Kek Mama-columnist Anke Laterveer is single moeder en schrijft elke week op Kekmama.nl supereerlijk en uitgesproken over wat ze meemaakt of wat haar opvalt. Deze week: vaccineren.

Ik wil het met jullie hebben over vaccinatie dit keer. Er is een boel om te doen en het lijkt me dus heel goed om er iets over te zeggen. Zodat jullie ook weten wat ik er als moderne, kritische, intelligente moeder van denk. Ga ik zo allemaal vertellen. Maar nog even dit, want ik heb iets ontdekt:

Ik heb iets ontdekt

Laatst vloog ik naar Berlijn. Niet zelf, maar met een vliegtuig natuurlijk. Ik ben wel slim, maar geen natuurwonder met vleugels. Vlak voor een vliegtuig opstijgt, wordt het altijd door een technicus nog even helemaal nagekeken. Hebben jullie dat wel eens gezien? Fascinerend vind ik dat altijd. Dit keer helemaal, omdat die controle pas plaatsvond toen wij, de passagiers, al richting vliegtuig liepen. Ik ben mij altijd erg bewust van de gevaren van vliegen, dus ik was best een beetje zenuwachtig. Ik had me gelukkig goed ingelezen.

Toen ik de technicus bezig zag, vertrouwde ik het dan ook voor geen meter. Ik heb de man opzij geduwd en zei: “Laat mij maar even, ik heb gegoogeld op de gevaren van vliegen en vliegtuigtechniek.” Terwijl de technische man mij verbouwereerd aankeek, stroopte ik mijn mouwen op en begon als een gek te sleutelen. Ik had niet echt goed gereedschap mee, maar dat gaf niet, want als je de boel goed schoonhoudt en genoeg kerosine in het vliegtuig gooit, zit je eigenlijk al goed.
 

Maar het veroorzaakt turbulentie!


“Zelf vlieg ik nooit in een vliegtuig dat niet door een technicus bekeken is,“ mompelde de technicus nog. “O ja?” zei ik beledigd, “ik denk liever zelf. Ik ben kritisch en ik heb onderzoek gedaan. Ik heb trouwens ook onderzoeken van anderen gelezen via Google. Je zou verbaasd staan als je kijkt wat je allemaal tegenkomt bij vliegtuig + onderhoud. Het gaat vaak mis hoor!” “Maar ik heb er jaren voor geleerd,” antwoordde de technicus. “Dat kan wel zijn, maar wat jij geleerd hebt klopt niet. Waar denk je dat de informatie die jij over vliegtuigonderdelen hebt vandaan komt bijvoorbeeld? Uit onafhankelijke bronnen? Nee hoor, dat komt uit de vliegtuigfabriek. Kijk, dit onderdeel bijvoorbeeld. Heb ik over gelezen. Het is nergens voor nodig en het veroorzaakt turbulentie.” “Dat onderdeel is superbelangrijk voor de veiligheid!” riep de technicus. “En bovendien veroorzaakt het helemaal geen turbulentie, dat werkt heel anders!” “Onzin,” riep ik terug, “dit is gewoon bedacht door vliegtuigfabrikanten om onderdelen te verkopen.”

Mooi niet neergestort

Lang verhaal kort, want ik zou eigenlijk iets zeggen over vaccineren: ik heb dat hele vliegtuig nagekeken, goed schoongemaakt en bijgevuld en daarna zijn we gaan vliegen. En wat denk je? Geen enkel probleem mee gehad. Geen gesputter, niet neergestort, niks. Ik dacht meteen: hier moet ik een column over schrijven, want andere kritische mensen moeten ook weten dat vliegtuigonderhoud onzin is en dat je gewoon zelf kunt beslissen wat het beste is voor jou en je medepassagiers.

Maar goed, ik ben enorm afgedwaald. Ik wilde het over vaccineren hebben. Gelukkig kan dat kort. Wat ik wilde zeggen is: aan de ene kant zijn er artsen die er jaren voor geleerd hebben, er zijn bergen onderzoeken naar gedaan door wetenschappers die daar ook weer jarenlang voor geleerd hebben. Aan de andere kant kun je natuurlijk ook gewoon zelf googelen. Ik zou zeggen: kijk maar even. Dan ga ik nu even een atoomkern splijten, want daar zag ik laatst iets heel interessants over op Facebook.

