De juf

Een leerkracht vertelt aan Kek Mama wat ze meemaakt. Deze keer: Ditte (60) geeft les aan groep 8.

Woensdagochtend, groep acht. Ik geef een merkwaardige les: app-taal. Ik steek er veel van op want ik weet er veel minder van dan mijn leerlingen. Zelf app ik in keurig Nederlands. Zoals ik dat ooit op de R.K. Meisjesschool leerde onder de strenge leiding van zuster Ursula. Elk verkeerd lettertje corrigeer ik. Ik ben dan ook niet opgegroeid met smartphones, maar met één telefoon voor het hele gezin, die met de kracht van een scheepstoeter door het huis loeide. Als je indertijd had gezegd dat kinderen ooit een eigen telefoon zouden hebben, had we dubbel gelegen van het lachen.
 

Nieuwe versie van Taal op maat

Dat er een officiële app-taal bestaat weet ik pas sinds kort. Ik dacht dat kinderen in het wilde weg maar wat afkorten. Dat dachten ze zelf ook, volgens mij. Maar nu is er een nieuwe versie van Taal op maat verschenen, de taalmethode die wij op school hanteren. Daarin trof ik tot mijn verbazing deze app-les aan. Ik dacht eerst dat ze gek waren geworden bij uitgeverij Noordhoff. Moest ik gaan onderwijzen in de taal van de vijand?
 

Zo weinig mogelijk letters

Appen heeft een desastreus effect op de schrijftaal van kinderen. Bij appen gaat het erom dat je razendsnel een bericht overbrengt, in zo weinig mogelijk letters. Je kunt schrijven wat je wilt, zolang de ontvanger het maar begrijpt.

Kinderen zijn liever lui dan moe, dus die gebruiken een fonetisch alfabet. Dat besmet hun taalgebruik. In schoolopstellen schrijven ze allemaal ‘me jas’, en ‘eve’, en ‘idd’. Dat krijg ik er niet uit. Mijn collega’s op de middelbare school trouwens ook niet. Zodat zelfs studenten aan de universiteit niet meer kunnen schrijven. Ik mag er graag over klagen met een vriendin die doceert aan de Amsterdamse VU.
 

De voordelen van app-les

Inmiddels zie ik de voordelen van de app-les. Mede omdat het slechts een uur per jaar betreft. De kinderen zijn enthousiast en zo leren ze dat er verschil is tussen correct schrijven en appen. Het is trouwens ook goed voor hun Engels, merk ik als ik Jan (11) vraag de volgende zin in app-taal te vertalen: ‘Laat het me zo snel mogelijk weten.’ Hij schrijft op het bord: ‘LMK ASAP’. “Wat betekent dat?” vraag ik benieuwd. “Let me know as soon as possible, juf”, zegt Jan. We oefenen ook smileys en andere app-icoontjes. De kinderen moeten de goede icoontjes plaatsen bij bepaalde mededelingen. Rare zinnen soms.
 

Smileys plaatsen

Soms denk ik dat ze bij Taal op maat te diep in het glaasje hebben gekeken. ‘O nee… Nu komt het nog dichterbij… straks komt het bij ons… O neeeee… help! Help! HELP!’ lees ik voor. Hierbij hoort een angst-smiley. Dylan (10) gaat de fout in. Hij zet per ongeluk een verdriet-smiley. Terwijl die juist was bedoeld voor ‘Mijn hond is dood’.

De volgende dag geef ik Dylan een herkansing. Dan behandelen we het onderwerp ‘straattaal’. Zo leren kinderen wat ABN is en wat niet. Dylan is goed in straattaal. Iets te goed. Ik vraag: “Dylan, welk woord is straattaal in de volgende zin: ‘Dat lekkere mokkeltje is echt arrogant.’” Dylan kijkt verbaasd. “Lekkere?” gokt hij. Gelukkig hoeft zuster Ursula dit niet meer mee te maken.
 

Dit artikel staat in Kek Mama 02-2018.

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

Beeld: Shutterstock
Beeld: Shutterstock

Ouders die hun kind niet laten inenten, zullen voortaan worden benaderd door experts over het belang van vaccineren. Dat meldt staatssecretaris Paul Blokhuis.

