Bernike: ‘Ik voelde mijn wangen tintelen en nam me voor om nooit meer iets persoonlijks te delen’

Bernike gastcolumn Beeld: Marlon van Efferink Fotografie
Bernike
Bernike
Leestijd: 3 minuten

Bernike (29) is getrouwd met Ruben (31) en moeder van een dochter (1). In haar columns schrijft ze scherp, geestig en met zelfspot over de realiteit van het jonge ouderschap – waarbij ze oog heeft voor het absurde in het alledaagse.

Lees verder onder de advertentie

Het was een zonnige vrijdagmorgen in april. De wereld ontwaakte. De lente ontluikte. Vogeltjes floten en het fluitenkruid tierde welig langs de snelweg – waar een half-opgemaakte, oververhitte vrouw in hoog tempo richting kantoor racete.

De aanleiding: het jaarlijkse paasontbijt. Het begon om 08.30uur en ik was zoals gebruikelijk weer eens te laat. Om 08.34uur stoof ik de kantine binnen, waar al mijn collega’s zich in vol ornaat hadden opgesteld voor de goedgevulde paastafel. De vinger van de fotograaf zweefde al boven de sluiter knop. Ik propte me haastig in een hoekje. *Klik*. Net op tijd. Een paaswonder.

Lees verder onder de advertentie

Heel. Veel. Krentenbrood

Met een zak krentenbollen in mijn hand keek ik naar mijn collega’s die zich piekfijn en in bijpassende paaskleuren hadden uitgesloofd op glaasjes trifle, zelfgemaakt granola, monchoutaartjes, lemoncurd, paasstol, fruitsalades, eieren, cake en… krentenbrood. Heel. Veel. Krentenbrood.

Een frisse verschijning kwam aanlopen – het was één van de organisatoren. Ze keek naar de zak krentenbollen in mijn hand en vroeg liefdevol: “Zal ik die even leuk op een schaaltje leggen?” Ik knikte opgelaten.

Vanwege mijn onhandige plek op de groepsfoto, stond ik als vanzelf vooraan bij de paastafel; en zo kwam het voor dat ik, die als laatste binnenkwam, als eerste in de rij bij het buffet stond. Ik laadde mijn bordje 30 centimeter hoog vol en keek achterom naar de 21 wachtenden achter me. Zwijgend schuifelde ik door. Er waren drie statafels. Ik voegde me bij het groepje collega’s dat ik het beste kende. Mijn hoofd dwaalde af naar mijn laatste column over te laat komen, terwijl ik geluidloos happen van mijn paasstol nam. Sommige mensen leren van ervaringen, bedacht ik me. Anderen publiceren ze.

Lees verder onder de advertentie

Overleden huisdieren

Plots viel het onderwerp op huisdieren. Overleden huisdieren, welteverstaan.

Onze conciërge Hendrik, een besproette grijzaard met een twinkeling in zijn blauwe ogen, vertelde hoe zijn kinderen hem ooit een vlieg lieten begraven. Hij zag nog voor zich hoe hij van lollystokjes een kruisje knutselde met twee snotterende kleuters in zijn kielzog. Een collega links van hem, vertelde over de ceremonie die ze moest organiseren voor een overleden cavia, inclusief grafrede.

Lees verder onder de advertentie

Overleden goudvissen, konijnen, honden: de verhalen volgden elkaar op. Er werd volop gesproken over de verschillende afscheidsrituelen, knutselwerkjes en huilende kinderen die het dier de volgende dag weer op wilde graven. Ik leefde op, hier kon ik over meepraten. Ik vertelde over onze hamster die ooit stil en stijf in zijn nestje lag. Dood. Althans, dat dachten wij. De volgende ochtend zagen we dat zijn grafje in de tuin was open gegraven. Dramatische pauze.

Iemand nog een krentenbol?

“Later lazen we,” zei ik, “dat hamsters in een soort coma-achtige winterslaap kunnen raken. We zullen dus nooit weten of hij nou echt dood was.”

Er viel een stilte. Iemand kuchte ongemakkelijk. Blikken werden afgewend. Ik voelde mijn wangen tintelen en nam me voor om nooit meer iets persoonlijks te delen. Gelukkig was daar de organisator met een schaaltje. “Iemand nog een krentenbol?”

Benieuwd naar meer columns van Bernike? Je vindt ze hier.

Lees verder onder de advertentie

Meest bekeken

Facebook Twitter Whatsapp E-mail