freerunning
Beeld: Unsplash

Lucas (12), de oudste zoon van Kek Mama’s Jorinde, heeft één grote passie: freerunning.

Tijdens zijn eerste voetbalwedstrijd bij de mini-F’jes was Lucas zoek. Vijf jongetjes van vijf jaar renden in een kluitje achter de bal aan, en de zesde ̶ mijn zoon dus ̶ was in geen velden of wegen te bekennen. Een lichte paniek maakte zich van me meester: welke moeder raakt in hemelsnaam haar kind kwijt op het voetbalveld? Tíjdens een wedstrijd, welteverstaan?!

Koortsachtig speurde ik de reservebank af. Ik wilde net naar de toiletten rennen (een plaspauze komt immers altijd gelegen wanneer je vijf bent), toen ik hem ontdekte. Ergens in de verte, in een hoek van het veld en tientallen meters verwijderd van zijn team, maakte Lucas in opperste concentratie de ene koprol na de andere. Volledig in zijn element, en zich van geen kwaad bewust.

Ik probeerde mijn lach te onderdrukken en rende onopvallend naar hem toe. Ik gaf hem een tikje tegen zijn schouder, en haalde hem uit zijn acrobatische wereldje: “Rennen schat, de tegenstander scoort bijna!” Een beetje verstrooid holde hij gehoorzaam het veld op, geen idee wat nou eigenlijk precies de bedoeling was. Ze verloren de wedstrijd met twaalf-nul.
 

Flikflakkend op teamsport

De volgende wedstrijden gingen niet veel beter. Hoe spannend het spel ook verliep, keer op keer draaide Lucas al koprollend om het hek langs de zijlijn, of stuiterde flikflakkend achter het doel door.

“Je moet hem wel op een teamsport houden hoor”, bemoederde mijn omgeving toen ik hem halverwege het seizoen maar uitschreef bij de voetbalclub. “Hartstikke belangrijk voor zijn sociale ontwikkeling.” Sociale ontwikkeling? Mijn zoon maakte al vriendjes tijdens het boodschappen doen; een teamsport leek me nou niet direct van levensbelang. Dus atletiek volgde. En tennis. Judo en jiujitsu. Niets bleek een succes – op die judo na dan, want daar kun je nu eenmaal enorm veel koprollen maken, en stoeien is natuurlijk altijd goed wanneer je wordt geregeerd door mannelijke hormonen.
 

Lees ook
16 Dingen die je denkt als je kleumend aan de zijlijn staat >

 

Vooral veel springen en klimmen

Welke sport Lucas ook probeerde te beoefenen, tijdens elke training en elke wedstrijd plukte ik hem van de meest uiteenlopende constructies. Zwaaiend aan de trap naar de tenniskantine. Springend van stoel naar stoel op de voetbaltribune. Precies wat hij altijd en overal al deed, natuurlijk. Want geen wandeling ging bij hem ooit in een rechte lijn over de stoep: de route naar school liep voor Lucas via muurtjes, hekjes, betonpaaltjes en andere obstakels.

Dat kind moet op turnen, bedacht ik twee jaar geleden. Op zich geen wereldschokkend inzicht na jaren van sporten die ík voor hem had uitgezocht, terwijl hij al niet anders deed dan stunten met zijn lichaam. Dus zo geschiedde. De avond na de eerste training ging hij stijf van de adrenaline zijn bed in. “Zo tof, mam: nu leer ik pas écht gave salto’s en trucs voor het freerunnen.”
 

Freerunnen is echt zijn ding

Met zijn twaalf jaar en een indrukwekkende sixpack op zijn buik is hij inmiddels de held van het schoolplein. En wanneer ik hem weer eens met een soort dodemanssprong van onze schuur zie vliegen, of hem net niet kan behoeden voor een salto boven de betontegels, draait mijn maag zich nog elke keer om. Maar een kniesoor die daarom geeft, wanneer je je kind stralend hoort zeggen: “Dat freerunnen, mam, is echt mijn ding.”

 

Dit artikel is al een keer eerder gepubliceerd.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

Renske Koelewijn

Heb je al twee bijna pubers, krijg je zomaar na tien jaar toch nog een derde.

