Of er nu twee, drie of vier uur tussen de voedingen zat, Malu’s baby liet stelselmatig de helft van z’n flesje staan.
Lees verder onder de advertentie
Ik was als de dood dat hij te weinig binnen zou krijgen. Tot ik doorkreeg waar het eigenlijk aan lag.
‘Ik kreeg het benauwd’
Vanaf z’n geboorte is Mack al geen fervente drinker: na een minuut of vijf was hij de borst wel zat en ook later, toen we overgingen op flesvoeding, liet hij altijd een bodempje staan. In het begin maakte ik hier nog niet zo’n probleem van – hij groeide goed en had genoeg plasluiers. Maar toen ik op de zijkant van de melkpoederverpakking las dat hij voor zijn gewicht wel héél weinig dronk, kreeg ik het benauwd.
Lees verder onder de advertentie
Vast ritueel
Ik gooide de boel compleet om. Ging van om de drie naar om de vier uur, hield een vast ritueel aan en gaf hem steeds op dezelfde plek in huis de fles. Uitjes? Wandelingen? Allemaal tussen de voedingen door, zodat we op het moment dat Mack honger kreeg thuis waren. Ook stapte ik over op een grotere speen en kochten we een weegschaal: konden we z’n gewicht goed in de gaten houden.
Het leek de beste aanpak, maar verrassend genoeg werkte het juist averechts. Ik was tijdens het geven van de voeding alleen maar gefocust op cijfertjes en Mack voelde mijn spanning. Gevolg: hij weigerde nóg eerder de fles. Het voeden was nu geen rustmoment meer, maar een opeenstapeling van stress. Uiteindelijk besloot ik het los te laten – ik moest voor mijn gevoel wel. Het aantal scheppen op de verpakking negeerde ik en de weegschaal ging weer de deur uit.
Lees verder onder de advertentie
Wonder boven wonder
En wat blijkt? Wonder boven wonder drinkt Mack ineens een stuk beter. Oké, nog steeds niet zoals de gemiddelde baby, maar hij is veel relaxter. Het consultatiebureau vindt z’n gewicht prima, hij schiet goed de lengte in en ík schiet niet meer in de stress als er nog een bodempje in de fles zit.
Natuurlijk hoop je dat je kind later een beetje aardig is voor de mensen om zich heen. Dat-ie iemand helpt die valt, niet voordringt bij de bakker en ooit uit zichzelf zijn broer of zus een koekje aanbiedt. Dat laatste is misschien wat ambitieus. Maar hoe leer je een kind eigenlijk om vriendelijk en empathisch […]
Kinderen hebben niet veel nodig om zich urenlang te vermaken. Geef ze een lege doos en ze bouwen een huis. Een oude deken wordt een tent, een pollepel een microfoon en een wc-rolletje is binnen drie seconden een verrekijker. En soms hebben ze aan een zolder genoeg.
Suzes oudste zoon mag sinds kort zelfstandig van school naar huis, maar komt de laatste tijd steeds laat uit school. Als ze op een middag besluit te kijken waar hij blijft, ontdekt ze de reden voor zijn dagelijkse vertraging.
Toen we de naam van onze zoon bekendmaakten, waren mijn ouders niet bepaald enthousiast. Vooral de buitenlandse uitspraak vonden ze maar overdreven. Ik dacht dat ze er vanzelf aan zouden wennen. Inmiddels is mijn zoon vier en spreken opa en oma zijn naam nog steeds anders uit.
Erica’s dochter heeft een half jaar verkering met een jongen die ze tijdens de vakantie heeft ontmoet. Ze zijn allebei vijftien en stapelgek op elkaar. Alleen woont hij anderhalf uur verderop. Daarom wil ze bij hem blijven slapen. Erica vindt dat prima, maar haar man denkt daar héél anders over.
Je ouders konden ontzettend veel van je houden en je tóch niet altijd geven wat je emotioneel nodig had. Volgens psychologen kunnen de gevolgen daarvan zelfs als volwassene nog merkbaar zijn. En soms zit dat in kleine dingen.