samen opvoeden hij softie ik bitch
Beeld: Unsplash

Jij bent van nee is nee en nu is het afgelopen, je man zwicht al als de kinderen over zijn wang aaien. “Hij vindt mij Cruella, ik vind hem veel te weekhartig.”

Valerie (40): “Het principe ‘laat maar even huilen’, is Joost volledig vreemd. Ik laat ze rustig even mopperen in bed, hij vindt dat zielig.
Ik vind dat je echt niet direct hoeft te rennen en vliegen als je peuters een kik geven. Het is ook wel een praktisch ding: ik werk vanuit huis en vaak komt het me nog niet uit dat ze al wakker zijn van hun middagslaapje en moet ik nog even snel een mailtje sturen of iets afmaken.

De dagen dat Joost thuis is, is dat allemaal anders. Het zijn zíjn vrije dagen, zijn dagen met de kinderen; hij zit er dan ook echt klaar voor weer iets leuks met ze te gaan doen. ‘Wat slapen ze lang hè’, hoor ik hem regelmatig zeggen. En dan gaat-ie met een bezorgd gezicht aan hun deur luisteren of ze nog wel ademen.
 

Streng met duidelijke regels

Mijn kinderen met Joost zijn mijn tweede leg. Ik heb een puber uit mijn eerdere relatie en ben daardoor misschien wel iets meer door de wol geverfd. Ik heb er na mijn scheiding een paar jaar alleen voor gestaan en dat vormt je wel. Ik ben streng en hou graag vast aan duidelijke regels. Daardoor kom ik misschien wat bitchy over, helemaal naast Joost die de touwtjes laat vieren. Ik zie mijn schoonmoeder weleens afkeurend kijken als ik de regie overneem wanneer de kinderen weer eens als twee hyperactieve stuiterballen de tent afbreken.

Joost heeft zijn lieve karakter niet van een vreemde. Als de kinderen te ver gaan, ga ik op mijn strepen staan. Dan vraag ik het niet met zoetgevooisde stem, maar deel ik een bevel uit. Het werkt - meestal. Soms ben ik te streng. Dan sla ik de plank mis en grijp ik in als ze naar mijn mening veel te veel herrie maken, terwijl ze juist heerlijk in hun spel opgaan. Ik merk overigens altijd direct aan hun reacties of mijn strengheid terecht is. Als ze echt stout zijn, binden ze in na mijn optreden. Als ik het verkeerd inschat, komen er direct tranen. Dan voel ik me wel schuldig ja. Helemaal als ze dan hun troost zoeken bij mijn hun vader.”
 

Liever strikt dan soft

Lizzie (41): Onze dochters Esmee en Tessa hoeven maar met hun ogen te knipperen of Richard zwicht. Als ze iets echt héél graag willen, een ijsje bijvoorbeeld, kruipen ze op zijn schoot en aaien ze over z’n wang. Dan zie ik de glimlach al op zijn gezicht doorbreken. Ik kijk altijd vol verbazing naar dat toneelstukje. Ik trap er niet in, Richard gaat altijd voor de bijl. Ik ben consequenter dan Richard. Een besluit heroverwegen doe ik niet snel, ik denk dat kinderen dan een loopje met je gaan nemen. Als ik een van de kinderen naar de gang of kamer stuur, vindt Richard dat zielig. Achteraf vind ik weleens dat ik iets milder had kunnen zijn. Dan reageerde ik net iets te fel, omdat ik op dat moment ergens over piekerde. Het wordt me dan gewoon even te veel. Toch ben ik liever strikt dan soft.”
 

'Ik de bad cop, hij de good cop'

Lucinda (47): “Ries heeft na de geboorte van onze dochter Sky zijn carrière enkele jaren on hold gezet om voor haar te zorgen. Ik wilde fulltime blijven werken, hij wilde iedere seconde bij Sky zijn. Al tijdens de zwangerschap was hij enorm betrokken. Ries voelt Sky heel goed aan, ze hebben een ontzettend sterke band. Hij is een man van de dialoog en kan eindeloos met Sky in overleg gaan. Ik niet. Nee is bij mij nee. Ik ga niet over alles discussies voeren met een tienjarige. Ik ben thuis de bad cop, Ries de good cop.

Sky weet dan ook al vanaf dat ze heel klein is perfect met welke vragen ze beter bij haar vader dan bij haar moeder aan kan kloppen. Bij Ries krijgt ze veel meer voor elkaar. Op het gebied van koek en snoep zijn we allebei streng, maar als ze bijvoorbeeld valt, rent ze huilend naar haar vader die haar liefdevol troost. Sta ik daar met lege uitgestrekte armen.

Ik vind het wel heel lief ze zo samen te zien. Zo zorgzaam als Ries is voor onze dochter, zo is hij ook voor mij. Ik stoor me er nooit aan, andersom kan Ries mij weleens op de vingers tikken als ik weer iets te veel in de Cruella-modus zit. Ik denk dat we elkaar aardig in balans houden; ik heb ballen, Ries is zacht.”
 

Bevangen door vaderliefde

Esther (39): “Ik heb twee kinderen uit een eerder huwelijk en Thom vond mij in onze begintijd weleens niet streng genoeg. Nou laat ik inderdaad veel toe, maar als het erop aankomt, stel ik mijn grenzen. Tijdens de zwangerschap van ons gezamenlijke kind had Thom het opvoedkundig draaiboek in gedachten al helemaal klaarliggen. Hij zou superconsequent zijn, met strakke hand regeren en nee zou bij hem nee zijn. Ik knikte braaf tijdens die hoogdravende betogen. Thom zou niet de eerste man zijn die door vaderliefde bevangen zou raken.

En ja hoor, vanaf het allereerste moment dat hij onze nu driejarige dochter Lily in zijn armen kreeg, werd Thom vloeibaar. Hij aanbidt de kleine prinses en loopt ’s avonds zonder overdrijven wel tien keer naar boven om nog even een knuffel te geven, water te pakken, een liedje te zingen of antwoord te geven op de prangende vraag ‘mag ik morgen een roze ijsje?’ Ze speelt een spelletje met hem en hij lijkt het geweldig te vinden.

Aan het einde van de dag ben ik doodop, dan ga ik toch niet nog tien keer de trap op? Na één keer laat ik haar dat ook weten: ‘Je mag nu alles vragen wat je nog wilt vragen, maar als ik de deur zo dichtdoe, kom ik écht niet meer boven, hoe hard je ook gilt.’”
 

Lees ook
Mama is zus, papa is zo: deze ouders zijn heel verschillend >

 

'Ik ga niet op dat gezeur in'

Suzan (46): “Karel voert eindeloze discussies met zijn zoon. Dan hoor ik vierjarige Bas zeggen: ‘Nee, ik ga niet douchen, ik wil dat niet...’ En dan volgt er steevast van Karel een uitgebreide onderbouwing waarom Bas maar beter toch even onder de douche kan gaan. Ik ga niet op dat gezeur in. Zwijgend kleed ik Bas uit en alle protesten ten spijt, zet ik hem onder de douche – waar hij dan vervolgens niet meer onder vandaan wil. Door mijn eigen strenge opvoeding van vroeger, pak ik Bas ook heel consequent aan.

Ik zou wat dat betreft best wat milder kunnen zijn, besef ik weleens. Ik heb dat consequente vroeger immers zelf ook niet altijd leuk gevonden. Waar bij mij de verhouding streng/lief 80%/20% is, liggen die verhoudingen bij Karel precies andersom. ‘Papa is mijn vriendje’, zegt Bas dan ook. Dat vind ik ook wel weer heel leuk om te horen, maar ik vind het ergens niet kloppen. Wij zijn niet zijn vrienden, maar zijn ouders.”
 

Lief met één doel voor ogen

Sophie (38): “Doordeweeks, als Maarten werkt, vinden de kinderen mij oké. In het weekend zak ik een plaats op de ranglijst en scoort Maarten door vrijwel alles goed te vinden. Dat zorgt nog weleens voor wrijving. We hebben drie jongens van elf, negen en vijf die het liefst de hele dag met een laptop op schoot zitten. Ik kan ze niet strenger straffen dan ze dat verbieden. Mogen ze er van Maarten even later toch weer op. ‘Ze waren zo lief’, zegt hij dan. Ja, ze waren hartstikke lief, maar wel met maar één doel voor ogen: die laptops terugkrijgen.”
 

'Ik word er gek van'

Alie (35): “Lawaai maakt de bitch in me los. Onze dochters kunnen behoorlijk aanwezig zijn; dansen, zingen, rare en luide stemmetjes opzetten. Dat laat Peter gewoon gebeuren, ik word er gek van. Misschien omdat ik zo veel aan mijn hoofd heb.

Waar Peter en ik ook anders in staan, is het onderbreken van gesprekken. Zijn we in goed gesprek met vrienden, moet onze jongste ineens iets ontzettend dringends vertellen. Peter staat dat toe, ik grijp in en zeg dat ze maar eventjes moest wachten. Met dat dringende valt het overigens altijd mee.”
 

Dit artikel staat in een Kek Mama Opvoedspecial en is al een keer eerder gepubliceerd.

 

 

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >

nipt-zwangere-vrouwen

Door de NIPT kun je tijdens je zwangerschap zien hoe groot de kans is dat jouw baby het down-, edwards- of parausyndroom heeft. Maar hoe werkt zo'n test precies? Wanneer kun je 'm doen? En wordt-ie ook vergoed? Wij zochten het voor je uit. 

Want waar de test lange tijd alleen beschikbaar was voor zwangeren met een verhoogde kans op een kind met een chromosoomafwijking, mag sinds april 2017 iedere vrouw er gebruik van maken. Als je er behoefte aan hebt, dan. En als je betaalt, want vrijwillige deelname kost € 175 en wordt niet vergoed door de zorgverzekering.

 

DNA

NIPT betekent 'Niet-Invasieve Prenatale Test' en is een onderzoek dat bestaat uit het afnemen van een paar buisjes bloed. Hierin zit erfelijk materiaal (DNA) van de placenta dat bijna altijd hetzelfde is als dat van je kind. Zo kan het laboratorium dus, veilig én zonder het risico op een miskraam, onderzoeken of jouw baby het down-, edwards- of patausyndroom heeft. Wel goed om te weten: je kunt de test pas laten doen vanaf elf weken zwangerschap. 

 

Nevenbevindingen

Het laboratorium kan terwijl ze de NIPT uitvoeren ook zien of je kind andere (zeldzame) chromosoomafwijkingen heeft: die worden nevenbevindingen genoemd. Je mag zelf beslissen of je deze wilt weten en kunt dan ook kiezen uit twee mogelijkheden:

  1. Je wilt je kind alleen laten screenen op down-, edwards- en patausyndroom. Het laboratorium weet dan ook niet of er nevenbevindingen zijn.
  2. Je wilt je kind laten screenen op down-, edwards- en patausyndroom én je wil weten of het laboratorium nevenbevindingen heeft gevonden.

 

Lees ook
Extreme zwangerschapsmisselijkheid: ‘Zelfs een slokje water kwam er meteen weer uit’ >

 

Uitslagen

Na tien dagen krijg je de uitslag van je gynaecoloog of verloskundige. Als je ervoor hebt gekozen ook nevenbevindingen te willen horen en het laboratorium heeft deze gevonden, dan word je meestal gebeld door het Centrum voor Prenatale Diagnostiek of een polikliniek klinische genetica van een universitair ziekenhuis. De uitslagen die je kunt krijgen zijn: 

 

‘U bent waarschijnlijk niet zwanger van een kind met down-, edwards- of patausyndroom.’

Deze uitslag klopt bijna altijd: minder dan één op de duizend zwangere vrouwen blijkt achteraf toch zwanger van een kind met down-, edwards- of patausyndroom. Bij deze uitslag krijg je geen vervolgonderzoek.

 

‘U bent mogelijk zwanger van een kind met down-, edwards- of patausyndroom.’

  • Bij 75 van de 100 vrouwen die de uitslag krijgen dat ze mogelijk zwanger zijn van een kind met downsyndroom, klopt dat inderdaad; 25 vrouwen zijn dus niet zwanger van een kind met downsyndroom.
  • Bij 24 van de 100 vrouwen die de uitslag krijgen dat ze mogelijk zwanger zijn van een kind met edwardssyndroom, klopt dit inderdaad; 76 vrouwen zijn dus niet zwanger van een kind met edwardssyndroom.
  • Bij 23 van de 100 vrouwen die de uitslag krijgen dat ze mogelijk zwanger zijn van een kind met patausyndroom, klopt dit inderdaad; 77 vrouwen zijn dus niet zwanger van een kind met patausyndroom.