Renske Koelewijn (37) is getrouwd met Rinke (39) en moeder van Lisa (12), Maud (10) en Fleur (5 maanden)

“Mijn man en ik zaten zowat tegen het plafond aan toen ik zwanger bleek van de derde. Waren onze dochters net wat ouder en zelfstandiger – en konden we ook weer eens met z’n tweeën de hort op – gingen we ineens tien jaar terug in de tijd.
 

Hoe dan ook welkom

Abortus was voor ons geen optie: mijn man en ik zijn gelovig en ons kind was hoe dan ook welkom. Neemt niet weg dat ik in het begin best in paniek was. Opnieuw gebroken nachten, basisschoolperikelen en zwembadsessies: ik wist niet of ik het nog wel wilde. Na een paar weken raakte ik steeds meer aan het idee gewend – en keek ik er enorm naar uit om weer een babylijfje te knuffelen.

Dat gevoel werd alleen maar sterker toen we onze dochters over de zwangerschap vertelden. Je had die meiden moeten zien, helemaal door het dolle heen. “Ik wilde altijd nog een broertje of zusje, en nu ik het niet meer verwachtte, krijg ik er een”, huilde mijn oudste dochter. Ze weken geen moment van mijn zijde, plukten continu aan mijn buik en gingen een paar keer mee naar de controles – wat dat betreft heb ik deze zwangerschap bewuster dan ooit meegemaakt.
 

Onbezorgd

Met mijn jongste dochter ben ik stukken relaxter dan tien jaar geleden. Vroeger wilde ik bijvoorbeeld thuis zijn als mijn dochters hun middagslaapje deden, maar met twee oudere kinderen is dat niet altijd mogelijk. Nu slaapt Fleur gewoon in de kinderwagen tijdens de sportles van mijn middelste dochter. Dat onbezorgde geldt trouwens niet voor alles: in het begin zat ik soms met de handen in het haar als Fleur langere tijd bleef huilen – en dat terwijl ik dacht rationeler te zijn. Wat dat betreft zijn mijn hormonen in tien jaar tijd niks veranderd.
 

Lees ook
Waarom drie kinderen opvoeden makkelijker is dan één kind >

 

Social media

Kijkend naar het moederschap spelen er wel andere dingen dan tien jaar geleden. Neem social media: mijn oudste dochter zit weleens op Instagram en plaatst graag babyfoto’s. Ik ben alert op wat ze online gooit: wel selfies met haar zusje, maar geen foto’s van Fleur in bad – je weet immers nooit waar die beelden terecht kunnen komen. Bizar, daar hoefde ik vroeger nooit rekening mee te houden.

Sowieso heeft die hele internetwereld een transformatie doorgemaakt. Tijdens mijn eerste zwangerschap waren er misschien een paar websites met zwangerschapsinformatie, nu moet je jezelf een weg banen door honderden blogs en vlogs. Ergens wel fijn dat je zo veel informatie kunt krijgen, maar iedereen heeft online een mening, of het nou om borstvoeding, middagslaapjes of wipstoeltjes gaat. Ik lees al die dingen niet, zou er alleen maar knettergek van worden. De vorige keren is het me ook gelukt zonder blogs.”

De hele portrettenserie staat in Kek Mama 10-2018.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

spaarde stiekem nieuw interieur
Beeld: Unsplash

Isabel (36) spaarde de nieuwe huisinrichting die haar man Huib (38) niet wilde, stiekem bij elkaar van het boodschappenbudget. "Als we elke dag goeie wijn konden drinken, dan kon dat ook wel aan een ongeschonden tafel."

“We woonden al tien jaar op dezelfde meubels. De bank die we kochten toen we gingen samenwonen, was doorgezakt door het gespring van onze zonen van vijf en acht, en van onze eettafel kon ik me het oorspronkelijke uiterlijk niet eens meer herinneren, dankzij vingerverf, tomatensausvlekken, en butsen door peuterdriftbuien. Geen gezicht, vond ik. Armoedig en ongezellig, terwijl ik onze jongens wilde opvoeden in een warm en knus huis.

Onzin, vond Huib, toen ik nieuw meubilair voorstelde voor onze eengezinswoning. Wist ik dan wel wat dat kostte? En met al dat testosteron in huis, was de helft van die zuurverdiende meubels binnen een mum van tijd toch weer gesloopt, dacht hij.

