Duurzaam leven: een nobel streven. Maar hoe realistisch is dat als je kinderen hebt? Want ja, wegwerpluiers zijn makkelijk en gehaktballetjes lust iedereen. We vroegen honderden Kek Mama-lezeressen (en een paar vaders) of het hen lukt een beetje duurzaam te leven.
Lees verder onder de advertentie
Hand omhoog als je ooit met een herbruikbare tas de deur uitging en alsnog met meerdere losse plastic zakjes thuiskwam. Of je voornam om te koken met biologische producten, maar eindigde met de goedkoopste diepvriespizza, omdat niemand groente wilde eten. Duurzaamheid in een gezin is een mooi streven, maar soms eerder een rommelige poging. “Na een lange dag met de kinderen voelt lang en warm douchen soms even belangrijker”, geeft een van de Kek Mama-lezeressen toe.
Lees verder onder de advertentie
Hoe duurzaam zijn we nou eigenlijk écht? Wij gingen op onderzoek uit met Kek Mama’s Grote Duurzaamheid Enquête. En het antwoord blijkt niet zo zwart-wit. Maar liefst 72 procent van jullie ziet zichzelf als duurzaam. Tegelijkertijd bekent bijna 28 procent heel eerlijk: nee, zo duurzaam vind ik mezelf eigenlijk niet. Sarah zegt: “Ik doe wat ik kan, maar zeker niet alles”. Binnen gezinnen is duurzaamheid wél een belangrijk onderwerp: maar liefst 89 procent geeft aan dat het speelt in huis.
Opvallend detail: in driekwart van de gezinnen is het vooral de moeder die duurzaamheid belangrijk vindt. Slechts 10 procent noemt de partner als grootste voorstander. En in zo’n 5 procent van de gezinnen zijn het zelfs de kinderen die hun ouders aansporen. Dat zijn dan vaak dezelfde kinderen die feilloos opmerken dat het licht nog aan staat. Of vragen waarom die komkommer eigenlijk in plastic zit.
Lees verder onder de advertentie
Duurzaam zit ’m vaak in de kleine dingen
Als het gaat om dagelijkse keuzes, blijkt duurzaamheid vooral te leven in wat haalbaar is. Zo neemt 68 procent standaard een eigen tas mee naar de supermarkt. Tijdens het boodschappen doen wordt ook gelet op seizoensgebonden producten: meer dan de helft kiest hiervoor.
Biologisch of lokaal kopen wordt minder vaak genoemd. Misschien omdat dit niet altijd beschikbaar is of omdat het prijskaartje soms net even te hoog voelt. “Biologisch wil ik wel, maar niet als dit het dubbele kost. Dan kies ik liever voor iets dat iedereen ook echt opeet”, aldus Mara. Minder of geen vlees kopen doet 39 procent van de Kek Mama-lezeressen. Maar, zoals later blijkt: dit is voor veel gezinnen een lastige.
Lees verder onder de advertentie
Restjes van het avondeten? Daar weten jullie wel raad mee. Bijna de helft eet ze de volgende dag op en 43 procent vriest ze in voor later. Slechts een heel klein deel – nog geen 4 procent – gooit restjes weg. Dat zijn cijfers waar je best een beetje trots op mag zijn.
Tweedehands ja, duurzame labels… tja
Tweedehands shoppen is duidelijk ingeburgerd. Bijna 70 procent koopt weleens tweedehands kleding en ook speelgoed wordt steeds vaker via de kringloop of online platforms gescoord. Tegelijkertijd zegt bijna de helft niet te letten op duurzame kledingmerken. En daar zit precies de twijfel. Want hoewel 75 procent graag kleding en speelgoed koopt dat lang meegaat, vindt meer dan de helft het lastig om te bepalen wat nou echt duurzaam is. “Ik wil het goed doen, maar ik twijfel constant of het echt duurzaam is of dat het alleen zo voelt”, reageert Immae. En daar heeft ze een punt, want er zijn ook merken die zich groener voordoen dan ze in feite zijn. Door greenwashing is het moeilijk om het kaf van het koren te scheiden.
Lees verder onder de advertentie
Liever een jas die drie winters meegaat dan een groen label waar je alsnog twijfels bij hebt dus. O, en impulsaankopen? Dat is niks voor Kek Mama-lezeressen, zo blijkt uit de 80 procent die ‘eens’ antwoordt op de vraag ‘ik probeer zo min mogelijk impulsaankopen te doen’.
Duurzaamheid in de opvoeding (met wisselend succes)
In driekwart van de gezinnen helpen kinderen mee met afval scheiden en bijna 80 procent is actief bezig met energie besparen in huis. Hoe dat eruitziet? Lichten uit en deuren dicht, de verwarming een standje lager: klassiekers die het nog altijd goed doen.
Ook praten veel ouders met hun kinderen over zuinig omgaan met water. Net even wat korter douchen en de kraan uit tijdens het poetsen van je tanden. Maar als het gaat om minder vlees eten, ligt dat gevoeliger. Slechts een derde praat daar actief over. De helft zegt dit onderwerp te laten liggen. Waarschijnlijk omdat het al snel leidt tot discussies aan tafel en het avondeten ook gewoon gegeten moet worden.
Lees verder onder de advertentie
Zonnepanelen: ja. Warmtepomp: ooit
Op groter niveau zijn er al flinke stappen gezet. Meer dan de helft van de gezinnen heeft zonnepanelen en bijna 60 procent heeft geïnvesteerd in isolatie. Groene energiecontracten worden door bijna de helft genoemd.
