Mariëtte Middelbeek

Kek Mama-columnist Mariëtte Middelbeek zet elke week persoonlijk, herkenbaar en met humor de zaken voor je op een rij. Deze week: momenten waarop ze helaas niet perfect is.

1. Tijdens het eten

Ze bestaan: kinderen die heel netjes eten, sinds hun tweede verjaardag geen slab meer nodig hebben en bij wie nooit één rijstkorrel naast hun bord laat staan op de grond terechtkomt. Ik aanschouw ze in bewondering en prijs hun ouders in gedachten als ik weer eens op miraculeuze wijze pastasaus van de lamp moet soppen.

 

2. Bij het toetje

En als we het dan toch over eten hebben: het is ongetwijfeld pedagogisch verantwoord om geen toetjes uit te delen voordat de hele maaltijd of anders op z'n minst het groene gedeelte ervan achter de kiezen is verdwenen, maar dat doe ik dus niet. Omdat ik geen zin heb in een discussie erover. En ik denk dat mijn kinderen ook wel opgroeien tot goede burgers als ze na slechts één aardappel te hebben weggewerkt al yoghurt krijgen.

 

3. Bij gezeur

In principe hanteer ik de regel dat er geen speen hoeft te zijn tenzij er geslapen moet worden. In principe. Tenzij mijn peuter z'n speen tot schreeuwend strijdpunt verklaart en alleen nog verder kan leven of zich verticaal kan bewegen met dat ding in z'n mond. Dan geef ik uit praktische of vredes-overwegingen nog weleens toe. Wat natuurlijk heel slecht maar wel zo makkelijk is.

 

4. Bij ruzie

Ik had ooit een voornemen dat ik nooit op zo'n vermoeide zuchttoon 'jóngens' tegen mijn kinderen zou zeggen, maar ze ofwel streng doch monter zou toespreken (en dat zou impact hebben omdat ik een dergelijke toon zorgvuldig zou doseren) ofwel zou negeren dat ze elkaar met duplo bewerkten want daar werden ze heel inventief van op het gebied van probleemoplossing. Van beide is het niet gekomen, maar ik heb het verzuchten van ‘jóngens’ inmiddels wel tot de kunst verheven.

 

5. Bij gemiep om niks

Het probleem is: ik snap gewoon oprecht niet wat er zo moeilijk te begrijpen is aan het feit dat er nou eenmaal elke dag tanden gepoetst moeten worden. En waarom mijn peuter derhalve ie-de-re dag bij het tandenpoetsen (en haren wassen, ook) doet alsof ik hem bewerk met brandende fakkels. Ik heb er wel weinig geduld voor. Zeer, zeer weinig.

 

6. Bij werkdrukte

Ik ben dus zo’n moeder die - ondanks vrij stellige voornemens hierover - in tijden van werkdrukte met een half oog naar een laptop / telefoon zit te staren omdat er ‘hm-hm, ja, schatje, mooie toren’ even een mail af moet, terwijl ik eigenlijk bezig ben echte aandacht aan mijn kinderen te geven, aangezien ik dat zo belangrijk vind.  

 

7. Bij de sale

Ze hebben al zoveel kleren en ze groeien er binnen no time uit. Allemaal leuk en aardig maar de seconde dat ik voor me heb gezien hoe mijn kinderen schattig staan te wezen in die ook nog eens afgeprijsde broek / blouse / jurk / boxpak gelden dat soort argumenten natuurlijk niet meer. Hypotheek, jammer dan.

 

8. In de auto

Ik ben helaas niet gezegend met een oneindige hoeveelheid geduld, wat bijvoorbeeld tot gevolg heeft dat ik slecht kan omgaan met schreeuwende en zeurende kinderen op de achterbank van de auto, terwijl ik op zichzelf niet meteen een reden zie om te schreeuwen en zeuren. Omdat terugschreeuwen nou eenmaal zo weinig zin heeft, reageer ik me dan het liefst af op medeweggebruikers die in slakkengang stoppen voor een lichtoranje stoplicht wat natuurlijk niet eerlijk is, want die mensen kunnen er in principe ook niks aan doen.

 

9. Bij vermoeide kinderen

Vermoeide kinderen moeten ongetwijfeld eindeloos veel aandacht zodat ze ophouden met aan een been hangen en jengelen als ik nog allerlei zaken moet doen als opruimen en tafeldekken, maar helaas, in mijn oneindige imperfectie dring ik dan gewoon de iPad op. Ook als ze die eigenlijk niet willen.

 

10. Bij stout gedrag

Natuurlijk ben ik ook heus weleens consequent ,maar soms moet ik gewoon heel hard lachen als mijn zoon piemelnaakt de samba staat te dansen ook al heb ik al tachtig keer gesommeerd dat hij nú in bad moet. Wat natuurlijk opvoedtechnisch gezien helemaal fout is, maar wel echt heel grappig.

 

Tijdelijke aanbieding: Neem nu een abonnement op Kek Mama en krijg een gratis tas naar keuze >


Els en Do

De afwas, de tafel dekken, afruimen, hun kamer opruimen: mijn kinderen vertikken me te helpen met huishoudelijke klusjes. Bij alles wat ik van ze vraag, schreeuwen ze moord en brand en beweren ze dat het de beurt van de ander is.