Blokhuis gaat de strijd aan met anti-vaxxers omdat de vaccinatiegraad in Nederland daalt. Hij wil dat ouders die hun kind niet laten inenten, gaan inzien hoe belangrijk de vaccinaties zijn. Bijvoorbeeld door ze actief te laten benaderen door experts. 'We gaan het niet door de strot duwen, maar we gaan wel alles op alles zetten om de mensen te doordringen van het belang van vaccineren', zegt hij. Een team van experts wordt getraind in het voeren van deze gesprekken. Tijdens de gesprekken moeten de redenen van de ouders om geen prik te halen centraal staan en krijgen ouders objectieve, wetenschappelijke informatie. Dit gebeurt met respect voor de keuzevrijheid van de ouders.

 

Lees ook:
RIVM steekt twee miljoen in voorlichting over vaccineren >


Zorgelijk

Afgelopen zomer werd bekend dat de vaccinatiegraad in ons land is gedaald naar 90%. Zeker 95% is nodig om een virusuitbraak te kunnen stoppen. In 250 van de 380 gemeenten nam de vaccinatiegraad in 2018 af ten opzichte van vorig jaar. Volgens de staatssecretaris is de daling 'heel zorgelijk'. Hij gaat daarom ook nepnieuws over vaccineren aanpakken. Blokhuis: 'Verkeerde en onjuiste berichten op internet pakken we aan. Een team van onafhankelijke experts gaat actief reageren op berichten die niet kloppen. Onzinberichten worden weersproken.' Bovendien krijgen jongeren die niet volledig gevaccineerd zijn vanaf volgend jaar een extra oproep om de prikken alsnog gratis te halen.

 

Onderzoek

Ouders worden niet verplicht om hun kind te vaccineren, aldus Blokhuis: 'Je kunt mensen niet dwingen om een spuit in hun lijf te zetten, maar we gaan veel actiever wijzen op het belang van vaccinatie.' Er wordt wel een onderzoek ingesteld naar de wenselijkheid van een verplichte griepvaccinatie onder zorgpersoneel. Daarnaast wordt gezocht naar mogelijke oplossingen die kinderopvangen kunnen gebruiken om de veiligheid te waarborgen nu de vaccinatiegraad daalt. De resultaten hiervan worden halverwege 2019 verwacht.


Bron: RTL Nieuws

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

 

 

buisjes-in-oren-kinderen

Als je kind vaak last heeft van oorontsteking of niet zo goed hoort, kán er een buisje in het oor worden geplaatst. Maar wat zijn trommelvliesbuisjes precies? Wat doen ze? En wanneer heeft je kind ze nodig?

Kek Mama zocht het voor je uit.

 

Wat zijn buisjes?

Trommelvliesbuisjes zijn plastic buisjes die niet groter zijn dan 1,5 millimeter: kleiner nog dan een luciferkop, dus.

 

Lees ook
Fotoserie: In dit ziekenhuis rijden kinderen zelf naar de operatiekamer  >

 

Waar zijn ze goed voor?

Vaak worden ze voor twee dingen gebruikt: als je kind meerdere oorontstekingen heeft gehad (zo'n vier in één jaar) of last heeft van langdurig gehoorverlies door bijvoorbeeld vocht of slijm achter het trommelvlies - ook wel 'lijmoor' genoemd. Dit laatste wordt in eerste instantie veroorzaakt door een flinke verkoudheid, maar ook een vergrote neusamandel kan de oorzaak zijn. Of een slecht werkende buis van Eustachius.

Door de buisjes ontstaat er een tijdelijke 'opening' tussen het middenoor en de uitwendige gehoorgang. Hier kan ontstekingsvocht (bij oorontsteking) of slijm (bij een lijmoor) weglopen. Ook komt er via die buisjes weer lucht in het oor terecht, waardoor geluid beter doorkomt en je kind dus makkelijker kan horen.

 

Hoe worden de buisjes geplaatst?

Bij problemen stuurt de huisarts jullie door naar een kno-arts. Deze onderzoekt wat precies de oorzaak is van de (geh)oorproblemen en kijkt of buisjes nodig zijn. Vervolgens worden de buisjes geplaatst door middel van een korte, simpele operatie onder narcose: de arts maakt een klein gaatje in het trommelvlies, haalt het vocht of slijm achter het trommelvlies vandaan en vervolgens wordt het buisje erin geplaatst. Deze ingreep duurt vaak maar een paar minuten en na de operatie mag je kind in principe binnen een paar uur weer naar huis. Wel moeten jullie twee weken na de operatie op controle komen. Vervolgens om de zes maanden, tot de buisjes uitgestoten zijn.

 
Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >