Barbara Sloesen bevallen van zoontje: ‘Tussen hoop en vrees op de intensive care geleefd’
Het mooiste nieuws, met een randje. Barbara Sloesen is moeder geworden.
Beeld: Canva
Oke, luister: trauma uit iemands jeugd is geen verhaal dat stopt bij de ouder zelf. Onderzoek laat zien dat wat een moeder als kind heeft meegemaakt, weldegelijk doorwerkt in hoe haar kinderen zich voelen, gedragen en zelfs presteren op taal en rekenen.
Voordat je in de verdediging schiet: dit komt natuurlijk niet omdat die moeders iets “fout” doen. Uit het onderzoek blijkt dat het komt, omdat die vroegere ervaring het leven en de omgeving van het gezin verandert. En daar hebben kinderen last van.
Wetenschappers volgden 501 gezinnen in de regio Toronto van toen de kinderen 2 maanden oud waren tot ze 5 jaar werden (de gezinnen werden tussen 2006–2008 geworven). Moeders vulden vragenlijsten in over wat zij als kind hadden meegemaakt — denk aan lichamelijke of seksuele mishandeling, alcohol/drugs thuis, psychische ziekte in huis, scheiding van ouders en blootstelling aan geweld — én over hun huidige financiële situatie, relatieproblemen en depressieve klachten. Vaders meldden of ze vroeger gedragsproblemen hadden gehad en onderzoekers keken naar hoe ouders met hun kinderen omgaan. De kinderen zelf werden door ouders beoordeeld op emotionele en gedragsproblemen en kregen gestandaardiseerde tests voor cognitieve ontwikkeling.
De belangrijkste vondst: moeders’ jeugdtrauma hangt samen met meer emotionele en gedragsproblemen bij hun kinderen en met verschil in cognitieve scores, maar meestal indirect. Dat betekent: het trauma beïnvloedt andere dingen (zoals geld, mentale gezondheid en relatieproblemen), en die dingen beïnvloeden op hun beurt het kind.
Een paar concrete vondsten uit het onderzoek:
Het onderzoek ondersteunt wat de auteurs noemen een interactionistisch model: kwetsbare ervaringen uit de kindertijd beïnvloeden het volwassen leven (werk/inkomen, partnerkeuze, geestelijke gezondheid), en die factoren vormen de opvoedomgeving van kinderen. Zo ontstaan risicovolle situaties die generatie-overstijgend werken.
Goed nieuws: dit klinkt misschien dramatisch, maar dat is het niet. Er zijn duidelijke aanknopingspunten om iets aan te veranderen. De studie suggereert dat gerichte ondersteuning van jonge gezinnen écht verschil kan maken: financiële hulp, betaalbare kinderopvang, vroegtijdige mentale-gezondheidszorg voor ouders en programma’s die sensitief ouderschap trainen. Screening op adverse childhood experiences in moeder- en kindzorg kan helpen risicogezinnen vroeg te bereiken. Maatregelen als financiële hulp en goede, betaalbare kinderopvang laten in ander onderzoek al zien dat ze stress verminderen bij de ouders en daarmee de uitkomsten van de kinderen kunnen verbeteren.
Kortom: wil je de vicieuze cirkel doorbreken? Pak meerdere dingen tegelijk aan — geld, geestelijke gezondheid en de interactie tussen ouder en kind — en vergeet niet dat ondersteuning meer helpt dan schuldgevoel. Vraag eens na bij de gemeente wat zij voor je kunnen betekenen als je het zwaar hebt, of vraag hulp bij de huisarts bij mentale klachten. It takes a village to raise a child. You got this, mama!
Columnist Bernike besefte: je moet ook aan jezelf denken als moeder. Soms ben je nu eenmaal half moeder, half patiënt. Je leest het hier.
Bron: PsyPost