ELS & DO: Natuurlijk willen ze geen klusjes doen. Wie wil dat nou wel? U moet ze dwingen, maar hoe? Do was er slecht in, indertijd. Uit luiheid en gemakzucht en omdat ze opvoeden nogal een klus vindt. Om het gemor van haar twee kleine lapzwansjes te voorkomen, ruimde ze uiteindelijk zelf de afwasmachine maar in en raapte hun speelgoed van de vloer.
 

Lees ook
'Ik stopte met troep opruimen en dit is wat er gebeurde' >

 

Koptelefoon op

Tot haar verbazing heeft haar zoon (22) zich wel ontwikkeld tot een goede opvoeder. En wel bij zijn neefjes op wie hij past bij wijze van bijbaantje. De stoute schoffes doen alle klusjes die hij hen opdraagt. Ze gooien zoet hun speelgoed in de mand en als ze hun limonade omstoten pakken ze zelf een doekje. Do’s zoon is minstens zo gemakzuchtig als zijn moeder. Zijn geheim is dat de protesten van zijn neefjes hem niets uitmaken. Ze kunnen op het dak gaan zitten, hij gaat lekker Netflixen, met zijn koptelefoon op.

Hij heeft zijn neefjes één keer, niet vaker, verteld dat hun leven een stuk leuker wordt als ze hun troep opruimen. Anders pakt hij de iPad af. Of zet-ie ze een halfuur in de tuin. Rain or shine. Nu zijn ze als was in zijn handen. Do is trots op hem. Maar ook verbaasd. “Dit heb je niet van mij geleerd”, zei ze. Bruno lachte: “Jawel, ik heb van jou geleerd hoe het niet moet.”

 

De opvoedtantes Els en Do beantwoorden opvoedvragen met een knipoog en stellen zichzelf voor: “Wij zijn geboren voordat de pil was uitgevonden, kwamen ter wereld zonder dat onze ouders daarom hadden gevraagd en werden te hooi en te gras opgevoed. Zelf kregen wij heel bewust kinderen en daarom voelen we tot op de dag van vandaag (ze zijn inmiddels 34, 22 en 20) de plicht hen permanent gelukkig te maken. We kennen dus twee opvoedingsstijlen van nabij, en blijven onverminderd op zoek naar de gulden middenweg.”

 

Ook een opvoedvraag? Mail ’m naar elsendo@kekmama.nl

 

Dit artikel staat in Kek Mama 10-2018.




 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

zoon haatte nieuwe zusje
Beeld: Unsplash

De oudste zoon van Stephanie Duncan was een droombaby. Maar toen werd hij tweeënhalf, en kreeg hij een zusje.

Ze deden alles volgens het boekje, om zoonlief voor te bereiden op de komst van de nieuwe baby, schrijft Stephanie op ScaryMommy. Ze lazen boekjes, praatten er eindeloos met hem over, gaven hem een cadeau namens zijn nieuwe zusje en op de dag van haar geboorte kocht hij samen met zijn oma een knuffel voor haar en gingen ze naar het ziekenhuis om haar te ontmoeten.

Meteen was het mis.

‘Ik zal de blik op zijn gezicht nooit vergeten, toen hij mij zijn nieuwe zusje de borst zag geven’, schrijft Stephanie. ‘Pure verslagenheid.’

 

Hel

De weken erna lieten zich volgens Stephanie het best beschrijven als ‘de hel’. Ze probeerde de normale dagelijkse routine te handhaven voor haar zoon en richtte haar aandacht vooral op hem – haar dochter sliep toch, het gros van de tijd. Hij kreeg troostcadeautjes van de kraamvisite, zijn vader nam hem in de weekends mee naar de speeltuin en de dierentuin. Niets werkte. Stephanie: ‘Het enige wat mijn zoon wilde, was mij weer voor zichzelf hebben.’

Haar zoon begon in babytaal te praten, kreeg de ene driftbui na de andere. Wilde elke nacht tussen zijn ouders in slapen en weigerde overdag nog een middagslaapje te doen. Even overwogen Stephanie en haar man hem maar gewoon naar de kinderopvang te brengen, zodat Stephanie in rust tijd met haar baby kon doorbrengen.
 

Lees ook
'Mijn vijfjarige zoon is brutaal, luistert slecht en terroriseert zijn zusje' >

 

‘Ze valt wel mee’

In plaats daarvan besloten ze te stoppen hun zoon ‘grote jongen’ te noemen, hem niet meer te laten helpen bij het verzorgen van zijn zusje, en hem toe te staan zich als een baby te gedragen. ‘Opeens, vijf maanden na haar geboorte, kwam mijn peuter tot inzicht’, schrijft Stephanie. ‘Tenminste, ik weet niet of hij zich realiseerde dat zijn zusje toch wel meeviel, dat hij door had dat er best ruimte was voor twee kinderen in huis, of zich er maar bij neerlegde dat ze het gezin niet meer zou verlaten.' Maar van de ene op de andere dag was hij weer het droomkind dat ze kenden.

Twee jaar later verwelkomde het gezin nog een dochter. ‘We hebben de termen ‘grote broer’ en ‘grote zus’ en alles wat daarbij hoort, deze keer opzettelijk niet gebruikt. Mijn zoon gaf geen krimp en ging vrolijk verder met zijn leven. Mijn middelste dochter, dat is een héél ander verhaal.’
 

Dit artikel is al een keer eerder gepubliceerd.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >