Kimberley van Heiningen is getrouwd met Kevin en (bonus)moeder van Norah (7) en Jackie (2). In de zomer komt daar een kleintje bij.
Lees verder onder de advertentie
De kans was 50/50. Of nou ja, wetenschappelijk gezien 52% (jongetje) tegenover 48% (meisje). Het kon twee kanten op. Maar voor Noor was het simpel: ze wilde niet nóg een zusje. Bij haar moeder heeft ze er twee, bij ons één. Drie was meer dan genoeg, vier ronduit overdreven.
Gender disappointment
‘Als het wéér een meisje is, verhuis ik naar Afrika’, zei ze resoluut. ‘Met een luchtballon.’ En ze keek er bloedserieus bij. De vorige keer hoopte ze ook al op een broertje. Nu is ze helemaal gek op haar zusje, maar destijds stortte ze vrij theatraal ter aarde toen er roze en geen blauwe confetti uit de ballon kwam. Gender disappointment in optima forma.
Lees verder onder de advertentie
Hoe zat dat dan deze keer? De Chinese Kalender voorspelde een jongen. Mijn schoonmoeder pendelde er één, Oei ik groei stond aan Noors kant (na quizvragen te hebben beantwoord over boxershorts en spicy kruiden), maar de bakerpraatjes wezen toch echt op nog een meid. Zwangerschapsgloed? Waar?
Wie is de mol?
Mijn eigen voorgevoel wisselde van een jongen naar een meisje en weer terug. De echoscopiste weigerde bij de medische dertienwekenecho iets over het geslacht los te laten. Twee keer knipperen met haar ogen wilde ze ook al niet, al plaatste ze wel heel Wie is de Mol?-achtig de cursor op iets wat verdacht veel leek op een piemel. Als dat geen hint was.
Lees verder onder de advertentie
Die mogelijke dickpic plaatsten we op zo’n zwangerschapsforum waar zelfbenoemde Nubmasters (de nub is een ‘uitsteeksel’ tussen de benen waarmee je een voorspelling kunt doen voor het geslacht) zeker dachten te weten dat het inderdaad om een piemel ging. Een paar uur later – want ongeduldig – bevestigde de pretecho dat.
”
De zelfbenoemde Nubmasters dachten zeker te weten dat het inderdaad om een piemel ging
Het definitieve plaatje
Natuurlijk had het niets uitgemaakt. Uiteraard staat gezondheid altijd voorop. Maar toch voelde het deze keer anders, groter en bepalender dan bij Jackie. Dit is ons laatste kindje. Dit is dus de samenstelling van ons gezin, het definitieve plaatje. Nog een dochter betekende dat ik nooit een zoon zou krijgen. Een jongen dat ik de fluffy panterjas in maatje 56 uit de ‘in het geval dat’-doos op Vinted moest zetten.
Lees verder onder de advertentie
BLAUW!
Bij de plaatselijke cupcakejuwelier liet ik cupcakes met blauwe vulling maken om Noor te verrassen met het nieuws. ‘Ik wil echt heel, heel, heel graag een broertje’ benadrukte ze nog eens, terwijl ze een grote hap nam. Gevolgd door een euforische: ‘JAAAAHAAA, BLAUW!’ De emigratieplannen vervlogen. Toch fijn, dat de grootste zus gewoon thuis blijft wonen.
Lees verder onder de advertentie
Eerder schreef Kimberley over de dingen die ze dacht (spoiler: veel) toen ze een positieve zwangerschapstest in haar handen had. Lees die column hier.
Een zwangerschap terwijl je huwelijk net is stukgelopen, zet alles op zijn kop. Als vervolgens blijkt dat je niet één, maar drie baby’s verwacht, wordt die nieuwe werkelijkheid nog veel groter. Kim maakte het mee en werd midden in haar scheiding moeder van een eeneiige meisjesdrieling.
Je vraagt je kind om zijn kamer op te ruimen en een halfuur later is er… precies niets gebeurd. Behalve dat er inmiddels nóg meer Lego op de vloer ligt. Herkenbaar? Misschien kun je de sterren de schuld geven.
Wendy is trotse mama van een dochter (16) en een zoon (9). Hun gezinsleven is een heerlijke, soms chaotische mix van liefde en mooie momenten. Die deelt ze graag, ook de uitdagingen die op ons pad komen. Je volgt ons op Instagram.
Een buur helpen als ze een keer omhoogzit met de opvang? Natuurlijk. Maar bij Babette lijkt haar behulpzaamheid inmiddels iets te vanzelfsprekend te zijn geworden. Ze heeft zelf een dochter van zes, maar krijgt op maandag regelmatig twee extra kinderen over de vloer. Zonder dat haar buurvrouw eerst vraagt of dat eigenlijk wel uitkomt.
“Waar zijn de kinderen eigenlijk?” Een vraag waarbij veel ouders tegenwoordig acuut hun telefoon zouden pakken. In de jaren zeventig en tachtig was het antwoord regelmatig: ergens buiten. Geen gps-horloge, geen WhatsApp en al helemaal geen ouder die iedere twintig minuten informeerde of alles nog goed ging. Als je maar thuis was voor het eten.