Anke Laterveer

Anke Laterveer is schrijfster. Ze woont samen met Thomas en deelt met haar ex-man de zorg voor hun kinderen Jakob (9) en Hannah (7). In Kek Mama schrijft ze uitgesproken over wat ze meemaakt.

Ze houden niet zo van buitenspelen, die kinderen van mij. Ze doen het wel af en toe, maar eigenlijk alleen als ik aandring of er een vriendje over de vloer komt dat naar buiten wil. Nu hebben ze ook wel pech, want we wonen in een buurt zonder kinderen. Alleen lieve oude mensen, wat studenten en een aantal kinderloze stellen. In de wijde omtrek geen leeftijdsgenootjes te bekennen. Niet echt gezellig.
 

More content below the advertising

Een hut in de bosjes

Wat er wel veel is, is groen. Rondom ons zijn volop parken, plantsoenen en speelplaatsen. Achter ons huis een groot grasveld met bosjes eromheen, een soort open binnentuin tussen de appartementencomplexen. In een van die bosjes zit een hut. Van buitenaf kun je hem niet zien, maar als je door het gebladerte waadt, sta je ineens op een open plek met een dak van takken en om je heen muren van groen.

Wildenthousiast zijn ze als ze de plek ontdekken. Ze slepen er van alles heen. Een oude stoel, een bakje soepstengels, een bord en wat bestek. Ze besluiten er te gaan wonen. Af en toe dan, want slapen doen ze toch liever bij mij. Zo nu en dan steken ze hun hand door het dak en zwaaien ze. Vanaf het balkon zwaai ik terug.
 

Lees ook
‘Ik probeer mijn kinderen meer naar buiten te krijgen' >

 

Oudere jongens

Op een dag zijn ze in hun hut. De stoel is weg. De soepstengels zijn in de aarde getrapt en op de plek van het bord en het bestek liggen twee grote zakmessen. Ontzet komen ze naar binnen en laten de messen zien. Nee, ze weten niet wat er gebeurd is. En ja, ze vinden de messen best eng. Op mijn verzoek brengen ze de messen terug. Bij de hut staan drie jongens. Het zijn geen aardige jongens. Ze zijn oud (“Echt wel elf of zo!”) en boos. Ze vragen naar hun messen. Jakob en Hannah rennen naar huis. Messen nog in hun zak. Mooi dat die niet meer naar buiten gaan.
 

Praten

Vanaf de vensterbank gluren de kinderen naar de hut en de nieuwe bewoners. Zachtjes mopperend en grommend als een kat die naar de vogels op het balkon kijkt. “Kun jij er niet wat van zeggen?” vraagt Jakob. “Nee”, antwoord ik. “Het is jullie hut, ik vind dat jullie het zelf op moeten lossen.” Hij zucht. “Laat maar dan.”

Ineens springt Hannah van de bank, rent naar de gang en begint haar schoenen en jas aan te trekken. “Wat ga je doen?” vraag ik. “Praten,” gromt ze.

Tien minuten later is ze terug. “Ik heb afgesproken dat zij hun messen terugkrijgen en we voortaan de hut delen.” Buitenspelen. Zo doe je dat dus.
 

Dit artikel staat in Kek Mama 08-2018.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >