Rachelle: ‘Ik geloof dat hier een bron zit van grensoverschrijdend gedrag en grenzeloosheid’

Rachelle column Beeld: Norbert Kleijn

Rachelle (38) is arts en oprichter van Practice Your Health, moeder van drie (5, 3 en 1 jaar) en op missie om een brug te slaan tussen de westerse geneeskunde en holistische gezondheidszorg. Ze ziet kinderen als spiegels van wat er écht speelt binnen het gezin. In haar columns schrijft ze over hoe we als ouders beter naar onszelf én onze kinderen kunnen luisteren.

Lees verder onder de advertentie

De puntjes

We zaten bij de kapper. Onze oudste dochter en ik. Even met z’n tweetjes. Eerst mocht zij in de stoel, daarna was ik aan de beurt. De kapster richtte zich tot haar en vroeg: ‘Wat zullen we doen?’ Timide zoals ze is, klonk er een zachte stem: ‘De puntjes.’ Met een plukje haar tussen de vingers liet de kapster zien dat ze ongeveer twee centimeter eraf zou halen. ‘Zo doen?’ Nu klonk haar stem steviger: ‘Ja.’ Meteen daarna keek de kapster mij vanuit haar ooghoek aan: ‘Vind mama dat ook oké?’ Zonder erover na te denken, reageerde ik: ‘Het is jouw haar, lieverd.’

Lees verder onder de advertentie

Wie zegt er ja of nee?

Terwijl ze werd geknipt, dacht ik na over wat er zojuist gebeurd was. Onze dochter was duidelijk in haar instemming. En toch checkte de ene volwassene goedbedoeld bij de andere volwassene of het oké was. Als maatschappij en vaak ook als ouders laten we kinderen steeds minder zelf beslissen. Zelfs over iets wat helemaal van hen is. Zo leren ze dat hun eigen ja pas telt als een groot mens ook ja knikt. En erger nog, als de grote dan nee zegt, wordt hun eigen ja onderuit gemaaid. Ik geloof dat hier een bron zit van de manifestaties die we terugzien rondom grenzen. Grensoverschrijdend gedrag. Grenzeloosheid. Niet weten waar je grens ligt, of pas achteraf merken dat iemand eroverheen ging. Een stevige JA of een stevige NEE voelen en uitspreken, of ernaar handelen, is de meest basale grens die er is. Het gaat over autonomie.

Lees verder onder de advertentie

Blije kinderen hebben autonomie

Het ging om twee centimeter haar. Dat over drie maanden alweer is aangegroeid. Een vrij onschuldige beslissing. Net als de hoofdtooien die ze op school droeg en de creatieve outfits waarin ze soms de trap afkomt. In die dingen kan weinig misgaan. Ze geven haar juist de kans om eigen keuzes te maken.

Lees verder onder de advertentie

Autonomie is volgens Michaeleen Doucleff een van de pijlers onder het opvoeden van blije en behulpzame kinderen. In haar boek Jagen, verzamelen, opvoeden, het meest waardevolle opvoedboek dat ik ken, noemt ze vier principes: samen doen, aanmoedigen, autonomie en zo min mogelijk ingrijpen. Dit leerde ze van de ouders in inheemse gemeenschappen die ze intensief bezocht. Voor hen is controle over kinderen iets schadelijks. Controle dooft de motivatie die het kind van nature heeft.
Zonder erbij na te denken gaf ik bij de kapper ruimte aan precies twee daarvan: autonomie en zo min mogelijk ingrijpen.

Experimenteren binnen een veilig kader

Laat ik ze dan ook met een fakkel in één hand over straat fietsen, in hun blootje naar de speeltuin gaan of een fles op ranja lijkende Aperol wegtikken? Nee, natuurlijk niet. Een kinderbrein – en dan bedoel ik ook puberbrein – kan consequenties nog niet goed overzien of gevaren goed inschatten.

Lees verder onder de advertentie

Het is onze taak als ouders om hun veiligheid te waarborgen. Wij bewaken de buitengrens. Daarbinnen oefenen zij aan hun eigen grenzen. Sterker nog, als er geen groot gevaar dreigt, mogen we ze als ouders best wat uitdagen. Zeker in onze overbeschermende rubber-tegel-maatschappij. In veel inheemse culturen gaat het precies andersom.

Zo leren Hadza-kinderen in Tanzania al op jonge leeftijd zelf welke planten en vruchten dodelijk zijn. Ze proeven een minuscuul stukje ervan. Als het extreem bitter of scherp is, spugen ze het meteen uit. Geen verbod of instructie van ouders. Ze leren hun eigen zintuigen te gebruiken om te beslissen. Hoe zou een rubbertegel smaken?

Lees verder onder de advertentie

Geen vlechtje

Toen de kapster klaar was, vroeg ze nog of mijn dochter zo’n ingewikkeld schuin vlechtje wilde. Ze schudde van nee. En ze kwam van de stoel af met hetzelfde halve staartje dat ze inhad voordat er een paar centimeter haar op de grond lag.

Ik gun elk kind zoveel mogelijk eigen beslissingen. Onze nederige taak is die van het ‘onzichtbaar vangnet’. En pas ingrijpen als het nodig is. Autonomie leer je niet bij de grote beslissingen. Het begint bij de puntjes.

Meer lezen van Rachelle? Haar andere columns vind je hier.

Voeg ons toe als voorkeursbron
Lees verder onder de advertentie

Meest bekeken

Facebook Twitter Whatsapp E-mail