Even die vergeten gymtas naar school brengen. De juf appen na een vervelend voorval. Of tóch helpen met dat werkstuk dat morgen af moet zijn. We doen het allemaal weleens. Je wilt je kind tenslotte helpen. Maar als je steeds ieder obstakel uit de weg ruimt, kan dat juist averechts werken.
Lees verder onder de advertentie
Daar is zelfs een term voor: grasmaaierouderschap. En voor de duidelijkheid: dat heeft weinig te maken met hoe strak je gazon erbij ligt. Een grasmaaierouder probeert problemen uit de weg te ruimen vóór een kind er zelf mee te maken krijgt. Niet omdat je je kind niets zelf toevertrouwt, maar meestal juist omdat je het wilt beschermen tegen verdriet, stress of teleurstelling.
Lees verder onder de advertentie
Heel liefdevol dus. Alleen heeft een kind die minder leuke momenten soms óók nodig om zelfstandig en veerkrachtig te worden. Herken je deze vijf dingen?
1. Je schiet meteen te hulp bij een probleem
Je kind heeft ruzie met een vriend en nog voordat je het hele verhaal hebt gehoord, denk je al: zal ik zijn moeder even appen? Of er moet morgen een werkstuk ingeleverd worden en er is nog weinig gebeurd. Voor je het weet zit jij ’s avonds fanatieker te knippen en plakken dan je kind.
Herkenbaar, maar soms helpt het om eerst even niets te doen. Vraag bijvoorbeeld: ‘Hoe zou je dit zelf kunnen oplossen?’ Grote kans dat je kind meer kan dan je denkt.
2. Je probeert fouten te voorkomen
Die broodtrommel staat nog op het aanrecht. De gymtas ligt in de gang. En dat huiswerk waarvan je gisteren nog vroeg of het écht in de tas zat? Juist. Je kunt natuurlijk achter je kind aan racen om de boel te redden. Maar af en toe iets vergeten is ook een prima manier om te leren dat je de volgende keer beter even kunt checken.
Lees verder onder de advertentie
Dat voelt misschien een tikje hard als je thuis naar die eenzame gymtas kijkt, maar kleine fouten hebben soms meer effect dan tien keer: ‘Heb je nou écht alles bij je?’
3. Je praat vaak namens je kind
Bij de juf, de trainer of een andere ouder neem je al snel het woord over. Lekker efficiënt – en jij weet tenslotte precies wat er aan de hand is. Toch kan het goed zijn om je kind zelf iets te laten vragen of uitleggen. Vind je kind dat spannend? Dan kun je natuurlijk samen bedenken wat hij of zij wil zeggen. Zo ben je er wel, maar hoeft je kind niet altijd op jou te leunen.
Lees verder onder de advertentie
4. Je wilt ieder rotgevoel het liefst meteen oplossen
Je kind is niet uitgenodigd voor een feestje, heeft een wedstrijd verloren of ligt overhoop met een beste vriend. Pijnlijk om te zien, dus het liefst wil je meteen iets dóén. Maar soms valt er helemaal niets te fixen.
Een arm om je kind heen en zeggen: ‘Wat rot voor je’ kan genoeg zijn. Teleurstelling, frustratie en verdriet horen helaas ook bij het leven. Door die gevoelens af en toe te ervaren, leert een kind bovendien dat ze uiteindelijk weer voorbijgaan.
5. Je doet dingen waarvan je weet dat je kind ze zelf kan
Tas inpakken? Doe jij wel even. Brood smeren? Gaat sneller als jij het doet. Iets aan de juf vragen? Kom maar, jij regelt het. En eerlijk: op een drukke ochtend is daar soms ook gewoon wat voor te zeggen.
Maar als je kind iets zelf kán, is het goed om daar ook de ruimte voor te krijgen. Zelfs als het drie keer zo lang duurt, de kaas scheef op het brood ligt en er onderweg iets misgaat. Zelfstandigheid moet tenslotte ergens beginnen.
Moet je dan voortaan alles maar laten gaan?
Zeker niet. Je kind heeft jou nog steeds nodig. Als een situatie onveilig is, te groot wordt of simpelweg niet past bij wat je kind op die leeftijd aankan, is het logisch dat je ingrijpt. Het verschil zit vooral tussen helpen en overnemen.
Je hoeft niet ieder obstakel voor je kind weg te halen. Soms kun je beter ernaast blijven staan terwijl je kind zélf probeert eroverheen te klimmen. Dus de volgende keer dat je voelt dat je meteen iets wilt oplossen, kun je jezelf één vraag stellen: moet ik dit nu echt regelen, of kan mijn kind dit zelf proberen? En die vergeten gymtas? Tja. Morgen weer een dag.
Lees verder onder de advertentie
Experts stellen dat ouders die emotioneel volwassen dochters opvoeden, deze 6 schadelijke uitspraken vermijden. Je leest ze hier.
Estavana Polman en Rafael van der Vaart zijn inmiddels ruim tien jaar samen. Dat betekent niet dat het er thuis altijd even gezellig aan toegaat. Estavana vertelt openhartig dat ze soms flink discussiëren, maar één ding staat voor haar buiten kijf: de liefde overheerst.
Toen we de naam van onze zoon bekendmaakten, waren mijn ouders niet bepaald enthousiast. Vooral de buitenlandse uitspraak vonden ze maar overdreven. Ik dacht dat ze er vanzelf aan zouden wennen. Inmiddels is mijn zoon vier en spreken opa en oma zijn naam nog steeds anders uit.
Je ouders konden ontzettend veel van je houden en je tóch niet altijd geven wat je emotioneel nodig had. Volgens psychologen kunnen de gevolgen daarvan zelfs als volwassene nog merkbaar zijn. En soms zit dat in kleine dingen.
Toen Louis (3) zijn ouders ervan probeerde te overtuigen dat hij prima zonder zijwieltjes kon fietsen, namen ze hem niet meteen serieus. Toch besloten Joyce en haar man de proef op de som te nemen. Dat pakte totaal anders uit dan verwacht.
Patricia van Liemt is schrijver en moeder van Maria (16) en Phaedra (13). Ze schrijft rake, eerlijke, grappige en vooral herkenbare columns over haar leven.