Kek Mama-columnist Roos Schlikker schrijft elke maand bloedeerlijk en supergrappig over wat ze meemaakt. Deze maand: de sterilisatie van man François.
Lees verder onder de advertentie
“Wil je kijken?” vraagt François, maar ik ben niet gemaakt voor ramptoerisme. Overigens ook niet als het mijn eigen lichaam betreft. Er schijnen mannen te zijn die met gynaecologische professionaliteit de ravage inspecteren die down under bij hun vrouw is overgebleven na een bevalling, maar ook dat vond ik nooit zo nodig.
Lees verder onder de advertentie
Ik ben evenmin met spiegeltjes op inspectie gegaan bij mijn ‘onderkantje’ zoals de kraamhulp het zo vreselijk uitdrukte. Onderkantje en ik deden liever of er niets gebeurd was en strompelden vrolijk samen verder. Maar afgelopen zomer besloot François een knoopje te laten leggen in de zijne. We hebben twee fijne kinderen, willen geen derde, ik ben 41, hij 53, het is mooi geweest, strik erom en klaar.
Reuze moedig
Allerlei kennissen, vooral mannen, vonden François reuze moedig. Bevallen is namelijk doodgewoon maar zodra er iets aan een piem moet gebeuren slaan mensen benauwd hun benen over elkaar en grimassen of ze getuige zijn van een verschrikkelijk ongeluk. François deed er gelukkig zakelijk over. We willen geen baby’s meer, dus deed-ie er wat aan.
Lees verder onder de advertentie
Maar toen was het de dag na de operatie. François vroeg of ik zijn zakie wilde zien, ik bedankte. Niemand knapt op van de aanblik van blauwe ballen, zei ik stoer. Maar stiekem was er meer aan de hand. Want die sterilisatie, natuurlijk stond ik daar achter. Ik was klaar met baren. Echt. Toch?
Slecht in afscheid nemen
Maar waarom had ik er zo’n moeite mee een flesje babyolie weg te gooien dat ergens bestoft in de badkamer stond? En wat stond ik nou weeïg in de kinderwagen van een buurtmoeder te koekeloeren? Ik wilde toch niet meer? Nee, ik wil niet meer. Maar ik ben zo slecht in afscheid nemen. En nu François de kroeg gesloten heeft, heb ik opeens trek in bier. Maar geen zin in elke drie uur wakker worden, omkukelende baby’s en zoogkompressen. Prachtig vond ik het, maar nu is het tijd voor iets anders.
Lees verder onder de advertentie
We zijn inmiddels drie maanden verder. François’ zakie is keurig geheeld en mijn babyweemoedigheid weggeëbd. Afgelopen week begon Miró opeens met uitslapen. Zeven jaar lang wekte hij ons dagelijks om zes uur. Nu rekt hij zich rond kwart over acht ontspannen uit. Ik aai hem door zijn haar en voel de spieren in zijn schouders. Hij wordt groot. Ik ook. Het is goed zo. Heel goed.
Roos Schlikker (41) is journalist, schrijver, columnist en theatermaker, zowel letterlijk als figuurlijk. Samen met haar man heeft ze twee zonen: Miró (7) en Róman (5). Mail Roos op roos@kekmama.nl.
Relatie uit, huis leeg, camper volgeladen. Lianne Kooistra (42) trekt de komende tijd met dochter Keetje (3) door Europa. In haar columns schrijft ze over hun tijdelijke leven op vier wielen. Je kunt haar avonturen ook volgen op Instagram.
Denk je aan een gezonde zwangerschap, dan denk je waarschijnlijk meteen aan de moeder. Stoppen met roken en alcohol, gezond eten, genoeg rust: alle adviezen lijken op haar gericht. Maar dat beeld klopt niet meer, blijkt uit een nieuwe Britse studie.
Broers en zussen kunnen elkaar het leven zuur maken (lees: geruzie om niks), maar ook elkaars grootste vriend zijn. En terwijl jij denkt dat jij als ouder de hoofdrol speelt in de ontwikkeling van je kind, gebeurt er onderling ook iets belangrijks.
Femke is een boysmom en dat zal ze weten ook. Haar jongens zitten altijd onder de blauwe plekken en krassen, kleding is geregeld stuk en en wordt gestoeid alsof hun leven ervan afhangt.
Opgroeien met een beroemde broer klinkt misschien als een groot backstagefeest, maar de realiteit is vaak net even anders. Monique Smit (36) vertelt daar openhartig over in de podcast De Bevers geven zich bloot.
Relaties lijken soms vanzelf te lopen, totdat dat ineens niet meer zo voelt. Want hoe leuk de eerste verliefde fase ook is, een langdurige relatie vraagt onderhoud. Zonder aandacht, liefde en inzet kan zelfs een sterke band langzaam afbrokkelen.