 

Anke Laterveer (36) is schrijver, columnist, cabaretier en web woman van Kek Mama. Samen met haar kinderen Jakob (7) en Hannah (6) woont ze in Haarlem

 

nipt-zwangere-vrouwen

Door de NIPT kun je tijdens je zwangerschap zien hoe groot de kans is dat jouw baby het down-, edwards- of parausyndroom heeft. Maar hoe werkt zo'n test precies? Wanneer kun je 'm doen? En wordt-ie ook vergoed? Wij zochten het voor je uit. 

Want waar de test lange tijd alleen beschikbaar was voor zwangeren met een verhoogde kans op een kind met een chromosoomafwijking, mag sinds april 2017 iedere vrouw er gebruik van maken. Als je er behoefte aan hebt, dan. En als je betaalt, want vrijwillige deelname kost € 175 en wordt niet vergoed door de zorgverzekering.

 

DNA

NIPT betekent 'Niet-Invasieve Prenatale Test' en is een onderzoek dat bestaat uit het afnemen van een paar buisjes bloed. Hierin zit erfelijk materiaal (DNA) van de placenta dat bijna altijd hetzelfde is als dat van je kind. Zo kan het laboratorium dus, veilig én zonder het risico op een miskraam, onderzoeken of jouw baby het down-, edwards- of patausyndroom heeft. Wel goed om te weten: je kunt de test pas laten doen vanaf elf weken zwangerschap. 

 

Nevenbevindingen

Het laboratorium kan terwijl ze de NIPT uitvoeren ook zien of je kind andere (zeldzame) chromosoomafwijkingen heeft: die worden nevenbevindingen genoemd. Je mag zelf beslissen of je deze wilt weten en kunt dan ook kiezen uit twee mogelijkheden:

  1. Je wilt je kind alleen laten screenen op down-, edwards- en patausyndroom. Het laboratorium weet dan ook niet of er nevenbevindingen zijn.
  2. Je wilt je kind laten screenen op down-, edwards- en patausyndroom én je wil weten of het laboratorium nevenbevindingen heeft gevonden.

 

Lees ook
Extreme zwangerschapsmisselijkheid: ‘Zelfs een slokje water kwam er meteen weer uit’ >

 

Uitslagen

Na tien dagen krijg je de uitslag van je gynaecoloog of verloskundige. Als je ervoor hebt gekozen ook nevenbevindingen te willen horen en het laboratorium heeft deze gevonden, dan word je meestal gebeld door het Centrum voor Prenatale Diagnostiek of een polikliniek klinische genetica van een universitair ziekenhuis. De uitslagen die je kunt krijgen zijn: 

 

‘U bent waarschijnlijk niet zwanger van een kind met down-, edwards- of patausyndroom.’

Deze uitslag klopt bijna altijd: minder dan één op de duizend zwangere vrouwen blijkt achteraf toch zwanger van een kind met down-, edwards- of patausyndroom. Bij deze uitslag krijg je geen vervolgonderzoek.

 

‘U bent mogelijk zwanger van een kind met down-, edwards- of patausyndroom.’

  • Bij 75 van de 100 vrouwen die de uitslag krijgen dat ze mogelijk zwanger zijn van een kind met downsyndroom, klopt dat inderdaad; 25 vrouwen zijn dus niet zwanger van een kind met downsyndroom.
  • Bij 24 van de 100 vrouwen die de uitslag krijgen dat ze mogelijk zwanger zijn van een kind met edwardssyndroom, klopt dit inderdaad; 76 vrouwen zijn dus niet zwanger van een kind met edwardssyndroom.
  • Bij 23 van de 100 vrouwen die de uitslag krijgen dat ze mogelijk zwanger zijn van een kind met patausyndroom, klopt dit inderdaad; 77 vrouwen zijn dus niet zwanger van een kind met patausyndroom.

Als je echt zekerheid wilt hebben, kun je alsnog een vlokkentest of vruchtwateronderzoek laten doen.

