heimwee kind
Beeld: Unsplash

Heb je je kind net weggebracht voor een logeerpartij bij oma of een vriendje, krijg je al een belletje: “Mama, ik wil naar huis.” Hoe komt het dat kinderen heimwee krijgen en vooral: hoe komen ze er vanaf? 

Om maar meteen met het goede nieuws te beginnen: bijna alle kinderen hebben weleens last van heimwee, maar bij de meesten ebt dat na een tijdje wel weg. Bij slechts vijftien procent van de kinderen tussen de vijf en tien jaar neemt het zulke vormen aan, dat het zijn (en jouw) plezier bederft. Op vakantie bijvoorbeeld, of tijdens een logeerpartij.

More content below the advertising

 

Verlangen naar thuis

Op zich is heimwee iets heel logisch. Letterlijk betekent het ‘verlangen naar thuis’. En dat is niet zo raar, als je drie bent, acht, of zelfs twaalf: geen kind is graag gescheiden van zijn ouders. Los van kreten als ‘Ik wil naar mama’ en huilen, kan heimwee zich op allerlei manieren uiten. Kinderen kunnen zich terugtrekken, lastig gedrag vertonen en niet willen eten en slapen. Maar ze kunnen er ook letterlijk ziek van worden, met last van maag en darmen en soms zelfs huiduitslag.

Hoe minder vertrouwd de omgeving, hoe groter de kans op heimwee. Een tante waar je zoon of dochter kind aan huis is, wekt waarschijnlijk minder heimwee op dan logeren bij een nieuw vriendje, of op een onbekend vakantieadres.

 

Lees ook:
4x heimwee naar de zomers van vroeger >

 

Tips

  1. Wat alvast helpt: geef je kind vertrouwde spullen mee, zoals een knuffel en zijn hoofdkussen.
     
  2. Houd het in eerste instantie bij vertrouwde adressen en geef je kind tijd om even te wennen. Oefening baart kunst; zodra het goed gaat op de eerste adressen, lukt een nieuw adres vast beter.
     
  3. Een gastvrouw- of heer die de boel een beetje kan afleiden is meegenomen; weinig kinderen die in het speelparadijs nog staan te huilen om mama.
     
  4. Heimwee komt bij de meeste kinderen in vlagen. Bij gebrek aan die afleiding bijvoorbeeld, wanneer een kind moe is, of op zijn kop krijgt. Juist wanneer een kind zich niet goed voelt, verlangt hij sterker naar thuis – daar hebben we toch allemaal last van? Sterker nog: onderzoek toont aan dat vijftig tot negentig procent van de volwassenen ook nog weleens last heeft van heimwee.
     
  5. Heimwee is dus normaal; dat mag je kind best weten.
     
  6. En een tip voor het logeeradres: breng de avond en slapen vooral nog niet ter sprake. Zo lang het goed gaat kan het kind er maar beter van genieten. Hoe het vervolgens in de avond gaat, zien jullie dan wel weer.
     
  7. O, altijd een goed idee: laat een nieuw vakantieadres vast zien op de computer, en vertel iets over wat je er kunt verwachten en beleven. Wat er te eten is, bijvoorbeeld, hoe warm het is, en hoe het zwembad eruitziet.
     
  8. Breng bij een vakantie of langere logeerpartij structuur aan in de dagen, zodat je kind het gevoel heeft dat hij grip heeft op wat er gebeurt.
     
  9. Noodgreep: bellen of facetimen met thuis kán werken, maar het gemis ook groter maken dan ooit.

 

Lees ook:
'Het leukst vond ik de gedachte dat we weer naar huis zouden gaan' >

 

Volgende keer beter

Heel soms neemt heimwee echt serieuze vormen aan. Wordt een kind bang, gestrest of depressief van logeren. Als bovenstaande tips echt niet helpen, push het dan niet. Teleurgesteld zijn of boos worden, werken alleen maar averechts, al kun je natuurlijk best zeggen dat het heus minder moeilijk wordt. En de boel prijzen wanneer het beter gaat. Uiteindelijk moet ieder kind een keer leren om uit zijn vertrouwde omgeving weg te gaan.

Hoe gestrester jij bent, hoe gestrester je kind, dus laat het los. Als je kind echt niet op zijn logeeradres wil blijven, dan proberen jullie het over een tijdje toch gewoon nog een keer.

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >