Plotseling staat hij voor me, zijn sproetengezicht stralend. “En? En? En?” vraag ik. Hij knikt zo hard dat zijn koppie bijna van zijn romp stuitert. “Echt waar? Miró, je had een Goed! Wat geweldig, wat een topscore!” Ik brul het. Iets te hard. En ik zie de andere ouders kijken. Aansteller.
 

Deze column staat in het Kek Mama 06-2018.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

De juf

Een leerkracht vertelt aan Kek Mama wat ze meemaakt. Deze keer: juf Julia en de ruziënde ouders van Job.

Woensdagavond, zeven uur. Tegenover me zitten de ouders van zesjarige Job. Hij is universitair docent, zij advocaat. Hun stoelen staan zo ver mogelijk uit elkaar. Ze zijn net gescheiden. Ik friemel nerveus aan mijn kettinkje. Ze zijn bijna twintig jaar ouder dan ik; ik kom vers van de leraren opleiding. Het is niet de enige reden dat ik tegen dit gesprek opzie. Een paar dagen eerder hebben ze een scene getrapt op het volle schoolplein. Job stond er lijkbleek bij. Daarom heb ik ze gevraagd te komen praten.
 

Oorlog in mijn klaslokaal

Als ik naar hun strakke gezichten staar, denk ik: wat kan ik ze in godsnaam vertellen wat ze zelf niet bedacht hebben? Dan zie ik het verdrietige gezichtje van Job voor me. Ik moet voor hem opkomen. “Die ruzie op het schoolplein had niet mogen plaatsvinden”, zegt de vader. De moeder knikt. Ik haal opgelucht adem. Misschien wordt het makkelijker dan ik dacht. Dan vraagt de vader of hij het gebeuren mag toelichten. Per ongeluk zeg ik ja. Binnen de kortste keren is het oorlog in mijn klaslokaal. Vader verwijt moeder hem tegen de afspraken in het huis uit te hebben gezet omdat zij besloten heeft het te kopen. Moeder zegt dat hij haar ’s nachts belt en stalkt. Hij klaagt dat ze de kinderen tegen hem opzet. De verwijten vliegen als kogels heen en weer. 

De twee lijken niet meer door te hebben dat ik ook in het lokaal ben. Ik begin te begrijpen hoe Job zich moet voelen. Job. Hij was de makkelijkste kleuter van de wereld toen ik hem les gaf in groep 1. Nu slaat hij klasgenootjes, scheldt ze uit en luistert niet naar me. Hij blijft een kwartier weg als hij naar de wc moet, zodat ik hem overal moet gaan zoeken. Soms is hij overdreven positief, in een taal die te wijs is voor zijn leeftijd. Dan zegt hij: “Eet smakelijk, lieve juf.” Of: “Jij bent echt de liefste juf.”
 

Lees ook
Deze ouders hebben altijd gillende ruzie op vakantie >

 

"U maakt hem kapot"

In gedachten hoor ik hem tegen zijn ruziënde ouders om de beurt zeggen: “Jij bent de allerliefste.” Te midden van het ouderlijke gescheld voel ik boosheid opkomen. Ik zou het liefst op de tafel slaan en roepen: “U maakt hem kapot!” Maar ik mag geen partij kiezen. “Mevrouw, meneer, mag ik uw aandacht?” vraag ik. Ik moet gillen om boven ze uit te komen. Ze kijken me verdwaasd aan. “Het spijt me. Ik word een beetje door u aan gestoken geloof ik.”

Er gebeurt een klein wonder: ze kijken geamuseerd. “Hoe denkt u dat deze situatie voor Job is?” vraag ik. Ik vertel waarom ik me grote zorgen maak over Job. Ik ben niet meer geïntimideerd, de rollen zijn omgedraaid, ik praat en praat. Als ik op hou kijken de twee geschrokken en bedremmeld. En dan komt er voorzichtig een normaal gesprek op gang. Het lijkt wel of ze wakker zijn geschud.

Desgevraagd zeggen ze beiden dat ze mijn observaties herkennen. En dat ze dolgraag de oude Job terug willen. En dat ze vanuit de grond van hun hart willen proberen hun verstoorde verhoudingen opzij te zetten waar het Job betreft. Ik stel voor dat we daartoe een aan onze school verbonden therapeut in de arm nemen. Ze nemen het met beide handen aan. Bij het weggaan helpt de vader de moeder in haar jas. Ik kijk ze voldaan na. Het zijn écht keurige mensen, denk ik.

 

Dit artikel staat in Kek Mama Magazine en is al een keer eerder gepubliceerd.

 

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

kinderdagverblijven_worden_volgend_jaar_fors_duurder

De kosten voor de kinderopvang gaan flink omhoog: ouders dreigen volgend jaar honderden euro’s meer kwijt te zijn.

Dat blijkt uit cijfers van de brancheorganisatie Kinderopvang.

 

Kwaliteit verbeteren

Om de kwaliteit in de kinderopvang te verbeteren, gaan vanaf 1 januari strengere eisen in voor de opvang van baby's: pedagogisch medewerkers mogen niet langer voor vier nuljarigen tegelijk zorgen, maar maximaal drie. Deze kosten worden doorberekend aan ouders en vooral kleine locaties voelen de veranderingen in de portemonnee.

 

Verhoging toeslagen

Via een verhoging van de kinderopvangtoeslag krijgen ouders wel een deel van die rekening terug, maar toch verwacht de brancheorganisatie dat de prijzen harder zullen stijgen dan de verhoging van de toeslagen. Als de berekeningen van de kinderdagverblijven bewaarheid worden, gaat een gezin met een laag inkomen, dat twee kinderen drie dagen naar de opvang stuurt, er minimaal 800 euro per jaar op achteruit. Voor eenzelfde gezin met een modaal inkomen stijgen de kosten met ruim 900 euro per jaar.

 

Niet pessimistisch

Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SWZ) ziet aan eigen berekeningen dat de verhoging van de toeslagen die extra kosten wél dekt en gaat niet uit van zo'n hoge prijsstijging. Ook ouderorganisatie Boink wil nog niet pessimistisch zijn. "We denken dat het effect op de laagste inkomens het grootst is. Dat is ongunstig, want die zijn al ondervertegenwoordigd in de kinderopvang. Maar we weten pas wat ouders gaan betalen als in het eerste kwartaal van 2019 de rekening krijgen."

Bron: AD.nl

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >