Fockelien kreeg haar zoon Sam na een flink aantal ivf-pogingen. Ook voor een tweede gingen ze dit traject in, maar dit keer lukte het niet.
Lees verder onder de advertentie
Fockelien (32), getrouwd, moeder van Sam (2): “We wisten dat ivf de enige optie voor ons is om kinderen te krijgen. Bij de eerste werd ik pas na zeven pogingen zwanger. De artsen hadden gezegd dat er tien procent kans was dat ik via ivf zwanger zou worden, tegen minder dan één procent op de natuurlijke manier, omdat mijn man nauwelijks tot geen zaadcellen bleek aan te maken. We gingen ervoor.
Lees verder onder de advertentie
Het was een soort overlevingsstrategie: aan onze inzet zou het nooit liggen. Wij hadden het gevoel dat het wel goed zou komen. En Sam is gelukkig kerngezond geboren. Wel kreeg ik zwangerschapsvergiftiging, waardoor het advies was niet meteen al binnen een jaar weer zwanger te worden.
Ivf-trajecten
Rond Sams eerste verjaardag begon het circus opnieuw. Ik had het gevoel dat het een tweede keer ook wel zou lukken. Mijn lichaam wist nu immers hoe het moest. Bovendien was de wens voor een tweede zo sterk, er was ruimte genoeg in ons hart, in ons huis… We stapten er positief in.
Maar de opbrengst van zaadcellen bleek dit keer zó slecht dat ze wel twee, drie uur moesten zoeken om één of twee goede zaadcellen te vinden. We hebben toen geëvalueerd wat we zouden doen. Het ziekenhuis durfde het na één ronde nog wel een keer aan, maar mijn man en ik besloten samen: dat wordt de laatste.
Lees verder onder de advertentie
Vooral omdat ik het mentaal zwaar vond. Van de hormonen die in mijn lichaam werden gespoten werd ik niet vrolijk. Vóór Sam kon ik een dag in bed gaan liggen als ik me niet oké voelde, maar dat kon nu niet meer. En ik wilde er wel voor hem zijn.
Zwart gat
Ook mocht er niemand mee naar het ziekenhuis vanwege corona, dat vond ik zo moeilijk. Uit de laatste punctiebehandeling hebben we twee terugplaatsingen gehad, die zijn allebei niet blijven zitten. Toen we dat hoorden, vielen we in een zwart gat. Zo’n ivf-traject beheerst je leven. Dat alles in één keer wegviel was heel lastig.
Lees verder onder de advertentie
Ik ben in therapie gegaan om dat te verwerken. We hebben onze vrienden en familie eind vorig jaar het bericht gestuurd: ‘We wilden heel erg graag dit jaar anders afsluiten, maar dat is niet gelukt. We zijn verdrietig, maar gaan ook heel gelukkig met zijn drietjes de toekomst tegemoet. We gaan er iets moois van maken.’
Een van de moeilijkste dingen de afgelopen periode vond ik opmerkingen van anderen. Iemand vroeg: ‘Waarom neem je geen donor?’ Toen ik zei dat ik graag twee kinderen van dezelfde vader wilde, kreeg ik de reactie: ‘Zo graag wil je dus eigenlijk niet een tweede kind.’ Dat soort opmerkingen blijven je bij.
Lees verder onder de advertentie
‘Ach, je hebt er toch wel een’, of: ‘Nou, je krijgt vast nog wel een verrassingsbaby’, alsof het zo werkt! Men vindt het blijkbaar een heel normale vraag: ‘Wanneer komt een tweede?’ Of tijdens de behandeling: ‘Nu wil je zeker graag een meisje.’ Alsof ik daarmee bezig was.
Ruimte
Het verdriet blijft, maar langzaam zie ik weer ruimte ontstaan voor andere dingen. We gaan het huis opknappen en we houden van reizen, wat makkelijk kan met één kind. En ik weet inmiddels: het verdriet mag er zijn, dat doet niets af aan de liefde voor je eerste kind. Natuurlijk ben ik blij met wat ik heb, maar dat staat los van de wens voor een tweede, of een derde – of wat dan ook.”
De opvoeding van Xess doet Yolanthe alleen, maar het contact met zijn vader, voormalig voetbalprof Wesley Sneijder, is wel heel goed. Wij spraken haar.
Een avond op de bank met Netflix of Videoland is natuurlijk heerlijk, niemand die daar iets op tegen heeft. Maar stellen die zich langdurig verbonden voelen, blijken opvallend vaak net iets anders te doen als de dag voorbij is.
Yolanthe Cabau (41) verlangde naar meer vrijheid en vond dat in Los Angeles, waar ze samen met zoon Xess Xava (10) woont. Ze leeft haar droomleven, maar de wens voor een tweede kindje blijft groot. Kek Mama sprak haar.
Tussen werk, kinderen, boodschappen, sportclubs en die eindeloze wasmand blijft er soms weinig energie over voor elkaar. Waar je vroeger urenlang kon kletsen en elke avond de vonken door de slaapkamer vlogen, eindig je nu regelmatig samen lusteloos op de bank, terwijl jullie allebei gedachteloos door je telefoon scrollen.