 

‘Er is een nevenbevinding gevonden.’

Je krijgt dan uitleg over wat precies er is gevonden en wat dit mogelijk voor jou en/of voor je kind betekent. Je krijgt hiervoor een uitnodiging voor een gesprek op een polikliniek klinische genetica van een universitair ziekenhuis, waarin je meer informatie over de nevenbevinding krijgt en wat de mogelijkheden zijn.

 

‘Er is geen nevenbevinding gevonden.’

Als er in de uitslag niets staat over nevenbevindingen, dan betekent dit dat er ook geen nevenbevindingen zijn gevonden.

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >
longontsteking-kinderen-symptomen-behandeling

In Nederland krijgen elk jaar gemiddeld 25.000 kinderen een longontsteking. Vaak is die na een week of twee wel genezen, maar het kan ook maanden duren voordat een kind weer de oude is.

'Op tijd behandelen voorkomt erger', zegt Michael Rutgers, directeur van het Longfonds. In onderstaande antwoorden lees je hoe.

 

Wat is een longontsteking? 

Longontsteking is een ontsteking van de longen door een virus of bacterie en komt bij kinderen redelijk vaak voor. De kans om het te krijgen is het grootst bij baby's jonger dan één jaar, omdat hun afweer nog in ontwikkeling is. Zowel één als beide longen kunnen ontstoken zijn: wanneer beide longen ontstoken zijn, spreek je van een dubbele longontsteking.

 

Wat is de oorzaak? 

Meestal een virus of bacterie. Een gewone griep of verkoudheid, bijvoorbeeld. Tegenwoordig worden kinderen op het consultatiebureau ingeënt voor de pneumokokken bacterie. Hierdoor is de kans op een longontsteking door deze bacterie veel kleiner geworden. Wel heeft je kind meer kans op een longontsteking als hij een afweerstoornis, cystic fibrosis, PCD, een ontwikkelingsachterstand of last van spierzwakte heeft.

Oh, en dat je ziek kunt worden van kou is trouwens een fabel: virussen en bacteriën zijn altijd actief, of het nu warm of koud is, maar in de wintermaanden zitten we veel meer binnen (met ramen gesloten) en dichter op elkaar. De kans dat virussen aan elkaar worden overdragen, is daardoor groter.

 

Lees ook
VIDEO: dit is het verschil tussen griep en verkoudheid >

 

Wat zijn de symptomen? 

Eigenlijk krijgen kinderen vergelijkbare klachten als bij griep, maar dan een tikkie heftiger. Een paar voorbeelden: benauwd, kortademig, ophoesten van slijm (soms met wat bloed), moe, rillen en koorts.

 

Hoe behandel je een longontsteking?

Vermoed je dat je kind een longontsteking heeft, neem dan contact op met de huisarts. In de meeste gevallen schrijft hij of zij dan een antibioticakuur voor. Althans, als de oorzaak een bacteriële infectie is. Aan een virale infectie kan de huisarts weinig doen en dan is het een kwestie van uitzieken. Bij koorts of pijn mag je doorgaans gerust een pijnstiller geven.

Zijn de klachten na drie dagen antibiotica nog niet minder of wordt je kind steeds zieker? Bel dan de huisarts nog een keer. Bij een ernstige longontsteking wordt een kind opgenomen in het ziekenhuis. Daar krijgt-ie een hogere dosis antibiotica toegediend via pillen of een infuus.

 

Wat kun je zelf doen?

De kuur afmaken, je kind goed laten uitrusten én veel laten drinken: voor baby's tot zes maanden geldt ongeveer 150 ml per kilo lichaamsgewicht per dag, borstvoeding kan op verzoek. Baby's van zes maanden en ouder hebben per dag ongeveer 100 ml nodig per kilo lichaamsgewicht. Kinderen vanaf één jaar zes tot zeven bekertjes per dag van ongeveer 75 ml. Gaat drinken moeizaam? Probeer eens thee zonder suiker, diksap of dunne pap - dan krijgen ze toch het nodige vocht binnen.

 

Bron: Longfonds

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >