Rianne Arendsen (35) is onderwijskundige, docent kinderyoga, schrijver en o ja: moeder. Vooral moeder. In haar columns deelt ze haar observaties en bespiegelingen rondom het ouderschap – aanmodderen met de beste intenties. Volg Rianne ook op Substack.
Lees verder onder de advertentie
De Kleuter is geen kleuter meer. Vorige maand werd ze zes en inmiddels zit ze in groep 3. Slik. Veel tijd om daarover na te denken heb ik niet, want… Er moet een kinderfeestje worden voorbereid. Gelukkig was deze moeder er op tijd bij. De ‘save the dates’ werden al voor de zomervakantie rondgedeeld en het online verlanglijstje staat klaar. Het uitgangspunt ligt vast: zolang het wordt getolereerd, een huisfeestje.
Lees verder onder de advertentie
Vier dagen voor het feestje vinden de Echtgenoot en ik eindelijk tijd voor een vergadering. Na een korte brainstorm zegt hij: ‘Moet je niets opschrijven?’ Zelfs in deze context blijk ik de aangewezen notulist. Drie dagen later belandt er een drie pagina’s tellend draaiboek in zijn mailbox. Of hij het document, inclusief takenlijst en opdrachtkaarten, even zou willen printen?
Tijd voor feest
De voormalig Kleuter en ik doen de feestboodschappen. Enthousiast zoekt ze de meest hysterische taartjes uit – ze wordt tenslotte maar één keer zes. Thuis helpt ze met uitpakken. Op het krukje voor onze voorraadkast geeft ze blijk van onze privileges. ‘Wij zijn echt heel gelukkig!’ roept ze uit. ‘Want wij hebben héél veel eten en héél veel drinken en héél veel glazen die we nooit gebruiken!’ Rijkdom in een notendop.
Lees verder onder de advertentie
In de avonduren zit ik ijverig enveloppen in piratenthema te tekenen. Terwijl ik de randjes van de schatkaart sta af te fikken, komt de Echtgenoot verbaasd kijken of ik de barbecue heb aangestoken. Ik check nog één keer de weersvoorspelling. Zeventig procent kans op regen. En onweer.
Het is vrijdagmiddag. Bijna tijd om de jarige uit school te halen. Snel nog even de schat begraven in de voortuin. De Echtgenoot installeert zich met spade in ons overwoekerde bloemperk, ik kijk vanaf de voordeur toe. Net als ik iets proactiefs wil gaan bijdragen, begint de Echtgenoot woest om zich heen te slaan. Hij stuift de tuin uit: ‘Snel, naar binnen!’
Wespennest
Wat blijkt: niet alleen wij vonden dit een toplocatie. Bij de tweede keer dat de schep de grond in ging, werden de bewoners ruw gealarmeerd. Een ondergronds wespennest. De Echtgenoot werd direct gestoken. Ik peuter de angel uit zijn hoofdhuid, ondertussen belt hij de huisarts. Hij moet meteen langskomen. Met een icepack op zijn hoofd sjezen we naar de dokterspraktijk, ik rijd door naar school. De schatkist kijkt ons na.
De patiënt is nog niet klaar, maar ik moet weg. Om 15.00 uur staan de eerste gasten voor de deur. Tot mijn opluchting loopt het met een sisser af. Papa komt mee naar huis met een vriendinnetje. Van onze dochter, welteverstaan. Hij slaat twee paracetamol achterover en zet zijn vrolijkste glimlach op. Let’s get this party started.
Lees verder onder de advertentie
Terwijl ik de meiden afleid met felgekleurde taartjes, vertrekt de geblesseerde wederhelft opnieuw met een schep de tuin in. De achtertuin dit keer. Tijdens de speurtocht houden we het droog. De stoet prinsessen, voorafgegaan door onze jarige superheld, oogst een hoop bekijks. De schat wordt veilig opgegraven. Na snoep en limonade worden de feestgangers in onze ‘thuisbioscoop’ geïnstalleerd. Kunnen papa en mama even bijkomen.
Een echte schat
Als ik appeltjes sta te snijden voor op de pannenkoeken, komt er een treurige prinses naast me staan. Haar toverstaf is gebroken. Ik stel haar gerust: ‘Die kan mama thuis vast wel maken met secondelijm.’ De prinses denkt hier even over na. ‘Hebben jullie secondelijm?’ De appeltjes zullen moeten wachten.
Lees verder onder de advertentie
Het huisfeestje van de ex-Kleuter zit erop, tijd om de prinsessen thuis te brengen. We wandelen door de regen. Waar ik niet kan wachten om op de bank neer te ploffen, deelt de prinses naast me háár plannen voor vanavond. Vanonder haar parapluutje neemt ze zich voor: ‘Ik ga thuis vertellen dat we een echte schat hebben gevonden!’
Natuurlijk hoop je dat je kind later een beetje aardig is voor de mensen om zich heen. Dat-ie iemand helpt die valt, niet voordringt bij de bakker en ooit uit zichzelf zijn broer of zus een koekje aanbiedt. Dat laatste is misschien wat ambitieus. Maar hoe leer je een kind eigenlijk om vriendelijk en empathisch […]
Toen we de naam van onze zoon bekendmaakten, waren mijn ouders niet bepaald enthousiast. Vooral de buitenlandse uitspraak vonden ze maar overdreven. Ik dacht dat ze er vanzelf aan zouden wennen. Inmiddels is mijn zoon vier en spreken opa en oma zijn naam nog steeds anders uit.
Kinderen hebben niet veel nodig om zich urenlang te vermaken. Geef ze een lege doos en ze bouwen een huis. Een oude deken wordt een tent, een pollepel een microfoon en een wc-rolletje is binnen drie seconden een verrekijker. En soms hebben ze aan een zolder genoeg.
Erica’s dochter heeft een half jaar verkering met een jongen die ze tijdens de vakantie heeft ontmoet. Ze zijn allebei vijftien en stapelgek op elkaar. Alleen woont hij anderhalf uur verderop. Daarom wil ze bij hem blijven slapen. Erica vindt dat prima, maar haar man denkt daar héél anders over.
Je ouders konden ontzettend veel van je houden en je tóch niet altijd geven wat je emotioneel nodig had. Volgens psychologen kunnen de gevolgen daarvan zelfs als volwassene nog merkbaar zijn. En soms zit dat in kleine dingen.
Toen Louis (3) zijn ouders ervan probeerde te overtuigen dat hij prima zonder zijwieltjes kon fietsen, namen ze hem niet meteen serieus. Toch besloten Joyce en haar man de proef op de som te nemen. Dat pakte totaal anders uit dan verwacht.