Bettina Holwerda deelt eerlijke kijk op huwelijk met Jim Bakkum: ‘Het piept en kraakt’
Volgens Bettina Holwerda hoeft liefde helemaal niet perfect te ogen om goed te zijn.
Beeld: Canva
Dat alleen gelukkig zijn prima kan, daar kijken we inmiddels niet meer van op. Maar zodra er kinderen in het spel zijn, denken veel mensen toch nog snel: dat moet loodzwaar zijn.
Zeker bij alleenstaande moeders leeft vaak het beeld van stress, geldzorgen en chronisch tijdgebrek. En dat beeld komt natuurlijk niet helemaal uit de lucht vallen. Toch blijkt de werkelijkheid volgens een nieuwe megastudie veel genuanceerder te zijn. Sterker nog: sommige alleenstaande ouders blijken zich juist gelukkiger te voelen dan volwassenen zonder partner én zonder kinderen.
In Nederland groeit een groot deel van de kinderen op in een gezin met één ouder. Ruim één op de vijf gezinnen bestaat uit een alleenstaande ouder en dat zijn in de meeste gevallen moeders. Na een scheiding blijven kinderen namelijk nog steeds vaker bij hun moeder wonen. Tegelijkertijd neemt het aantal singles toe. Bijna 40 procent van de Nederlandse huishoudens bestaat inmiddels uit één persoon. Vooral in steden is alleen wonen allang niet meer uitzonderlijk. Toch hangt er rondom alleenstaande ouders nog vaak hetzelfde idee: weinig tijd, veel stress en altijd aanstaan.
Wetenschappers van onder meer de Universiteit van Bamberg en de Erasmus University Rotterdam besloten te onderzoeken hoe gelukkig alleenstaande ouders zich nu écht voelen. Daarvoor bekeken ze bijna vijftig jaar aan onderzoeksgegevens uit 54 wetenschappelijke studies wereldwijd. In totaal ging het om data van ongeveer 2,5 miljoen mensen. De belangrijkste conclusie? Alleenstaand ouderschap zegt op zichzelf eigenlijk verrassend weinig over iemands geluk. De onderzoekers zagen wel een duidelijk patroon: alleenstaande ouders rapporteren gemiddeld minder levensgeluk dan ouders die samen kinderen opvoeden. Dat geldt voor zowel moeders als vaders. Op zich niet zo gek natuurlijk, want als je in je eentje verantwoordelijk bent voor inkomen, opvoeding én huishouden, brengt dat behoorlijk wat druk met zich mee.
Wat ook opviel: zodra onderzoekers alleenstaande ouders vergeleken met volwassenen zonder partner én zonder kinderen, werd het beeld veel minder zwart-wit. Maar opvallend genoeg ontstond er een heel ander beeld zodra onderzoekers single ouders vergeleken met volwassenen zonder partner én zonder kinderen. In meerdere landen bleken alleenstaande ouders zich juist gelukkiger te voelen.
Kinderen kunnen dus óók veel brengen: verbondenheid, betekenis en voldoening. Zelfs wanneer het ouderschap soms zwaar is.
Wat onderzoekers daarnaast zagen: de timing maakt uit. Veel alleenstaande ouders ervaren vlak na een scheiding of relatiebreuk een duidelijke dip in hun geluk. Maar dat blijft lang niet altijd zo. Na verloop van tijd vinden veel mensen langzaam een nieuwe balans. Ze bouwen routines op, passen zich aan en ontwikkelen manieren om met de situatie om te gaan. Volgens de onderzoekers speelt daarom niet alleen het alleenstaand ouderschap een rol, maar ook alles wat eraan voorafgaat, zoals een moeilijke scheiding, financiële stress of verlies.
Hoewel de studie enorm groot was, blijkt er nog altijd minder onderzoek beschikbaar over alleenstaande vaders. Omdat die groep kleiner is, zijn er minder gegevens beschikbaar om harde conclusies te trekken. De eerste resultaten laten wel zien dat de verschillen tussen alleenstaande moeders en vaders kleiner zijn dan vaak wordt gedacht.
De onderzoekers zijn uiteindelijk vrij duidelijk: alleenstaand ouderschap maakt mensen niet automatisch ongelukkig. Factoren zoals financiële stabiliteit, sociale steun en goede opvangmogelijkheden blijken veel bepalender voor hoe iemand zich voelt. En daarmee schetst de studie een stuk genuanceerder beeld van het leven van alleenstaande ouders dan we misschien gewend zijn.
Ook Marijn is alleenstaande ouder. Haar verhaal én banksaldo lees je hier.
Bron: Scientias