Ouders die ook later nog een hechte band hebben met hun kinderen, doen deze 6 dingen niet

moeders hechte band Beeld: Canva
Elsemieke Tijmstra
Elsemieke Tijmstra
Leestijd: 5 minuten

Als moeder ben je jarenlang druk met opvoeden. Luiers verschonen, boterhammen smeren, ruzies sussen, grenzen stellen en ondertussen hopen dat je iets goed doet en je later een hechte band hebt met je kind.

Lees verder onder de advertentie

Natuurlijk wil je dat je kind zelfstandig wordt. Dat is tenslotte het doel. Maar stiekem hoop je ook dat hij of zij later nog graag langskomt voor een kop koffie. Dat je appjes krijgt. Dat je onderdeel blijft van zijn of haar leven. Maar hoe zorg je ervoor dat die band hecht blijft, ook als je kind volwassen is?

Lees verder onder de advertentie

Opvoedcoach Reem Raouda bestudeerde honderden kinderen en zag een opvallend patroon. Ouders die een warme, hechte relatie met hun volwassen kinderen hebben, doen vaak juist een aantal dingen níét.

Deze 6 dingen doen ouders met een hechte band met hun kids níét

1. Ze proberen hun kind niet voortdurend te controleren

Soms is het ontzettend verleidelijk om alles te willen sturen. Doe dit. Doe dat niet. Trek je jas aan. Maak je huiswerk. Ruim je kamer op. Maar volgens Raouda levert verbinding op de lange termijn veel meer op dan controle.

Ouders die dicht bij hun kinderen blijven, hoeven niet altijd het laatste woord te hebben. Zij kiezen vaker voor samenwerken dan voor afdwingen. In plaats van: “Omdat ik het zeg”, zeggen ze: “Laten we samen kijken hoe we dit kunnen oplossen.” Dat voelt misschien minder daadkrachtig, maar het zorgt er wel voor dat kinderen zich gehoord voelen.

Lees verder onder de advertentie

2. Ze wuiven gevoelens niet weg

“Ach joh, zo erg is het niet.” “Wees niet zo gevoelig.” “Kom op, niet huilen.” We hebben het allemaal weleens gezegd. Vaak met de beste bedoelingen. Toch leren kinderen hierdoor onbewust dat hun gevoelens er eigenlijk niet mogen zijn.

Ouders die een sterke band opbouwen, maken emoties veilig. Ze proberen verdriet, boosheid of teleurstelling niet meteen op te lossen, maar erkennen eerst wat hun kind voelt. Soms is een simpele: “Dat was echt rot hè?” al genoeg. Want niet elk gevoel hoeft gefikst te worden.

3. Ze proberen hun kind niet te veranderen

Sommige kinderen zijn rustig. Andere zijn luidruchtig. Sommigen zijn gevoelig. Anderen juist heel uitgesproken. En niet iedere eigenschap past altijd binnen het plaatje dat we vooraf in ons hoofd hadden. Toch voelen kinderen haarfijn aan wanneer ze het idee krijgen dat ze anders zouden moeten zijn.

Ouders die dichtbij hun kinderen blijven, geven hun kind het gevoel: jij mag er zijn zoals je bent. Dat betekent niet dat alles zomaar mag. Wel dat een kind nooit het gevoel krijgt dat het een probleem is dat opgelost moet worden.

4. Ze koppelen eigenwaarde niet aan prestaties

Een goed rapport, een gewonnen wedstrijd, een diploma. We zijn trots op onze kinderen als ze iets bereiken. Logisch. Maar kinderen hebben ook behoefte aan ouders die er net zo goed zijn wanneer iets mislukt.

Die niet alleen vragen: “Heb je gewonnen?” Maar ook: “Hoe voelde dat voor je?” Kinderen die weten dat ze geliefd zijn, ongeacht hun prestaties, ontwikkelen vaak meer zelfvertrouwen én blijven makkelijker verbonden met hun ouders.

5. Ze oordelen niet op de momenten dat het er juist toe doet

Een fout gemaakt? Gelogen? Een verkeerde keuze gemaakt? Dat zijn vaak precies de momenten waarop ouders schrikken, boos worden of direct met een oordeel klaarstaan. Maar juist dan hebben kinderen behoefte aan een veilige plek.

Ouders die een sterke relatie behouden met hun kinderen, reageren vaker met nieuwsgierigheid dan met veroordeling. In plaats van: “Waar was je nou weer mee bezig?” Vragen ze: “Vertel eens wat er gebeurde.” Dat betekent niet dat er geen grenzen zijn. Wel dat een kind zich veilig genoeg voelt om eerlijk te blijven.

6. Ze durven sorry te zeggen

Misschien wel de lastigste van allemaal, want hoe graag we het ook goed willen doen: we maken fouten. We reageren te fel. Trekken verkeerde conclusies. Hebben een slechte dag. Ouders die een hechte band met hun kinderen hebben, durven dat toe te geven.

Een oprechte: “Dat had ik anders moeten aanpakken. Het spijt me,” doet meer voor een relatie dan veel mensen denken. Sterker nog: kinderen leren hierdoor dat fouten maken menselijk is én dat relaties hersteld kunnen worden.

Uiteindelijk draait het om verbinding

Geen enkele ouder doet dit allemaal perfect. Gelukkig maar. Kinderen hebben geen perfecte ouders nodig. Wat ze nodig hebben, zijn ouders bij wie ze zich gezien, gehoord en geaccepteerd voelen.

Ouders bij wie ze terechtkunnen als het goed gaat, maar vooral ook als het even helemaal niet goed gaat. En misschien is dat wel de mooiste gedachte van allemaal: dat de kleine momenten van verbinding van nu, de basis leggen voor de relatie die je later met je volwassen kind hebt.

Kinderen hebben vaak veel meer behoefte aan positieve aandacht dan we denken. Ouders die de 5:1 regel aanhouden, versterken de band met hun kind. Je leest er hier meer over.

Bron: CNBC

Lees verder onder de advertentie

Meest bekeken

Facebook Twitter Whatsapp E-mail