Als je echt zekerheid wilt hebben, kun je alsnog een vlokkentest of vruchtwateronderzoek laten doen.

 

‘Er is een nevenbevinding gevonden.’

Je krijgt dan uitleg over wat precies er is gevonden en wat dit mogelijk voor jou en/of voor je kind betekent. Je krijgt hiervoor een uitnodiging voor een gesprek op een polikliniek klinische genetica van een universitair ziekenhuis, waarin je meer informatie over de nevenbevinding krijgt en wat de mogelijkheden zijn.

 

‘Er is geen nevenbevinding gevonden.’

Als er in de uitslag niets staat over nevenbevindingen, dan betekent dit dat er ook geen nevenbevindingen zijn gevonden.

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >
longontsteking-kinderen-symptomen-behandeling

In Nederland krijgen elk jaar gemiddeld 25.000 kinderen een longontsteking. Vaak is die na een week of twee wel genezen, maar het kan ook maanden duren voordat een kind weer de oude is.

'Op tijd behandelen voorkomt erger', zegt Michael Rutgers, directeur van het Longfonds. In onderstaande antwoorden lees je hoe.

 

Wat is een longontsteking? 

Longontsteking is een ontsteking van de longen door een virus of bacterie en komt bij kinderen redelijk vaak voor. De kans om het te krijgen is het grootst bij baby's jonger dan één jaar, omdat hun afweer nog in ontwikkeling is. Zowel één als beide longen kunnen ontstoken zijn: wanneer beide longen ontstoken zijn, spreek je van een dubbele longontsteking.

 

Wat is de oorzaak? 

Meestal een virus of bacterie. Een gewone griep of verkoudheid, bijvoorbeeld. Tegenwoordig worden kinderen op het consultatiebureau ingeënt voor de pneumokokken bacterie. Hierdoor is de kans op een longontsteking door deze bacterie veel kleiner geworden. Wel heeft je kind meer kans op een longontsteking als hij een afweerstoornis, cystic fibrosis, PCD, een ontwikkelingsachterstand of last van spierzwakte heeft.

Oh, en dat je ziek kunt worden van kou is trouwens een fabel: virussen en bacteriën zijn altijd actief, of het nu warm of koud is, maar in de wintermaanden zitten we veel meer binnen (met ramen gesloten) en dichter op elkaar. De kans dat virussen aan elkaar worden overdragen, is daardoor groter.

 

Lees ook
VIDEO: dit is het verschil tussen griep en verkoudheid >

 

Wat zijn de symptomen? 

Eigenlijk krijgen kinderen vergelijkbare klachten als bij griep, maar dan een tikkie heftiger. Een paar voorbeelden: benauwd, kortademig, ophoesten van slijm (soms met wat bloed), moe, rillen en koorts.

 

Hoe behandel je een longontsteking?

Vermoed je dat je kind een longontsteking heeft, neem dan contact op met de huisarts. In de meeste gevallen schrijft hij of zij dan een antibioticakuur voor. Althans, als de oorzaak een bacteriële infectie is. Aan een virale infectie kan de huisarts weinig doen en dan is het een kwestie van uitzieken. Bij koorts of pijn mag je doorgaans gerust een pijnstiller geven.

Zijn de klachten na drie dagen antibiotica nog niet minder of wordt je kind steeds zieker? Bel dan de huisarts nog een keer. Bij een ernstige longontsteking wordt een kind opgenomen in het ziekenhuis. Daar krijgt-ie een hogere dosis antibiotica toegediend via pillen of een infuus.

 

Wat kun je zelf doen?

De kuur afmaken, je kind goed laten uitrusten én veel laten drinken: voor baby's tot zes maanden geldt ongeveer 150 ml per kilo lichaamsgewicht per dag, borstvoeding kan op verzoek. Baby's van zes maanden en ouder hebben per dag ongeveer 100 ml nodig per kilo lichaamsgewicht. Kinderen vanaf één jaar zes tot zeven bekertjes per dag van ongeveer 75 ml. Gaat drinken moeizaam? Probeer eens thee zonder suiker, diksap of dunne pap - dan krijgen ze toch het nodige vocht binnen.

 

Bron: Longfonds

 

Nog meer Kek Mama?
Volg ons op Facebook en Instagram. Of schrijf je hier in voor de Kek Mama nieuwsbrief >