Mila: ‘Ik wacht al een jaar lang op die Tikkie van €800’
Soms loopt een simpele Marktplaats-aankoop nét even anders dan gepland. Wat begon als een droomvondst voor een prikkie, veranderde in een verhaal dat Mila een jaar later nog steeds bezighoudt.
Beeld: Kek Mama
Sommige kinderen hebben een levendige fantasie, andere lijken écht net iets meer te zien dan de rest.
Amanda: “Het was een gewone middag. Mijn dochter van drie zat aan de eettafel met een cracker in haar hand en pindakaas tot achter haar oren, je kent het wel. Opeens zat ze stokstijf stil. Grote ogen. Starend naar buiten, de tuin in.
‘Wat zie je, lieverd?’ vroeg ik luchtig, terwijl ik alvast mentaal een denkbeeldige kat, vogel of voorbijwandelende buurman uitsloot. ‘Ik kijk naar die man in de boom.’ Pardon? Er stond inderdaad een boom in onze tuin. Maar daar zat geen man in. Geen buurman, geen klusjesman, zelfs geen verdwaalde postbode. Gewoon een boom met bladeren. Ik besloot het spelletje mee te spelen. ‘Oh ja? En wat doet hij?’ vroeg ik. ‘Niks, hij zit gewoon in de boom’, zei ze. ‘Is hij boos?’ vroeg ik daarna. ‘Nee’, zei ze rustig. ‘Hij is niet boos, hij zit gewoon naar ons te kijken.’ Alsof het de normaalste zaak van de wereld was dat er een onbekende man in onze boom bivakkeerde. Mijn moederinstinct schoot alle kanten op.
Wat het extra ongemakkelijk maakte: het bleef niet bij die ene keer. Ze keek vaker naar buiten. Soms zwaaide ze zelfs. Soms vertelde ze dat ‘de man’ er weer was. Maar altijd rustig. Ze was nooit boos of bang. Dat stelde me dan weer een beetje gerust. Ik bleef vragen stellen. ‘Heeft hij schoenen aan?’ bijvoorbeeld. ‘Ja’, antwoordde ze dan. ‘Wat doet hij dan?’ vroeg ik dan weer. ‘Gewoon zitten’, zei ze weer.
Mijn ouders verklaarden me voor gek toen ik het vertelde. Vast haar fantasie, zeiden ze. En rationeel gezien had ik dat ook graag willen geloven. Maar er zat iets in haar blik, zo serieus, zo overtuigd, dat me toch kippenvel gaf. En toen gebeurde er iets waardoor mijn ouders er niet meer omheen konden.
Toen ze vier was, bleef ze vaker logeren bij mijn ouders, haar favoriete oma en opa. Op een middag waren ze samen aan het wandelen, in een heel andere wijk. Plots zei mijn dochter dat er een vriendin van opa en oma voor de deur stond. ‘Ze kan de sleutel niet vinden’, voegde ze eraan toe. Mijn moeder lachte: ‘Gekke meid, oma en opa hebben geen afspraak.’ Mijn dochter bleef erbij, heel stellig: de vriendin stond daar en ze had geen sleutel.
Je voelt ’m al aankomen. Toen ze thuiskwamen, stond er daadwerkelijk een vriendin van mijn ouders voor de deur. Zonder sleutel. Ze was haar sleutel kwijtgeraakt en kon niet bij haar eigen huis naar binnen. Ik kreeg het verhaal later die avond te horen via mijn lichtelijk bleek weggetrokken moeder. ‘Dit verzin je niet’, zei ze. Nee, dat verzin je dus niet.
Natuurlijk probeer ik het rationeel te verklaren. Kinderen pikken meer op dan je denkt. Misschien had ze ooit iets opgevangen of misschien was het toeval. Misschien heeft ze gewoon een talent voor extreem goed gokken (dan zet ik haar later in bij de Staatsloterij). Maar soms, als ze weer eens dromerig uit het raam staart, voel ik nog steeds die rilling over mijn rug. En elke keer als ik naar die boom kijk, check ik toch even. Je weet maar nooit.”
Ook het kindje van Nienke heeft helderziende trekjes. Haar verhaal lees je hier.