Warmtepompen en elektrische auto’s blijven voorlopig achter. Niet omdat de wil er niet is, maar omdat het simpelweg ingewikkeld ligt: “Het is erg duur.” “Twijfel over rendement.” “Onzekerheid vanuit de gemeente of de overheid.” Ze staan wel hoog op de verlanglijstjes voor de toekomst, maar dan moet het (financiële) plaatje wel kloppen.
Lees verder onder de advertentie
Geld is de grootste spelbreker
Toch heeft 14 procent nog helemaal geen grote duurzame investering gedaan. En dat is niet zo vreemd. Want als we vragen wat mensen tegenhoudt, steekt een antwoord er met kop en schouders bovenuit: geld. Ruim 68 procent noemt dit als belangrijkste obstakel. Het is gewoonweg niet te bekostigen of respondenten zeggen liever eerst hun bankrekening te spekken. “We willen wel, maar het geld moet er ook gewoon zijn. We kunnen niet alles tegelijk”, laat iemand weten.
Lees verder onder de advertentie
Daarna volgen tijd, onzekerheid over regelgeving en gebrek aan informatie als redenen om niet in duurzame maatregelen te investeren. “Komt de overheid haar beloftes wel na?” “Hoelang duurt het voordat je iets terugverdient?” Dat zijn vragen waar jullie mee zitten en die onbeantwoord blijven. Duurzaam willen leven is één ding, het ook met zekerheid kunnen uitvoeren is iets anders.
We doen het voor later (en een beetje voor nu)
De grootste motivatie om duurzamer te leven? Daarbij waren meerdere antwoorden mogelijk. Op de eerste plaats is dat voor ons kroost. Een groot deel van jullie (80%) noemt de toekomst van (hun) kinderen als belangrijkste drijfveer. Maar – daarmee samenhangend – ook het milieu (75%) vinden respondenten een belangrijk punt en het besparen van kosten (52%) door duurzamer te leven.
Lees verder onder de advertentie
Dat zie je ook terug in het gedrag. Bijna 90 procent van de Kek Mama-lezeressen probeert spullen te repareren voordat er iets nieuws wordt gekocht. En ruim driekwart voelt zich verantwoordelijk om de wereld duurzamer achter te laten voor de volgende generatie.
Toch is er ook wat twijfel onder jullie. Vier op de tien lezeressen zouden duurzamer leven als ze beter wisten waar te beginnen. En bijna 57 procent vindt het lastig om te bepalen welke producten echt duurzaam zijn. De wil is er, maar waar je moet beginnen is niet altijd duidelijk.
Gemak wint soms (en dat is oké)
Tot slot een eerlijke conclusie: duurzaamheid is belangrijk, maar niet heilig. Als we moeten kiezen tussen duurzaamheid en gemak, gaat een kwart van de Kek Mama-lezeressen liever voor gemak. Een derde twijfelt hierover en 38 procent van jullie zet duurzaamheid voorop.
Hetzelfde zie je bij vliegreizen. De helft van jullie boekt minder snel een vlucht vanwege duurzaamheid, maar een flinke groep (33 procent) is het hiermee oneens. Want soms is een vakantie gewoon nodig en schuiven we onze principes voor even opzij.
We vroegen Mariëlle, eigenaar van website The Green Guide over bewust en duurzaam leven, of duurzaam leven met kinderen eigenlijk wel mogelijk is. Zij is daar eerlijk in: “Hoe je het ook wendt of keert: kinderen krijgen is niet duurzaam.” Daar heeft ze een punt, maar gelukkig beaamt ze dat je wel bewust kan omgaan met duurzaamheid in een gezin. “Kies bijvoorbeeld voor tweedehands kleding en houten speelgoed, eet zoveel mogelijk vegetarisch en ja, kijk toch eens of wasbare luiers een optie voor je zijn. Dat zorgt voor veel minder verspilling.”
Mariëlle kijkt echter ook verder dan alleen spullen en voedsel. “Open je een bankrekening voor je kind, ga dan voor een duurzame bank. Heb je oudere kinderen waar je vaak mee knutselt? Kijk of je zoveel mogelijk knutselmateriaal uit de natuur kunt sprokkelen of hergebruik spullen, zoals een lege wc-rol of karton dat je anders weg zou gooien. En was een volle trommel op maximaal dertig graden, dat wordt net zo schoon als op een hogere temperatuur.”
Wat Mariëlle benadrukt, en wat ook blijkt uit jullie antwoorden, is dat het nou ook weer niet de bedoeling is dat je te veel druk legt op jezelf. “Het ouderschap is soms al zwaar genoeg. Het hoeft niet perfect en dat is juist ook iets wat je je kinderen mag meegeven.”
Duurzaam opvoeden? Natuurlijk wil je het wel, maar waar vind je de tijd? No stress. Wij helpen je op weg met 7 makkelijke tips om een start te maken met duurzaam opvoeden. Je leest het hier.
Dit artikel las je eerder in Kek Mama The Next Generation.
Slimme kids worden niet per se geboren met een voorsprong, vaak krijgen ze die gewoon aan de keukentafel mee. Niet met strenge schema’s, maar met zinnen die je als ouder misschien zo uit je mond laat rollen.
Emotionele intelligentie zie je niet terug in een rapport, maar in kleine dagelijkse momenten: hoe een kind met gevoelens omgaat, hoe het speelt, rust zoekt of contact maakt.
Een jeugdliefde lijkt vaak onschuldig, maar kan onverwacht uit de hand lopen. Daar kan de 31-jarige Sammy over meepraten, want wat begon als een zwoele vakantieromance, eindigde in een leugen waar ze zich nog steeds voor schaamt.
Opvoeding draait niet alleen om wat je bewust meegeeft, maar ook om wat je onbedoeld doorgeeft. Ook emoties en gedrag van ouders spelen een rol in hoe kinderen zich ontwikkelen.