Patrick worstelt met online opvoedadviezen: ‘Niet alles hoeft pedagogisch verantwoord’

Illustratie bij: Patrick worstelt met online opvoedadviezen: ‘Niet alles hoeft pedagogisch verantwoord’ Beeld: Paulien van Beusekom
Patrick van Rhijn
Patrick van Rhijn
Leestijd: 4 minuten

Patrick (54) is schrijver van romans en freelance tv-redacteur. Hij woonde over de hele wereld en heeft vijf kinderen. Voor zijn column put hij uit een oneindige bron van even herkenbare als opmerkelijke verhalen over het vaderschap.

Lees verder onder de advertentie

Mijn algoritme denkt dat ik het niet red. Dat is de enige logische verklaring die ik bedenken kan, want sinds een paar maanden krijg ik opeens geen kattenfilmpjes meer of eindeloze tuiniertips, maar uitsluitend opvoedadviezen. Serieus. Mijn hele feed lijkt één groot digitaal consultatiebureau.

Blonde moeders met rustige stemmen. Vaders met stevige kaaklijnen die hun emoties “space geven”. Psychologen met de zee op de achtergrond. Allemaal zeggen ze: “Dit moet je écht even horen.”

Mijn algoritme heeft besloten dat mijn kinderen dringend gered moeten worden. Door mij. (Of ván mij, daar ben ik nog niet uit).

Laatst zag ik er eentje die zei: “Laat je kinderen regelmatig weten dat je van ze houdt. Benoem het. Zeg het. Maak het expliciet.” Nou. Prima. Dat kan ik. Dus ik loop de keuken in. Mijn zoon staat net met z’n halve bovenlijf in de koelkast gebogen. Op zoek naar iets eetbaars.

Ik probeer het luchtig. “Hee… schatje…” Zijn houding bevriest, en niet door de ijskast. “Je weet dat ik van je hou, hè?”
Zijn bedenkelijk blik. “Kom je nou weer aan met die filmpjesshit? Doe normaal hoor, pap.”

Geef keuzes in plaats van opdrachten

En daar sta je dan. Met je emotionele openheid. In de tocht van de koelkast. Maar ik geef niet op. Want volgens Instagram moet ik consistent oftewel betrouwbaar zijn in wat ik zeg. Dus de volgende dag probeer ik “actief luisteren”. Ook zo’n gouden tip. “Herhaal wat je kind zegt zodat hij zich gehoord voelt.”

Lees verder onder de advertentie

Jazz: “Ik haat school.”
Ik (knikkend): “Je haat school.”
Hij: “Ja.”
Ik: “Dat klinkt alsof je school echt haat.”
Hij: “Pap… stop.”
Ik: “Je wilt dat ik stop.”
Hij: “JA. KAPPEN!”

Gesprek geslaagd. Hij voelde zich zó gehoord dat hij naar zijn kamer is gevlucht. Nog zo’n leuke tip: “Geef keuzes in plaats van opdrachten.”

Dus niet: “Trek je schoenen aan.” Maar: “Wil je je schoenen nu aantrekken of over twee minuten?” Ik probeerde het. “Wil je nu je schoenen aan, of over twee minuten?” Hij keek me aan. “Ik wil ze niet aan.” Kijk. Dat stond niet in het script.

En dan mijn absolute favoriet: “Laat ze weten dat je er altijd voor ze bent (omdat ze testen of dat wel zo is)”… Ik: “Hé liefie, ben je oké? Je weet dat je altijd bij me terecht kunt als je ergens mee zit, hè?” Mijn kids: “GAAA WEG!”

Niet alles hoeft pedagogisch verantwoord

Echt, ik denk soms dat die filmpjes gemaakt worden door ouders van peuters. Peuters vinden het nog prachtig als je zegt dat je van ze houdt. Die reageren niet met: “Cringe, pap.” Die hebben ook nog geen groepsapp. Of schaamte. Begrijp me niet verkeerd. Ik wíl best groeien. Ik wíl best zacht zijn. Maar mijn kinderen zijn allergisch voor alles wat klinkt alsof het uit een liefdevol vaderhart komt.

Lees verder onder de advertentie

Misschien is dát het echte opvoedadvies: Niet alles hoeft pedagogisch verantwoord. Soms is “Hé rare puber, kom eens hier!” ook gewoon liefde. En weet je? Later die avond kwam Jazz de huiskamer in. Ik was half in slaap gevallen op de bank. Hij pakte een deken en legde die over me heen. Toen hij wegliep draaide hij zich even om en zei: “En ik weet dat je van me houdt hoor.”

Het zit wel goed.

Meer lezen van Patrick? Hier vind je al zijn andere columns.

Lees verder onder de advertentie

Meest bekeken

Facebook Twitter Whatsapp E-mail