Ik kon me geen ander gezin voor de geest halen dat – ondanks kinderen van dezelfde leeftijd – in een afbraakpand leefde als het onze; met dat slopen zou het dus wel meevallen. Bovendien: oude meubels nodigen niet bepaald uit tot voorzichtig doen met je bessensiroop, of de mayo voorzichtig op je bord spuiten, in plaats van met een slecht gerichte kwak op tafel. Dus hoe breng je je kinderen dan netter gedrag bij?

 

Exorbitant bronwater

Huib was niet te vermurwen. We kwamen ruim rond met het inkomen dat we hadden, maar een compleet nieuw interieur was wel wat overdreven qua luxe, stelde hij. Hij vindt die dingen gewoon niet belangrijk. Ik vond eerder onze wekelijkse uitgaven aan boodschappen wat exorbitant, want waarom wil iemand per se het meest exclusieve bronwater uit flessen drinken, en alleen wijn van de plaatselijke, peperdure slijter?

Op de vijfhonderd euro aan boodschappen – exclusief die wijn - per maand, wist ik stiekem en met een beetje creativiteit als snel zo’n honderdvijftig tot tweehonderd te besparen, die ik apart zette op mijn eigen rekening. Onze flessen wijn van gemiddeld meer dan een tientje, verruilde ik voor exemplaren van maximaal vier euro. In plaats van biologische vleeswaren, gaf ik de kinderen vaker pindakaas op brood. En dacht je dat Huib het merkte, toen ik de pasta van zijn favoriete trattoria, verving door het betere merk van de plaatselijke prijzenknaller? De flessen exclusief bronwater die hij daarbij dronk, vulde ik gewoon bij uit de kraan.

 

‘Je hebt ons toch niet aangemeld bij een woonprogramma?’

Dat tikt aan, kan ik je vertellen. Mijn gedroomde eettafel, had ik op deze manier in zes maanden bij elkaar gespaard. Het bedrag voor de reusachtige loungebank waar ik al jaren op aasde, volgde negen maanden later. Omdat Huib toch nooit inspraak wilde in ons interieur, bestelde ik ze in één keer, en liet ze bezorgen toen hij op zakenreis was.

Huib kreeg bijna een hartverzakking toen hij bij thuiskomst de voordeur opende. ‘Wat is dit?’, riep hij verschrikt. ‘Je hebt ons toch niet opgegeven voor zo’n vreselijk woonprogramma? Of ons in de schulden gestoken?’

‘Relax’, zei ik, ‘ik had je ook kunnen opgeven voor Mijn man is klusser, maar de oude badkamer zit er nog steeds in. Ik heb gewoon ons eetpatroon wat aangepast.’

 

Lees ook:
‘Mijn man komt te snel klaar’ >

 

Hilariteit met vriendinnen

Er was niet zoveel wat hij er tegenin kon brengen. We konden nog steeds op vakantie, we aten nog elke avond onze buiken rond en de kinderen liepen niet in te kleine kleren. Van de wisseling in wijn en water had hij nooit wat geproefd. Dat heb ik hem trouwens tot op de dag van vandaag ook niet verteld, maar het is voer voor hilariteit op avonden met vriendinnen.

Huib was niet zo blij dat ik achter zijn rug om had gehandeld, maar gaf toe dat dat nieuwe interieur er met zijn medeweten nooit gekomen was. En nu het er zo stond, gezellig afgestyled met verse bloemen en wat kaarsen, vond hij het toch wel een vooruitgang.

Toen we weken na mijn eenmansactie en zijn eenmalige boosheid, een avond samen op de bank hingen, zei hij: ‘Nu de rest zo mooi is, moeten we het tv-meubel en de eetkamerstoelen misschien ook maar aanpakken.’ Daar liet ik geen gras over groeien: op mijn favoriete meubelsites liet ik meteen de mooiste spullen zien.

Op de dag dat ze werden bezorgd, hebben Huib en ik er een mooie fles wijn op gedronken. We hoefden nu toch niet meer te sparen.”
 

Dit artikel is al een keer eerder gepubliceerd.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >